Tuin van de Zeven Momenten in de Zwitserse Alpen

De Garden of the Seven Moments is prachtig gelegen in de Zwitserse Alpen in het het plaatsje Ticino. Het ontwerp is gemaakt in 2013 en gebouwd en aangelegd in 2014 en 2015. Het ontwerp is van landschapsarchitect Atelier De Molfetta & Strode uit Lugano.

De tuin bestaat dus uit zeven met elkaar verweven momenten, dus ook in zeven verschillende tuinmomenten. Elke van deze momenten zijn bijzonderheden met een directe connectie met het omliggende landschap. Hierbij maakt de ontwerper gebruik van uitzichten, paden en sporen .

De onmiddellijke omgeving rond het huis wordt bepaald door een glooiende schaduwtuin die de entree met de lager gelegen terrassen verbindt. Het tweede moment is een geheime bamboe passage die de dwalende bezoeker in een spel van licht aan het einde van de zichtas lokt met het geluid van water dat uit een druppelende rotsfontein komt.

Het derde moment is een border met vaste planten en heesters die een lange zwarte muur aan de rand van het pand via een zachte grashelling met elkaar verbindt. Het vierde moment wordt gevierd door een ruime gemengde rand van kruidachtige en onderhoudsarme bloeiende vaste planten die op een duidelijke manier de seizoensveranderingen aan ons tonen.

Het vijfde moment is gewijd aan de teelt van fruitbomen op een spontaan weiland, op terrasvormige hellingen, die ooit deel uitmaakten van een uitgebreide wijngaard. Het zesde moment is een verrassing voor de zintuigen en vindt plaats onder een vrijstaande pergola, beplant met sterk geurende jasmijn (Jasminum) en blauwe regen (Wisteria) het geheel vormt een schaduwrijk toevluchtsoord naast het zwembad.

Het zevende moment staat in het teken van rust, zelfreflectie en de beschouwing van een specifiek uitzicht op het meer en de bergen in de verte. Tijd is hier de hoofdrolspeler en alleen door deze plek aan het einde van een pad te bereiken, kan men een reden vinden om te pauzeren en misschien even te mediteren.

Het project introduceert een nieuw concept van een ontworpen, nagebootste wildernis in de regio, traditioneel gekenmerkt door statische tuinen die decennia lang besluiteloos tussen het schilderachtige Alpengebied en het exotische mediterrane landschap hebben gestaan. Om te breken met de herhaling van dit monumentale patroon, introduceert het landschapsproject voor deze tuin een geselecteerde mix van inheemse en niet-inheemse vaste planten, heesters en grassen, die erin slagen het architecturale aspect van het glooiende landschap te verankeren.

demolfettastrode.com

Wies Voesten’s Passie voor planten – Cyclamen

Passie voor planten

Cyclamen……………..

“Heb jij nog wensen voor je tuin in het nieuwe jaar”, werd mij de afgelopen dagen gevraagd. Daar had ik gelijk een antwoord op: “Voor 2019 zijn een paar mooie regenbuien ‘op maat’ zeer gewenst, vooral vanaf mei tot augustus”. Mij hoor je niet echt klagen over de droge zomer van 2018. Het kostte wel heeeeel veeeel extra werk en tijd om alles een beetje nat te houden, maar hier was wel genoeg grondwater voorradig. Helaas bevat dat water veel ijzer en zout: we konden de borders er niet mee beregenen, maar gelukkig wel mee bevloeien (vandaar dat ‘extra werk en tijd’). De 300 mm regen die we te weinig hebben gehad, is in de natte decembermaand, met maar 10 zonnige dagen, teruggebracht tot 200 mm. Om het voorjaar niet te starten met een tekort, moeten er in de komende maanden eigenlijk nog wel wat buien (op maat) vallen ………………

Op zich ben ik aardig tevreden over de tuin, al streef ik er naar, dat het natuurlijk altijd beter en mooier kan. Op bezoek in andere tuinen, of bij kwekerijen heb ik het meest oog voor opvallende planten met een mooie bladkleur, -vorm en/of -structuur. Planten bloeien veelal zo’n 4 tot 8 weken, maar wanneer ze daarnaast ook nog sierlijke rode, grijze of zelfs bonte bladeren hebben, blijft een border toch wat langer boeien.

Cyclamen hederifolium foto; Wies Voesten De Stekkentuin

Elk jaar zijn wij vanaf begin januari dagelijks, tussen de bedrijven door, in de tuin te vinden (voor zover het weer dat toelaat). We beginnen met het knippen van helleborusbladeren: door de grote hoeveelheid planten, zijn we daar wel even zoet mee. Maar na al die feestdagen, is het een lust om weer buiten bezig te zijn. Naast Helleborussen vol knoppen en soms ook al met bloemen, genoten we de afgelopen dagen ook al van de eerste bloeiende sneeuwklokjes en van veelbelovende groeipuntjes van irisjes, krokussen, scilla’s, muscari en allerlei andere bolletjes.

Meest opvallend in deze tijd zijn de cyclamen, die hier in grote getalen staan.
Allemaal gekozen om hun prachtige bladeren. De bloemetjes zie ik meer als toegift. Vroeger ben ik ooit begonnen met een paar ‘kamer’-cyclamen, maar die knollen kon ik niet in leven houden: ze stonden of te nat of te droog.
Kort daarna ontdekte ik de tuincyclamen. ‘Voorzichtig’ zijn er 2 exemplaren met verschillende bladvormen aangeschaft: dit om te kijken hoe ze het op de kalkgrond in de polder zouden gaan doen. Dat pakte goed uit: ze hadden het enorm naar hun zin, want het jaar erop stonden er zelfs al een paar zaailingen. Vervolgens heb ik mij wat meer verdiept in het Cyclamen assortiment: dat bleek toch aardig wat meer te omvatten, dan de twee soorten die ik had. Nu ben ik niet zo, dat ik gelijk op jacht ga, maar als ik tijdens mijn uitjes ergens Cyclamen ontwaar, MOET ik even een kijkje nemen. Je weet maar nooit of er wat ‘nieuws’ voor mij tussen zit. Het grijs, groen, of groen- grijs getekend/gemarmerd blad heeft een onweerstaanbare aantrekkingskracht op mij. En dan praat ik nog niet eens over die soorten met een bijzondere kerstboomachtige ‘tekening’ in het midden.
In de loop der jaren staat hier een aardige Cyclamen collectie: gekochte (je moet ergens beginnen), maar ook gekregen en geruilde exemplaren en niet te vergeten: de vele zaailingen die hier ondertussen te vinden zijn. Officiële variëteitsnamen heb ik niet (op een paar na), want deze zaailingen hebben wat van de één en wat van de ander meegekregen, waardoor ze niet soortecht zijn.

Cyclamen hederifolium foto; Wies Voesten De Stekkentuin
Cyclamen hederifolium foto; Wies Voesten De Stekkentuin

De twee hoofdsoorten die hier groeien zijn:
1). De herfstbloeiende Cyclamen hederifolium met roze, witte of paarse bloemen, die zich vanaf augustus tot in november laten zien. Tijdens de bloei ontwikkelen zich de bladeren: hartvormig gelobd, vaak gekarteld. De naam Hederifolium zegt het al: dit blad lijkt erg veel op dat van de Hedera (klimop). De planten die hier staan zijn allemaal net even anders: de meesten hebben een opvallende ‘kerstboom’ tekening in het blad, maar er zijn ook mooie effen zilvergrijs- en groengrijs bladigen in de borders te vinden: echte blikvangers.
2). Cyclamen coum staan hier al heel wat langer in de tuin, in meerdere variaties. De kleine niervormige, bijna ronde blaadjes verschijnen in oktober. Ze zijn egaal groen, zilverkleurig, gemarmerd of met een mooie tekening. Coum bloeit van december tot in april met witte, roze of paars-rode bloemen. Ook bij dit soort zijn voor mij de bloemen ondergeschikt aan het blad, waarvan zelfs de onderkant mooi is: roodachtig paars. Vooral de zilverkleurige variëteiten staan prachtig tussen helleborussen, sneeuwklokjes en het ‘zwarte gras’: Ophiopogon planiscapus ‘Niger’.
Er zijn meerdere soorten cyclamen, maar die vereisen vaak meer aandacht: veelal zijn ze niet of minder geschikt voor onze tuin, omdat ze extra gevoelig voor vocht en/of vorst zijn.

Cyclamen coum foto; Wies Voesten De Stekkentuin

Cyclamen zijn knollen en voelen zich helemaal thuis in onze kalkgrond. Ze prefereren een licht beschaduwde plek, in goed doorlatende humusrijke grond. Om te zien wat je koopt, kun je beter geen ‘kale’ knollen kopen, maar opgepotte exemplaren met blad. Plant ze op een diepte van 8-10 cm en zorg dat ze een beetje schuin komen te staan: in de bovenkant van deze knollen zit nl. een soort kuiltje. In natte periodes zou er te lang water in kunnen blijven staan en dan zouden de knollen kunnen wegrotten. Cyclamen zijn goed winterhard: sommige soorten schijnen wel tot –25 graden te verdragen. De koude winters van 2012 en 2013, met tot –min 19 graden, hebben ze hier in elk geval glansrijk doorstaan.

Cyclamen coum foto; Wies Voesten De Stekkentuin

Eind april/begin mei sterft het blad langzaam af en gaan de knollen ‘slapen’. Hier en daar zet ik dan stokjes bij ter herinnering (ik word een dagje ouder ). Elk jaar in december wordt er een laagje compost bij gestrooid en daar gedijen ze goed op. Voor Cyclamen geldt: hoe langer ze op dezelfde plek staan, hoe uitbundiger de bloei en ergens heb ik gelezen, dat ze wel 100 jaar kunnen worden.
Hopelijk kan ik nog jaren van deze prachtige Cyclamen genieten (andersom is maar de vraag……………. )
Nog de beste wensen voor het nieuwe jaar, met heel veel tuinplezier.
Tot de volgende maand……..
Wies Voesten.

Cyclamen coum foto; Wies Voesten De Stekkentuin

Bekijk ook de website van De Stekkentuin

GO WILD! – Gras vervangen door een Bloementapijt

Het bekende plaatje van een gazon wat bestaat uit slechts enkele grassoorten kunnen we duidelijk zien als een monocultuur. Omdat we in de serie GO WILD! een zo natuurlijk mogelijke tuin nastreven past daar een monocultuur uiteraard niet bij. In de natuur bestaan immers ook geen monoculturen en gras is er meer dan genoeg.

Gras in overvloed

In de V.S bijvoorbeeld bestaan veel tuinen voor het overgrote deel uit gras. Er is in de Amerikaanse tuinen zoveel gras dat een oppervlakte van Engeland en Wales tezamen gevuld kan worden met alleen maar gras. In het V.K. is er genoeg gras om Greater London in zijn geheel te voorzien van gras. Dat is dus gras tot aan de horizon! Hoeveel zal dat in De Lage Landen zijn?

In eerdere berichten gingen we al uitgebreid in op manieren waarop we het gazon konden veranderen in een bloemenweide. In deze episode gaat het over een vierjarig  PhD research project aan de universiteit van Reading (faculteit biologische wetenschappen) van de Brit Lionel Smith met als sponsor o.a de Royal Horticultural Society (RHS).

Grass-free lawns

De locatie voor de proefopstelling was het Avondale Park nabij Notting Hill in Londen.  Het resultaat kan wellicht nog het beste omschreven worden als een bloementapijt met het uiterlijk van een lappendeken. Door vanaf het begin grassen uit te sluiten, kunnen andere geschikte plantensoorten worden gebruikt. Op een manier die vergelijkbaar maar verfrissend verschilt van die van conventionele gazonzoden met monocultuur.

Onderzoek wijst uit dat een bloementapijt tot 90% meer bloemen kan produceren, meer dan 25% meer insectenleven kan bevatten en tot tien keer zoveel bezoeken van tweemaal zoveel bestuivers als grasplanten.

Het monocultuur gazon is ook wel beschreven als een ‘groene woestijn’, omdat er regelmatig gemaaid moet worden en gras-monocultuur niets heeft te bieden voor zowel andere planten of bestuivers.

Wat ook uw mening is over deze lappendeken van planten, u kunt het altijd aanpassen. In ieder geval is de  biodiversiteit groter en is het een belangrijk stuk duurzamer.

o.a; Ajuga reptans ‘Chocolate Chip’ – Mentha requienii – Taraxacum pseudoroseum

Het maaien wordt tot 2/3 verminderd, de regenval kan tot twee keer zo snel worden opgevangen als een grasveld en tapijtgazons hebben geen extra bemesting nodig.

Net als madeliefjes in traditionele gazons zullen grassen onvermijdelijk verschijnen, tenzij ze worden verwijderd. Maar met meer bloemen, veel minder maaien en geen bemesting, is het een spannende nieuwe manier om het eerbiedwaardige tuingazon te bekijken en te beheren.

o.a; Potentilla neumannia ‘nana’- Trifolium repens atropurpurea
Ajuga reptans ‘Burgundy Glow’, Mazus reptans, Cotula hispida en Lotus maculatus

Een grasvrij gazon kan worden belopen maar is niet geschikt voor intensief gebruik zoals sporten. Lopen, zelfs als het alleen tijdens het maaien is, helpt de planten ingedrukt te houden en kan hun groeipatroon beïnvloeden (Thigmomorphogenesis).

Veel van de plantensoorten die worden gebruikt, b.v. madeliefjes, klaver, boterbloemen enz. kunnen al worden gevonden in grasvelden waarop wordt gelopen.

Anthyllis vulneraria, Ajuga reptans ‘Burgundy Glow’, Geranium albanum, Viola hederacea en Lysimachia nummularia.
inheemse vaste plant voor het V.K. Erodium variabile ‘Bishop’s Form’.

Maaibeleid

Hoge planten veroorzaken schaduw voor laaggroeiende planten. Maaien (stress) vermindert de afmeting van langere groeiende planten. Een cyclus van herhaalde stress verandert constant welke groep planten op welk moment het voordeel heeft.

Wanneer een plant wordt gemaaid, stopt deze onmiddellijk met groeien en is er een onbalans tussen de bovenste groei en de wortelgroei. Bij sommige planten krimpen de wortels, waardoor koolhydraten vrijkomen die worden gebruikt om de schade te herstellen. De plant stopt de groei terwijl de schade wordt hersteld. Pas als de schade hersteld is, begint de plant opnieuw te groeien.

Laagblijvende planten die het mes van de maaier vermijden blijven groeien gedurende deze periode, vaak profiterend van de verhoogde lichtniveaus. Wanneer lang groeiende planten en kleinere planten worden gemaaid kunnen ze naast elkaar bestaan op een manier die niet mogelijk zou zijn zonder te maaien.

De samenstelling van het bloementapijt bepaald hoe vaak er moet worden gemaaid. Over het algemeen wordt er een hoogte aangehouden van 9 cm. Gemiddeld is dat 3-5 maaibeurten per jaar.  Bij een conventioneel grasveld zijn dit 20-30 maaibeurten, dit zou dus een aanzienlijke reductie van CO2-uitstoot betekenen.

met de klok mee vanaf linksboven, Bellis perennis ‘Pomponette Mixed’, Viola sororia, Trifolium repens ‘Dark dancer’ Erodium variabile ‘Bishop’s Form’.
Pilosella aurantiaca

Alle bloemtapijten hebben geen watergift gehad en ook geen bemesting gedurende de proef.

Viola tricolor
Hieracium maculatum ‘Leopard’

Plantkeuze

Klimatologisch tolerante soorten zijn essentieel. Begin met meerjarige planten die zich kunnen verspreiden zonder zaad te gebruiken, langer dan twee jaar leven en een zachte stengel hebben. Voeg vervolgens soorten toe die het maaien en de plaatselijke omstandigheden (inheems) kunnen verdragen.

Het gebruik van ongebruikelijke gekleurde bloemen en bladeren maakt het bloementapijt visueel interessant. Veel bladkleuren en bladstructuren zijn vooral aantrekkelijk na het maaien als er geen bloemen zijn en in de herfst als het aantal bloemen daalt.

Fotograaf:   Katherine Rose

Foto’s; bron

Major Johnston’s Jardin de la Madone in Menton

Jardin de la Madone in het Zuid Franse menton is ook wel bekend als Serre de la madone. De tuin staat bekend voor zijn ontwerp en collectie aparte planten. Het meest was de tuin toch wel bekend om zijn toenmalige eigenaar, Lawrence Johnstone.

Major Johnstone nam deel aan veel plantenexpedities naar alle uithoeken van de wereld. Veel van de planten die hij op deze reizen verzamelde kregen een plek in zijn tuin Hidcote Manor (1907) in Chipping Campden (Cotswolds), Verenigd Koninkrijk. Deze tuin is een van de meest bekende tuinen van de wereld.

Bekijk ook deze video over Major Johnstone

Jardin de la Madone is gecreëerd in de periode tussen 1924 en 1939. De ligging van de tuin tegen een heuvelrug in de Gorbiovallei en de vele beschutting zorgen voor een uniek microklimaat. Ook het warme klimaat van Zuid frankrijk was ideaal voor de planten welke hij verzamelde vanuit (sub) tropische regio’s.

Elk jaar verliet de major het koude en natte Verenigd Koninkrijk om te overwinteren in Menton. De herenboerderij werd uitgebreid met twee grote vleugels en er kwam een serie terrassen rondom oude olijfbomen. Het tuinteam bestond destijds uit twaalf hoveniers.

Na het overlijden van Lawrence Johnstone in 1958 heeft de tuin verschillende eigenaars gehad en werd de tuin niet altijd onderhouden met het respect wat het toekwam.

In 1999 kwam hier verandering in. In dat jaar werd de tuin aangekocht door de stichting Conservatoire du Littoral en kreeg de tuin weer veel van zijn oorspronkelijk ontwerp terug en werd de beplanting daarbij aangepast.

Fotografie: Sergey Karepanov. 

cropped-tsgw-logo-14-092.png

GO WILD! – een bloemrijk grasveld in plaats van een keurig gazon

Een goed onderhouden gazon kan een lust voor het oog zijn. Het frisse groen vormt vaak een mooi contrast met de naastgelegen borders. Het gazon kan ook een goede ondergrond zijn om bijvoorbeeld speeltoestellen voor de kleinste gebruikers van de tuin op te plaatsen. Als de kinderen ouder geworden zijn en het nest hebben verlaten is het misschien tijd om het gazon een andere functie te geven. In deze variant van een wilde bloemenweide gaan we er dus vanuit dat we als basis het bestaande grasveld benutten.

Het komt wellicht een beetje vreemd over maar matig tot geen bemeste gazons zijn het beste geschikt. Dit is het beste voor inheemse bloeiende planten, bij goed onderhouden en bemeste gazons zal het gras gaan domineren. Niet meer bemesten dus en laat geen gras achter na het maaien. Dit gaat uiteindelijk voor de beste balans zorgen tussen grassen en andere planten. Net als een normale border heeft ook ons bloemrijke gazon de tijd nodig om een volwassen uiterlijk te krijgen, wees niet te snel ontmoedigd.

Voor kinderen is de tuin vaak hun eerste kennismaking met natuur. Een stuk(je) natuur in de vorm van een wilde bloemenweide heeft hun veel meer te bieden dan een strak gazon. Naast het frisse groen van het gras zijn madeliefje (Bellis perennis), paardebloem (Taraxatum officinale), boterbloem (Ranunculus acris) en winterakoniet (Eranthis hyemalis) planten die van nature thuishoren in een bloeiende weide.

Gebrek aan ruimte hoeft niet een bezwaar te zijn om een strak gazon te combineren met een bloemenweide. Bij geen gebrek aan ruimte is het combineren een “piece of cake”.

Bij kleine tuinen (of kleine gazons) is combineren dus een optie.

De meest drastische wijze is het gras in zijn geheel te verwijderen en er bodembedekkers voor in de plaats te planten. In dit bericht leest u daar alles over. De meeste van deze bodembedekkers zijn te belopen, voor onderhoud en dergelijke, maar zijn zeker niet voor intensief gebruik geschikt.

Een rijk bloeiend gazon is niet alleen een lust voor het oog maar helpt ook door het aantrekken van allerlei insecten zoals vlinders voor een grotere biodiversiteit in uw tuin. Bovendien is dit duurzamer, een niet onbelangrijk element in deze tijd.

Natuurlijk is het hele jaar een bloeiend tapijt het fraaist. Als er in de zomer behoefte is aan ruimte om te zonnen of spelen dan gaat het voorjaar de hoofdrol op uw gazon voeren. In dit geval begint u eind juni met de eerste maaibeurt daar gaat u dan maandelijks tot in de late herfst mee door. De messen moeten bij de eerste maaibeurt minimaal op 10 cm hoog staan. Vervolgens gaan de messen bij iedere maandelijkse maaibeurt iets lager.

Er zijn steeds meer gemeentes in de lage landen waar men kiest voor een aangepast maaibeleid. Oevers van sloten en riviertjes maar ook plekken in parken welke weinig worden betreden worden hooguit nog maar één of tweemaal per jaar gemaaid. Dit heeft tot gevolg dat de inheemse planten de kans krijgen zich te ontwikkelen tot een kleurig geheel waar het voordien voornamelijk groen was.

Naast de planten die van nature in gras voorkomen kunt u natuurlijk behoorlijk gaan experimenteren. Er zijn verschillende manieren om bloeiende (wilde) planten toe te voegen aan uw wilde gazon.

  • Zaaien: er zijn bij gespecialiseerde zadenvermeerderaars diverse zadenmengsels verkrijgbaar. Deze zijn vaak afgestemd op uw lokale omstandigheden, zoals; licht, grondsoort etc. Voeg bij uw zadenmengsel wit volierezand toe zodat u goed kunt zien waar u nog moet zaaien. In dit bericht bij TuinenStruinen leest u alles over dit soort zadenmengsels.
  • Pluggen en/of (half) volwassen planten: pluggen zijn jonge planten welke zijn gekweekt in een soort plugachtige tray. Het voordeel hiervan is voornamelijk de aanschafprijs die lager ligt dan bij grotere (bij voorkeur potmaat 9) en/of volwassen planten.
  • Bloembollen: hier zijn de soorten die verwilderen het meest geschikt, lees hier in dit bericht en dit bericht meer over.

Bloembollen zijn uitermate geschikt voor de bloemenweide waarin we ons grasveldje gaan omtoveren. Bloembollen kunnen met hun grote verscheidenheid en bloeiperiode er vrijwel voor zorgen dat er op ieder moment wel wat moois in bloei staat.

In januari verschijnen er op diverse plekken in onze huisweides sneeuwklokjes (Galanthus) en vervolgens zijn het de krokussen (Crocus) met hun vrolijke kleuren in wit, geel  en lila/paars. Daarna is het de beurt aan sterhyacinten (Scilla mischtsschenkoana en Scilla  siberica.  Op hetzelfde moment steken de eerste narcissen hun neus boven de grond, ongeveer in februari/maart komt het eerste geel in bloei. Soorten daarbij zijn; ‘February Gold’, ‘Peeping Tom’, ‘Tête- à- Tête’, ‘Jetfire’, ‘Topolini’, ‘Litlle Spell’ en ‘Mite’.  Vervolgens komen daar de cremekleurige en witbloeiende soorten bij zoals; ‘Tracy’ en ‘Regggae’ bij.  Eind april komt Allium neapolitanum ons verblijden. Leucojum aestivum ‘Gravetye Giant’ met zijn uiteenspattende witte bloemetjes doet het goed in dezelfde periode tenzij de weide genoeg vochtig is.  Kievitsbloemen (Fritillaria meleagris) zijn onmisbaar in onze bloemenweides  net zoals de subtiele druifjes van Muscari latifolium, M. neglectum en M. comosum. Ook de langstelige en korte botanische tulpensoorten behoren een plekje te krijgen zoals alle variëteiten van Tulipa clusiana en vervolgens Tulipa orphanidea, Tulipa marjoletti. Tenslotte zijn we aangekomen in mei waarin vaak blauwtinten de hoofdrol spelen met; Bellevalia pycnantha en gevolgd door Cammassia cusickii en Camassia quamash.

Het planten van planten en bollen is lastiger dan in de gewone border om de simpele reden dat u nu door de grasmat heen moet steken. Voor kleine bollen is in dit geval een distelsteker een goed stuk gereedschap voor grotere bollen, kleine planten en planten gekweekt in een plug is een aardappelpoter geschikt, het is aan te bevelen om voor het planten het gras nog eens goed kort te maaien. Voor bollen bereikt u het meest natuurlijke effect door deze te mengen en vervolgens uit te strooien over het grasveld.

Heeft u thuis al een bloemrijk gazon? Stuur ons een foto op (grdnmedia@gmail.com) zodat wij deze binnenkort kunnen tonen bij TuinenStruinen.

Meer weten over dit onderwerp, raadpleeg dan:

Boek: Kleur je tuin – Jacqueline van der Kloet – Forte uitgevers Baarn – ISBN 978 94 6250 027 3

Websites: Wilde Weelde/Cruijdt Hoeck zaden/De Bolderik/Wild Flower Lawns and Meadows

Foto’s; Wild Flower Lawns and Meadows

Veel succes!

Een vooruitblik op de RHS Chelsea Flower Show 2018 – Deel 1 de tuinen

Van 22 tot en met 26 mei dit jaar is het opnieuw tijd voor de wereldberoemde RHS Chelsea Flower Show. Leveranciers en bekende (en onbekende) kwekerijen tonen hun nieuwste producten en tuinplanten. Britse en internationale tuinontwerpers en tuinarchitecten laten hun kunsten zien in de grote showtuinen en de kleinere, maar net zo geliefde, Artisan Gardens.

Volop inspiratie

Behalve de genoemde tuincategorieën is er dit jaar een nieuwe discipline bijgekomen, de Space to Grow Gardens. Deze inventieve tuincategorie geeft volop inspiratie om groene plekken in en om het huis te maken op plekken waar dit voordien niet mogelijk was. Een voorbeeld hiervan is de levende muur of muurtuin. Inmiddels zijn er bij toeleveranciers veel (modulaire) systemen verkrijgbaar om dit soort tuinen technisch mogelijk te maken.

Nieuwe indeling

De tuinshow zal dit jaar een nieuwe lay-out krijgen en is de Ranelagh Garden op vrijdagavond 25 mei tot laat open met live muziek en ander entertainment.

RHS

Het Gezondheid en Welzijn-aspect van tuinen als thema

De RHS Chelsea Flower Show, op de ‘Grounds’ van het Royal hospital in Chelsea Londen, heeft dit jaar voor een actueel thema in de tuinenwereld gekozen: Health and Wellbeing (gezondheid en welzijn). De nadruk ligt daarbij op elementen in de tuinen die u ook in uw eigen situatie kunt verwezenlijken. Om het gunstige aspect van tuinieren op onze gezondheid en welzijn te benadrukken zijn enkele tuinen ontworpen om u de kracht van planten te tonen.

Daarnaast zullen deze tuinen u oplossingen laten zien voor actuele milieuproblemen. Ook het hergebruik van materialen in tuinontwerpen heeft dit jaar een prominente rol gekregen.

De ontwerpers, Feel Good en Romantiek

De ontwerper van een van de populairste showtuinen van vorig jaar, Matt Keightley, is ook dit jaar weer van de partij. De Feel Good Garden die hij heeft ontworpen voor de RHS heeft zijn oorsprong in het ontwerp wat hij heeft gemaakt om te realiseren in de RHS Garden Wisley.

De Britse Garfield Weston Foundation viert dit jaar zijn 60-jarig bestaan met een tuin die een centrale plek krijgt in de grote tent (The Great pavilion). Voor het ontwerp hebben zij niemand minder dan Tom Stuart-Smith, de landschapsarchitect voor de nieuwe RHS Garden: Bridgewater, weten te strikken. Voor de jarige stichting ontwerpt Stuart-Smith een romantische tuin voor Chelsea 2018.

Sarah Price is een andere belangrijke ontwerper dit jaar op de tuinshow. Sarah was medeverantwoordelijk voor de bloemenweides vol in bloei, met voor het overgrote deel inheemse planten, in het olympische park in de Britse hoofdstad. Voor de hoofdsponsor van RHS Chelsea Flower show 2018, M&G Investments, heeft zij een ontwerp gemaakt wat ons een geromantiseerde mediterrane oase laat zien.

Een prachtige Art-impressie van de M&G Garden dit jaar

De tuinen van RHS Chelsea Flower show 2018

Naast de tuin van Sarah price zijn er nog 9 showtuinen. Tuinontwerper Tom Massey heeft dit jaar zijn debuut op de tuinshow met zijn Lemon Tree Trust Garden. Terug op Chelsea 2018 is ook ontwerper Hay-Joung Hwang met zijn futuristische ontwerp voor de Eco-City Garden van LG Electronics. Deze tuin is o.a uitgevoerd met een verticaal bos.

Andere hoogtepunten bij de showtuinen zijn:

  • de bekende ontwerpster Jo Thompson met haar Wedgwood Garden
  • de winnaar van de publiekskeuze van vorig jaar: Chris Beardshaw met wederom een ontwerp voor sponsor Morgan Stanley
  • en het debuut van Jonathan Snow met zijn Trailfinders South African Wine Estate Garden

RHS Feel Good Garden/RHS

Deze tuin is ontworpen om bezoekers aan de show te stimuleren om even stil te staan bij de vele voordelen die een (goed ontworpen) tuin heeft op ons gevoel. Ook het tuinieren zelf kan ontzettend goed uitpakken als (bijvoorbeeld) therapie. De tuin wordt zo een therapeutische ruimte.

De Feel Good Garden is naar een ontwerp van Matt Keightley. Matt werkt momenteel aan het ontwerp voor een thematuin in het health and wellbeing-motto. Deze tuin krijgt een plek in het Centre for Horticultural Science and Learning in de RHS Garden Wisley in Surrey.

Lemon Tree Trust Garden/RHS

Tom Massey’s Show Garden, is naast het debuut van deze tuinontwerper uniek in de samenwerking die tot het uiteindelijke ontwerp is gekomen.

Bij het ontwerp heeft Tom Massey samengewerkt met vluchtelingen ondergebracht in het Domiz kamp gelegen in Noord Irak. Het ontwerp voor de tuin is een verassende samensmelting van verschillende culturen geworden.

De beplanting is droogte-tolerant en bevat eetbare planten en kruiden.

Pearlfisher Garden/RHS

De Parelvisserstuin heeft zich ten doel gesteld de bezoekers bewust te maken van het grote probleem van het plasticafval in de zee. De tuin is ontworpen door John Warland

Urban Flow Garden/RHS

Grote design elementen, een kleurrijke beplanting en praktische inrichting kenmerken deze toch kleine tuin. In de tuin zijn enkele elementen verwerkt die meehelpen om de gevolgen van schade aan het milieu door extremer weer te beperken. Zo is er waterbuffering aangebracht en zijn er aantrekkelijke plekken voor dieren gemaakt. Het ontwerp is van de hand van Tony Woods.

In het volgende deel staan de kwekers van tuinplanten centraal.

Harry Pierik: SECRET GARDEN ZWOLLE (1)

Gevelgroen op onverwachte plekken.

Variatie in groen vermindert de aanmaak van stresshormonen en bevordert positieve gevoelens, kortom: groen maakt gelukkig. Groen borgt afwatering, vermindert hitte, verhoogt soortenrijkdom, ofwel biodiversiteit, en is dus van levensbelang, zéker midden in de stad.

1
Brede geveltuin aan de Korte Smeden, een jaar na aanleg. Links op de voorgrond o.a. Geranium ‘Sweet Heidy’ van Marco van Noort uit Warmond; daardoorheen groeit de winterharde Fuchsia ‘Cloverdale Pearl’, lichtroze met witte rokjes. Iets daarachter, meer tegen de winkelgevel, bloeien de zalmroze bloemetjes van Geranium oxonianum ‘Wargrave Pink’. Helemaal vooraan het blad van Heuchera ‘Caramel’, waarvan vaak wordt beweerd dat ie qua kleur moeilijk te combineren valt met andere planten (…). De zilvertinten van Brunnera macrophylla ‘Seaheart’ en Pulmonaria ‘Diana Claire’ en het grijsblauw van het zwenkgras Festuca glauca ‘Elija Blue’ passen bij de hardstenen plinten van de winkel en vormen een contrast met het donkere blad van het zenegroen Ajuga reptans ‘Black Scallop’, de slangenbaard Ophiopogon planiscapus ‘Niger’ en Heucherella ‘Art Deco’. Wintergroen zijn hier o.a. Carex oximensis ‘Eversheen’ (groene zegge met gele middenstreep over de lengte van het blad) en ‘Everillo’ (zegge met effen lichtgroen blad), Liriope muscari ‘Moneymaker’, de compacte hemelse bamboe Nandina domestica ‘Gulf Stream’ en de herfstvaren Dryopteris erythrosora.

Kunnen strookjes van slechts enkele decimeters breed, tegen muren, een wezenlijke bijdrage leveren aan de vergroening van een stenenrijke omgeving? Oók daar waar telkens elk kruimeltje aarde en elk snippertje groen op het offerblok van opbrengst en doelmatigheid wordt gelegd?

2
Drie Pistolengang. Geveltuin op het noorden, ongeveer een jaar na inrichting. Mahonia eurybracteata ‘Soft Caress’ geflankeerd door Fuchsia ‘Mrs Popple’. Op de voorgrond links het in de winter bladverliezende en in de herfst bruingele gras Haconechlea macra ‘Allgold’ (zonder groene middenstreep), daarnaast o.a. Ajuga reptans ‘Black Scallop’ de compacte Fuchsia ‘Tom Thumb’ en Pulmonaria ‘Opal’.

3
Drie Pistolengang op Het Eiland, geveltuin tegen een donkere muur op het noorden. Kleurrijk met een variatie aan wintergroene heesters, varens en grassen, afgewisseld met diverse winterharde fuchsia’s, waaronder de grootbloemige Fuchsia ‘Mrs Popple’. Rechts tegen de muur groeit de bladhoudende struikkamperfoelie Lonicera nitida ‘Baggesen’s Gold’. De grassen zijn hier vertegenwoordigd door de wintergroene zegge Carex oximensis ‘Eversheen’ en de bladverliezende Haconechlea macra ‘Aureola’, beide met groene middenstreep, maar net even verschillend. Het roze geraniumpje rechts vooraan is G. nodosum dat rijk bloeit in de schaduw en het ook nog behoorlijk goed doet op wat drogere plekken.

In opdracht van de gemeente Zwolle mocht ik het afgelopen jaar in de binnenstad ruim veertig geveltuintjes ontwerpen. Deze groene stroken zijn in samenwerking met het gemeentelijk groenonderhoud (ROVA) ingericht tegen gevels van allerlei stegen en straatjes in het Broerenkwartier en dan met name aan weerszijden van de Diezerstraat en op Het Eiland.

4
Brede geveltuin aan de Nieuwstraat, een jaar na aanleg. Rechts Choisya ‘White Dazzler’ met daardoorheen de uit Nieuw Zeeland afkomstige – en zeker in de stad winterharde – klimmer en wever Muehlenbeckia axillaris. Daarboven enkele takken met smalle lancetvormige bladeren van de immer groene, elke winter heerlijk geurend bloeiende, struikkamperfoelie Lonicera standishii ‘Budapest’. Daarnaast de kransbladige, hulstachtige Mahonia ‘Media’, die in de late herfst of vroege winter bloeit met gele trossen die rijkelijk Lelietje-van-dalengeur verspreiden.  In het midden, tegen de grijze bakstenen pui, de blauwe jeneverbes Juniperus squamata ‘Meyeri’ met haar doffe coniferentextuur en pal daarnaast Magnolia grandiflora ‘Little Gem’ met glanzend wintergroen blad. Meer op de achtergrond, Nandina domestica en de pluimhortensia Hydrangea paniculata ‘Lime Light’, omringd door Persicaria amplexicaulis ‘Blackfield’ en ‘Dikke Floskes’, allerlei geraniums en wintergroene grassen.  Helemaal vooraan de grijsgroene bladeren met crèmekleurige rand van Hosta ‘Valley’s Sushi’ gewonnen door de Zwolse hostaveredelaar Jeroen Linneman (HostaValley) en daarnaast de compacte Nandina ‘Firepower’. Diverse heesters in deze strook kunnen minstens twee meter hoog worden.

5
Geveltuin aan de Pijpebakkersstraat op Het Eiland. Op de voorgrond de niet woekerende gele dovenetel met filigrainblad, Lamiastrum galeobdolon ‘Herman’s Pride’; daartussen enkele glanzende blaadjes van Cyclamen coum, die in de prille lente bloeit. Daarachter Haconechlea macra ‘Aureola’ en de donkerrood uitlopende blaadjes van Nandina domestica ‘Obsessed’ met een echo van het koperkleurig ontluikende blad van de wintergroene herfstvaren Dryopteris erythrosora en wat verderop dat van Nandina domestica ‘Gulfstream’. Beide hemelse bamboes blijven compact en zijn alleen al daardoor zeer geschikt om toe te passen in een geveltuin. Rechts in het midden o.a. Geranium ‘Sweet Heidy’, een selectie van vaste plantenkweker Marco van Noort, die hij naar zijn vrouw noemde. . Tegen de muur staan de enige echt winterharde Toscaanse jasmijn Trachelospermum asaticum ‘Star of Toscane’ en de bladhoudende struikkamperfoelie Lonicera nitida ‘Baggesen’s Gold’.

Stedelijk beheerder beplanting, Tsjerk Jelsma, bedacht voor dit project de naam Secret Garden, wat staat voor het verrassingselement van deze onderling verschillende geveltuinen op soms totaal onverwachte en verborgen plekken.

6
Op de achtergrond van links naar rechts, met glanzend lichtgroen en geurend blad, Choisya ternata ‘Sundance, dan Fuchsia ‘Cloverdale Pink’ in knop, die hier ten dele voorover hangt en waar Geranium nodosum doorheen groeit. Op de voorgrond o.a. Heuchera ‘Caramel’, Pulmonaria ‘Diana Claire’ en ‘Opal’, Lamiastrum galeobdolon ‘Herman’s Pride’, de stengelloze sleutelbloem Primula vulgaris en het Kaukasische vergeet-mij-nietje Brunnera macrophylla ‘Seaheart’, hier en daar afgewisseld met bodembedekker Soleirolia soleirolii ‘Aurea’, het lichtgroene slaapkamergeluk.

Elk perk is een, zorgvuldig gecomponeerde, rijk gedetailleerde eenheid in vorm, textuur en kleur van bloem, blad, schub of bes; alle seizoenen mooi en met een natuurlijke uitstraling. Hoe langer je kijkt, hoe meer details je ziet. Er groeit hier een uitgebalanceerde afwisseling in bladhoudende en bladverliezende planten, met het accent op wintergroen, dat wel, want het is in de binnenstad. Zowel heesters als vaste planten, maar ook grassen, varens en kleine bolgewassen, ontwikkelen zich – waar de ruimte dat toelaat – tot iets wat doet denken aan gevarieerde bosrandjes tegen de gevels. Soortenrijkdom is hierbij het toverwoord. Uiteraard is deze manier van tuinieren ook gunstig voor bijen, vlinders en andere insecten; soms fladdert er een kleine vos door een van deze smalle, drukke winkelstraten.

7
Geveltuin aan de Korte Smeden op Het Eiland met links de geurende Choisya ‘White Dazzler’ in combinatie met Muehlenbeckia axillaris, daarnaast de hemelse bamboe Nandina domestica en Persicaria amplexicaulis ‘Blackfield’. Rechts van het midden de lichtroze Fuchsia ‘Whiteknight’s Pearl’, die menshoog gaat worden. Op de voorgrond o.a. de blauwe dwergjeneverbes Juniperus squamata ‘Blue Star’, het lichtgroene slaapkamergeluk Soleirolia soleirolii ‘Aurea’, het notenhoutachtige blad van Heucherella ‘Art Deco’, het blauwe zwenkgras Festuca glauca ‘Elija Blue’, de niet woekerende gele dovenetel Lamiastrum galeobdolon ‘Herman’s Pride’, Hosta ‘Halcyon’ en Brunnera macrophylla ‘Seaheart’ met haar stevige ronde bladeren, die hun kleur lang behouden.

8
Drie Pistolengang. Geveltuin op het noorden. Mahonia eurybracteata ‘Soft Caress’ geflankeerd door Fuchsia ‘Mrs Popple’. Op de voorgrond links het in de winter bladverliezende gras Haconechlea macra ‘Allgold’ (zonder groene middenstreep), daarnaast o.a. Pulmonaria ‘Diana Claire’,(de ‘moeilijk te combineren’…???) Heuchera ‘Caramel’, Ajuga reptans ‘Black Scallop’, de compacte Fuchsia ‘Tom Thumb’, Pulmonaria ‘Opal’ en de kleine vrouwenmantel Alchemilla erythropoda.

9
Close-up van de geveltuin aan de Pijpebakkersstraat op Het Eiland. Achter de band van cortenstaal o.a. Choisya ‘White Dazzler’, daarvoor de wintergroene glansschildvaren Polystichum polyblepharum, en helemaal vooraan de in de prille lente lichtgeel bloeiende stengelloze sleutelbloem Primula vulgaris, dan het donkere, glimmende blad van kruipend zenegroen Ajuga ‘Black Scallop’ en de nazomer- en herfstbloeier Cyclamen hederifolium, sterk contrasterend met oplichtende Soleirolia soleirolii ‘Aurea’. In het midden voor Nandina domestica ‘Obsessed’ en links daarvan het blad van een Helleborushybride, begint Liriope muscari ‘Moneymaker’ te bloeien.

In de volgende column zal ik meer laten zien en vertellen over de aanleg en het onderhoud van deze geveltuinen in hartje binnenstad van Zwolle.

HARRYPIERIK.NL

Bekijk hier deel 2

De ‘Golden Gardens’ van RHS Chelsea Flower Show 2017

tsgw opener

De showtuinen op de RHS Chelsea Flower Show zijn altijd van een behoorlijk hoog niveau. Jonge tuinontwerpers zijn op van de zenuwen als zij op de bekende zondag/maandag jurydag in hun tuinen de uitslag als oorkonde kunnen bekijken.

Niet alleen de jonge generatie maar ook de tuinontwerpers met een behoorlijke staat van dienst maken zich druk om de uitslag, zij weten immers wat voor een boost je bedrijf doormaakt als winnaar van goud.

De hier op volgende dagen bezoeken 165.000 plant en tuinliefhebbers de show, de kaarten waren al twee weken uitverkocht.

Hieronder een overzicht van alle gouden tuinen:

Show Gardens

M&G tuin

M-and-G-Garden-01
The M and G Garden

M-and-G-Garden-02
M and G Garden

M-and-G-Garden-05

De M&G tuin ontworpen door James Basson wint naast goud ook de titel Best in Show‘.  Zijn ontwerp is gebaseerd op een verlaten Maltese steengroeve met imposante pilaren van kalksteen.

Voor de bouw van deze tuin was Crocus (kwekerij, hoveniers etc.) verantwoordelijk. Crocus kreeg hiervoor de ‘Best Construction Award’.

De Linklaters tuin voor Maggie’s

_V0P1294
The Linklaters Garden for Maggie’s

_V0P1322
The Linklaters Garden for Maggie’s

Maggie Keswick Jencks (Gardens of Cosmic Speculation) kreeg in 1993 te horen dat ze niet lang meer zou leven als gevolg van teruggekeerde en uitgezaaide borstkanker. Eenmaal een klein beetje bekomen van de ergste schrik realiseerde zij zich hoe fijn het zou zijn als er een plek bestond waar kankerpatienten en hun dierbaren zich welkom zouden voelen en tot zichzelf kunnen komen.

Planten waren vanaf het eerste Maggie centre volop aanwezig en bepaalde voor een groot deel de intieme sfeer. De afgezonderde en rustgevende tuin geeft schoonheid en respijt. De tuin is naar een ontwerp van Darren Hawkes.

Maggie Keswick-Jencks overleed in 1995, een jaar later opende het eerste Maggie’s Centre haar deuren.

Breaking Grounds

Breaking-Ground-03
Breaking Grounds

Breaking-Ground-04
Breaking Grounds

 

De Breaking Grounds tuin is ontworpen door de heren Andrew Wilson en Gavin McWilliam. Een elegante weergave van het leer- en denkproces in het onderwijs door middel van metalen, open kaders om de belemmeringen voor het leren te overwinnen. Een kleurrijk weidegebied bevat ‘Waves’ van paarse salvia’s om lateraal denken te reflecteren.

The Royal Bank of Canada

_V0P1216

The Royal Bank of Canada Garden

The Royal Bank of Canada

The Royal Bank of Canada

 

De bossen van het noordelijke deel van Canada waren de inspiratie voor deze tuin ontworpen door Charlotte Harris. Vooral de 5 volwassen dennen ( Pinus banksiana) geven de tuin karakter.

FRESH Gardens

City Living door Kate Gould 

City Living Kate Gould

City Living Kate Gould

Kate Gould en haar bedrijf zijn verantwoordelijk voor het ontwerp en de bouw van de City Living garden. Ook is Kate Gould de sponsor van deze tuin.

Mind Trap

Mind Trap ID-Verde – Ian Price

 

De Artisan Gardens (klik op een foto)

Bekijk ook: RHS Chelsea Flowershow deel 1/2/3/4 (Elk deel duurt +/- 1 uur)

RHS Chelsea Flower Show deel 5

Fotorechten: Royal Horticulture Society Londen. RHS Chelsea Flower Show © 2017 The entire content of this site is under copyright protection by the individual copyright holders. Please do not copy any content without permission.

TuinenStruinen 5 jaar, eerste Lustrum Top 10

rb22
3 – (Anne Boleyn) David Austin rozen voor de gemengde border

19 mei 2017

In de vijf jaar dat TuinenStruinen nu bestaat zijn de onderwerpen op de site van een steeds breder karakter geworden. Een tuin heeft immers zoveel meer te bieden als alleen de schoonheid. De verdieping van wat tuinen te bieden hebben heeft een steeds grotere plek ingenomen bij TuinenStruinen.

Een tuin heeft belangrijke eigenschappen waardoor tuiniers vaak vallen onder de meest gelukkige mensen in ons land. Een tuin heeft een grote rol om onze (drukke) geest te helpen en tot rust te laten komen.

Naast de schoonheid van onze tuinen en het gevoel van geluk te bieden zijn tuinen een belangrijke schakel om de gevolgen van het veranderde klimaat te helpen aanpakken.

TuinenStruinen wil u inspireren om veel planten te gebruiken, hier kunt u als goede en verantwoordelijke tuinier een bepaalde sfeer neer zetten en tevens maatregelen te nemen om de tuin duurzamer te maken en de biodiversiteit te vergroten.

Ton ter Linden in zijn (voormalige) tuin in De Veenhoop. Foto: Gert Tabak

Bij TuinenStruinen zijn er veel berichten te vinden om de schoonheid te combineren met bijvoorbeeld elementen van een regentuin. De afgelopen vijf jaar zagen wij de natuurrijke tuin steeds populairder worden. In de komende vijf jaar zal er een grote inzet nodig zijn om onze tuinen klaar te maken voor de grote gevolgen van het veranderde klimaat.

De komende vijf jaar kunt u veel raad en daad verwachten van TuinenStruinen over de diepere lagen van tuinieren. Door veel informatie te bieden hopen wij u de komende vijf jaar ter zijde te staan en zo samen door deze belangrijke tijden te komen.

Op naar het tweede lustrum!!

10 – Jones Road Garden – Naturalistisch tuinontwerp van Adam Woodruff

Click op een bericht om het te bekijken:

10  Adam Woodruff: Jones Road Prairie Garden 

9 Ton ter Linden: van Jac. P. Thijssepark tot De Veenhoop

8 Stadstuin van 70 m2 met zwembad. De Peppels Tuinen

7  De Rozenliefde van lady Vita Sackville West

6  GO WILD! Een Wilde Bloemenweide in uw tuin

5  Een mooie haag is de trots van elke tuinliefhebber

4  Een border á la Ton ter Linden

3  David Austin rozen voor de gemengde border

 Ineke Greve Huys de Dohm: aan elk feest komt een einde

1  GO WILD! Een gids voor het maken van een ‘Natuurlijke’ Tuin

7 – Lady Vita Sackville West

Het was een grote schok om te vernemen dat de door velen zo geliefde publicist Gerritjan Deunk was overleden. TuinenStruinen is de plek op het internet waar zijn prachtige verhalen een plek hebben gekregen en daar ben ik trots op! Gerritjan was een warme persoonlijkheid en had een enorme kennis van zaken over groen erfgoed en o.a meer over Nederlandse tuin en landschapsarchitectuur.  Gerritjan, reuze bedankt !

tuinenstruinen.org bedankt de volgende personen voor hun positieve bijdrage aan de site:

Carrie Preston, Harry Pierik, Ton ter Linden, Gert Tabak, Tanja van der Knoop, Noël van Mierlo e.v.a.

En dan niet te vergeten, u als lezer en/of regelmatige bezoeker.

Ga naar de Welkompagina

Tuinen en tuinontwerpers op RHS Chelsea Flower Show 2017 (1)

Chris Beardshaw, James Basson, Nigel Dunnett, Sarah Raven, Kate Gould en Sarah Eberle zijn slechts enkele van de grote tuinontwerpers die bij de Chelsea Flower Show 2017 aanwezig zullen zijn. Dit jaar is er ook duidelijk een nieuwe generatie tuinontwerpers aanwezig. De jongste nieuweling op het gebied van tuinontwerpen is Jack Dunckley die met zijn 23 jaar de jongste deelnemer ooit is.

Professor Nigel Dunnett, de ontwerper van de weides vol wilde bloemen in het Londen Queen Elizabeth Olympic Park in 2012, is dit jaar na een korte afwezigheid terug op de show met zijn ontwerp voor RHS Greening Grey Britain Garden. Dunnett laat met zijn ontwerp zien dat er ook op relatief weinig vierkante meters een hoop mogelijk is.

851cdbfd-3faf-46fe-bc1f-e788a1ed2d41

Het ontwerp van Nigel Dunnett moet gezien worden als een tuin te midden van hoogbouw in een stedelijke context. Nigel wil vooral laten zien wat de veelzijdigheid van planten en tuinen zijn, zelfs als de ruimte beperkt is. Veelal zijn hierbij de tuinen in een gemeenschappelijke ruimte.

The-Scent-Garden1088x612

Naast de grote showtuinen langs het hoofdpad zijn er ook kleinere tuinen. Het gaat hierbij over de Artisan (ambachtelijke) tuinen en de fresh Gardens. Hoogtepunt van de Artisan tuinen in 2017 is de deelname van Gary Breeze, winnaar van de beste Fresh Garden vorig jaar. Gary Breeze pakt dit jaar groot uit, in zijn Artisantuin verwerkt hij een replica van een 800-jarig oude boot.

Ishihara Kazuyuki is voor het twaalfde jaar aanwezig op Chelsea met zijn Gosho No Niwa waarvan hij inspiratie opdeed van de Kyoto keizers van Japan.

Sarah Eberle, winnares in vorige edities van de RHS Chelsea Flower Show, heeft zich voor deze show laten inspireren door de Spaanse architect Antoni Gaudi. Wat dit voor pronkstuk gaat opleveren kunnen we binnenkort gaan zien, in ieder geval zal haar sponsor (Viking Cruises) er vertrouwen in hebben.

Mind Trap Garden by Ian Price

Bij de deelnemers met de Fresh Gardens is tuinontwerper Jack Dunckley met zijn 23 jaar de jongste deelnemer aan de RHS Chelsea Flower Show ooit! Jack heeft zich bij zijn ontwerp voor een Fresh Garden laten inspireren door de Bermuda driehoek. Een vulkaan vormt het middelpunt van de tuin met daaromheen een landschap van tropische planten.

Net als bij de grote showtuin van Nigel Dunnett laat Kate Gould manieren zien waarbij zij groen verwerkt op vernieuwende plekken, de ruimte in de steden is immers beperkt en duur.

The Anneka Rice Colour Cutting Garden. Design by tuinvrouw, ontwerper, kok en radio en tv-verslaggever Sarah Raven

Bij de showtuinen gaat James Basson proberen om zijn vorige reeks van gouden onderscheidingen te prolongeren. James gaat voor een re-creatie van een Maltees landschap.

Laurie Chetwood and Patrick Collins gaan voor de synergie, dit jaar doen zij samen voor de derde maal een gooi naar de gouden oorkonde. met  “The Chengdu Silk Road Garden” in de tuin straks een mix van architectuur en beplanting. Lee Bestall viert 500 jaar Covent Garden.

rhs-chelsea__logo-desktop

Andrew Wilson en Gavin McWilliam hopen met hun ontwerp aandacht te krijgen voor het bedreigde landschap van de Heathlands, dit doen zij i.s.m. het Wellington College. Chris Beardshaw gaat voor zijn twaalfde gouden oorkonde, hij werkt dit jaar samen met het National Youth Orchestra die een muziekstuk hebben geschreven waarbij de tuin van Chris voor de inspiratie zorgt.

Morgan Stanley Garden door Chris Beardshaw

Fotorechten: Royal Horticulture Society Chelsea Flower Show. © 2017 The entire content of this site is under copyright protection by the individual copyright holders. Please do not copy any content without permission.

In deel 2: de kwekers en planten

Welkompagina

 

Rotonde aan de Wijheseweg te Zwolle door Harry Pierik

 

De gemeente Zwolle heeft een lange, groene traditie van wilde bermen door natuurlijk maaibeheer.

Wie vanuit deze stad richting Wijhe rijdt, ziet, nog net binnen de bebouwde kom, een rijk begroeide rotonde opdoemen. Bermen met grassen en inheemse planten flankeren deze weg en aangrenzende stroken bosjes en bomen onttrekken de huizen van Zwolle-Zuid voor een groot deel aan het zicht, wat het geheel een landelijke uitstraling geeft.

1
Midden in de rotonde. Geflankeerd door Pampasgras staan Molinia caerulea ‘Transparent’ en Deschampsia cespitosa, met links de inmiddels uitgebloeide Hydrangea arborescens ‘Annabelle’, het lichtgroene blad van Choisya ternata ‘Sundance’ en de witte bloemen van Anemone ‘Honorine Jobert’. Rechts de vuurdoorn Pyracantha ‘Soleil d’Or’ en de vaste zonnebloem Helianthus ‘Lemon Queen’

Het is dan ook niet toevallig dat grassen een hoofdrol spelen op deze rotonde. Daarnaast staan er veel verschillende vaste planten en heesters, vooral in lichtgroen en oranje. Dit zijn namelijk de logotinten van het nabijgelegen bedrijf Tuinland, de sponsor die deze rotonde heeft geadopteerd en mij de opdracht gaf voor het ontwerp.

2
Eind oktober. Pampasgras met links Anemone ‘Honorine Jobert’ en Buddleja davidi ‘Silver Anniversary’. In het midden de uitgebloeide Buddleja ‘White Ball’ met daarachter de oranjegele vuurdoorn Pyracantha ‘Orange Glow’. Op de voorgrond loopt het oranje wolfsmelk Euphorbia griffithii ‘Fireglow’ over in de pluimhortensia Hydrangea paniculata ‘Burgundy Lace’. Uiterst rechts de lichtgroene bladhoudende struikkamperfoelie Lonicera nitida ‘Baggesen’s Gold’, die ineen lijkt te vloeien met de bladverliezende heester Spirea x thunbergii.

Aangezien ik een lichte allergie heb ontwikkeld voor het planten in grote groepen of mono-vakken, en ook voor door heggetjes in gelijke parten verdeelde groene pizza’s, heb ik van deze rotonde een kleurrijke ‘heuvel’ trachten te maken met een diversiteit in structuur en textuur, maar bovenal met een natuurlijke uitstraling. Hoewel er veel grassen en vaste planten staan kun je deze rotonde, alleen al om het groot aantal hier toegepaste heesters, geen prairietuin noemen.

3
Juli, tweeënhalf jaar na aanleg. Links en rechts Cephalaria gigantea met haar bleekgele bloemen. Links vooraan de transparante halmen van ruwe smele, Deschampsia cespitosa. Rechtsachter Buddleja ‘White Ball’. In het midden Spirea japonica ‘Albiflora’, met links daarvan nog net zichtbaar Persicaria amplexicaulis ‘Orangefield’

Na het tweede jaar beginnen de meeste vaste planten en grassen tussen de heesters uit te dijen en uiteindelijk zullen ze vrijwel de hele bodem bedekken, zodat er steeds minder ruimte voor zaailingen overblijft.
Maar op allerlei plekken, verspreid over de hele rotonde, tref je wel kersverse, borstelige graspollen aan met donkergroene, soms door droogte ingerolde, sprieten. Dit zijn zaailingen van de ruwe smele.

4
Augustus, ruim tweeënhalf jaar na aanleg. Links Buddleja ‘White Ball’ met daarvoor o.a. de transparante stengels van de uitgebloeide Cephalaria gigantea. In het midden drie verschillende pluimhortensia’s: Hydrangea paniculata ‘Early Sensation’ en daarachter Hydrangea paniculata ‘Dharuma’ en de hier nog helderwitte Hydrangea paniculata ‘Lime Light’. Onderaan Thuja occidentalis ‘Rheingold’, met nog net in beeld, enkele bloemen van het lichtoranje bloeiende knolgewas Crocosmia ‘George Davidson’ en rechts achter de aren van het pijpestrootje, Molinia caerulea ‘Cordoba’ bloeit Helenium ‘Sahin’s Early Flowerer’. Rechts wat meer op de achtergrond lijkt Lonicera nitida ‘Baggesen’s Gold’ op te gaan in de bladverliezende heester Spirea x thunbergii

Dat ruwe zit ‘m in de bladranden en de driehoekige ribben op de bladschijf, die, bezet met minuscule stekeltjes, aanvoelen als een rasp. Bovendien bevat het blad veel kiezelzuur. Juist deze beide eigenschappen zorgen ervoor dat dit gras door grazers wordt gemeden en daarom wordt deze bint of bent, zoals boeren haar noemen, waar mogelijk, met wortel en al, uit de meeste weilanden verwijderd. Rupsen van allerlei vlinders, zoals zandoogjes en dikkopjes eten haar bladeren trouwens wel en ze is bovendien waardplant van de witkopgrasmineermot.

5-deschampsia
Eind oktober, drie jaar na aanleg, ruwe smele met lampionplant, Physalis alkekengi var. Franchetii. Op de achtergrond pampasgras, Cortaderia selloana ’Rosea’, daardoorheen schemeren de zilverwitte vrouwelijke bloemen van een pol Cortaderia selloana ‘Sunningdale Silver’, die verderop en wat lager staat.

6
Augustus, ruim twee jaar na aanleg.

Hoewel Deschampsia cespitosa zich uitzaait waar ook maar enigszins ruimte geboden wordt, is ze beslist geen wortelwoekeraar; haar wetenschappelijke achternaam, cespitosa, betekent namelijk zodenvormend. Dit omdat de buitenste halmen van de forse, maar compacte, bolronde horsten zich als uitlopers kunnen ontwikkelen, doordat er op de onderste knopen, zodra die met de aarde in contact komen, wortelgroei ontstaat.

7
Oktober, bijna twee jaar na aanleg, met vooraan diverse pollen ruwe smele.

Ruwe smele is zowel inheems als kosmopoliet. Ze gedijt in praktisch alle landen binnen de gematigde zone van Europa, Azië en Noord-Amerika én op Afrikaanse gebergten. Die verspreiding komt dus doordat ze voor vee praktisch oneetbaar is, maar bovenal door haar formidabele aanpassingsvermogen aan haar directe omgeving. De taaie wortels kunnen namelijk wel tot een meter diep gaan.

8
De rotonde is plantklaar gemaakt. Bij mijn eerste bezoek liepen er bandsporen overheen. Daarom zijn er in de rijrichting zware keien geplaatst zodat er niet over de jonge aanplant heengereden kan worden.

Misschien nog belangrijker is het vermogen van diezelfde wortels om luchtweefsel te ontwikkelen, waardoor ze zich kunnen beschermen tegen doornatte omstandigheden en bij verdichting van de bodem, bijvoorbeeld door overstromingen. Bovendien groeit Deschampsia cespitosa zowel in volle zon als in diepe schaduw; hoewel ze op donkere plekken praktisch nooit zal bloeien. En juist haar soms anderhalve meter hoge pluimen bieden de ingetogen schoonheid die haar zo geschikt maakt als luchtige toets in een bloembed.

9-foto-adriaan-holsappel
In het eerste jaar wordt er door de medewerkers van In Balans tussen de planten geschoffeld. Naarmate de planten groeien, zal het onderhoud meer en meer bestaan uit wieden en knippen. Foto: Adriaan Holsappel

Ze staat hier dan ook in vochthoudende grond en in de volle zon, of hooguit op een half beschaduwde plek met een paar uur zon per dag. Boven de tot vier decimeter hoge pol verrijzen vanaf juni de fijn vertakte, zacht glanzende bloempluimen die zich van zilverachtig groen, richting hoogzomer in goud- of bronstinten zullen ontwikkelen. De goudgele wolken op deze rotonde zijn van de cultivar ‘Goldschleier’. Ook na het verspreiden van de zaden blijven de halmen rechtop staan, gekroond met ragfijne twijgjes. Daarom worden de uitgebloeide pluimen niet eerder dan in maart afgeknipt.

10
Links vooraan het fijne blad van Spirea x thunbergii met daarnaast de okergele bloemen van Ligularia dentata ‘Othello’. Links daarboven de uitgebloeide pluimen van Molinia caerulea ‘Transparent’ waar het grijze blad van Buddleja ‘White Ball’ doorschemert. Rechts vooraan Hydrangea arborescens ‘Annabelle’ naast de zilvergrijze witbloeiende vlinderstruik Buddleja davidi ‘Silver Anniversary’. Op de achtergrond en daarbovenuit vuurdoorn, duindoorn en diverse vormen van pampasgras. Oktober, bijna drie jaar na aanleg.

Dat laatste gebeurt ook met de massieve pollen pampasgras, Cortaderia selloana, maar dan wel met handschoenen aan, want over ruw gesproken, cortar betekent snijden en dat slaat op het soms anderhalve meter lange, scherp gerande, blauwgrijze, blad.

11
Verschillende vormen van Cortaderia selloana, waaronder Cortaderia selloana ’Rosea’ en C.’Sunningdale Silver’. Links Buddleya x weyeriana ‘Sungold’, een drie meter hoge donkergeelbloeiende vlinderstruik en de zilvergrijze bladverliezende olijfwilg Elaeagnus angustifolia ‘Quicksilver’, daarvoor een toefje vuurdoorn en de vaste zonnebloem Helianthus ‘Lemon Queen’ met links van het midden een nieuwe scheut van de oranje bloeiende klim- en heesterroos Rosa ‘Westerland’. Rechts Panicum virgatum ‘Thundercloud’.

Vanaf september tot diep in de winter stijgen haar wollige bloempluimen wel twee tot drie meter boven de rotonde uit en vormen zo een baken voor wie aan komt rijden. Pampasgras is tweehuizig en eenslachtig. Hier staan alleen vrouwelijke planten, omdat haar pluimen, in tegenstelling tot die van de mannelijke, praktisch de hele winter intact blijven. ‘Pampasgras is zó jaren zeventig!’ hoorde ik onlangs iemand zeggen, maar planten zijn in principe nooit gedateerd en ook zeker niet ‘oubollig’ of ‘burgerlijk’, allemaal projecties. Altijd gaat het om de context, waar wordt de plant neergezet en in welke combinatie.

12
November, drie jaar na aanleg.

Op dit heuveltje groeien allerlei cultuurvariëteiten, waaronder de roze vorm, Cortaderia selloana ’Rosea’, de ‘Sunningdale Silver’ met opvallende zilverwitte bloemaren en de veel kleinere Cortaderia selloana ’Pumila’.

13
Verschillende vormen van pampasgras domineren het beeld. Links de helderwitte herfstanemoon Anemone ‘Honorine Jobert’, daarnaast Buddleja davidi ‘Silver Anniversary’ met daarachter Panicum virgatum ‘Thundercloud’. Rechts het pijpenstrootje Molinia caerulea ‘Transparent’, waar de wintergroene heester Choisya ternata ‘Sundance’ doorheen schemert.

Langzaam maar zeker transformeert deze rotonde in de beoogde, zorgvuldig gecomponeerde, rijk gedetailleerde eenheid van blad, bloem en bes. Uiteindelijk zullen de met oranje bessen beladen vuurdoorns zeer hoge heesters worden en boven alle graspluimen uitrijzen.

Harry Pierik

Bekijk hier de berichten van Harry Pierik.

Website  Harry Pierik

tuinland-liefde-voor-groen

Tuinland, liefde voor groen. Zwolle

Ga naar de welkompagina

De opkomst van speciale Rozentuinen

bodnant-14a8364
Het rosarium in de tuinen van Bodnant House in Wales

Rozen spreken tot vrijwel ieders verbeelding vooral de pure schoonheid van rozen spreekt velen aan.  Mogelijk is de teelt in de buurt van de Indus-vallei of in China het eerst ontstaan. In ieder geval vervaardigden de oude Perzen al rozenolie uit de bloemblaadjes en wordt er in de oudste Chinese boeken al over rozen gesproken.

Via de Grieken kwam de Perzische rozenteelt bij de Romeinen terecht, die verzot op rozen raakten en er driftig mee kweekten.

Rosarium Bodnant Wales
Rosarium Bodnant Wales

De oudste gekweekte Europese rozen stammen uit die Romeinse cultuur. Maar later kreeg de teelt opnieuw een stimulans toen de Europese ridders tijdens de kruistochten naar Palestina daar de (andere) rozen ontdekten en mee naar huis namen. Een gevolg was dat al in de 13e eeuw in de buurt van Parijs rozenolie werd geproduceerd.

Rosarium Bodnant wales
Rosarium Bodnant wales

garden view
David Austin’s Lion Garden

Quandofiorianno Le Rose Assisi Italië
Quandofiorianno Le Rose Assisi Italië

De Roos is dus een zeer geliefde tuinplant, in de negentiende krijgt deze populariteit opnieuw een impuls. Er worden speciale tuinen voor aangelegd met perken die alleen rozensoorten bevatten.

Veel van deze tuinen (rosaria) bestaan nu nog. Uit het werk van tuinpublicist John Claudius Loudon (1783-1843) blijkt dat rosaria omstreeks 1825 in Engeland al vrij algemeen zijn. In 1855 komt er een standaardwerk over rozen. Het boek is samengesteld en geschreven door William Paul: The Rosegarden . Paul geeft aan om graspaden tussen de plantvakken aan te leggen in een rosarium, om de kleur van de rozen beter te doen uitkomen.

david-austin-renaissance-garden-with-adelaide-dorleans
Inspiratietuin in Renaissance-stijl. De rambler op de voorgrond is Adélaïde D’Orléans

Ook moest er een verhoging in het rosarium komen om uit te kunnen kijken over de bloemenpracht. Bogen waar langs de leirozen kunnen groeien en een bloemenslinger van touw of ketting waar rozen tegen aan kunnen groeien. Ook opvallende bouwkundige elementen zoals loofgangen, follies, paviljoenen en nog wat later deed ook de pergola zijn intrede in de verschillende rosaria.

princess-anne-in-dar-garden-osaka-japan-a4
Hier op de voorgrond ziet u de Rosa ‘Princess Anne’ in Osaka, Japan

Regents Park Gate
‘Lady of Shalott’ bij de entree van het Regent Park Londen

Lion Garden View with 'Graham Thomas'
Lion Garden View with ‘Graham Thomas’

Rosa 'Darcey Bussell', Hippolyte' en 'Christopher Marlow'
Rosa ‘Darcey Bussell’, Hippolyte’ en ‘Christopher Marlow’

Tussen 1880 en 1930 zijn rozentuinen in ons land zeer geliefd. In 1908 wordt in Onze Tuinen een verslag gedaan van een rozenfeest in Nijmegen georganiseerd door De Roos (vereniging tot bevordering  van de rozenteelt, opgericht in 1891)  waarbij wordt  vermeld dat de rozencultuur in ons vaderland zich met reuzenschreden begint te ontwikkelen.

Long garden
Long garden

Op de meeste buitenplaatsen worden rosaria aangelegd. Zelfs in de kleinste tuintjes in de steden worden rozen geplant, zowel als solitair of in alle borders.

Lion Garden
Lion Garden

De vroegste voorbeelden van rosaria in ons land zijn:

  • Edouard André, een rozentuin bij kasteel Weldom te Goor. (1888)
  •  Carl Petzold, rosarium bij Cingendael Den Haag. uitgevoerd door Leonard Springer (1888)
  • Dirk Tersteeg, rosarium De Uytwijck nabij Hilversum.

The Lion Garden
The Lion Garden David Austin

Canal Garden
Canal Garden David Austin

Garden Views

thomas-a-becket-14a8612
Thomas a Becket

Geraadpleegd voor dit artikel: Nederlandse Tuinarchitectuur 1850-1940 Bonica Zijlstra.

Tuinplantenencyclopedie (op kleur) Modeste Herwig.

De Picton Garden, eerbetoon aan een laatbloeier

tsgw opener

De Old Court kwekerij in het Britse stadje Malvern ( Worcestershire ) is al vanaf het jaar 1906 de plek waar veel moderne asters  worden gehybridiseerd.

Het kweken en ontwikkelen van herfstasters vormt nog steeds de belangrijkste bezigheid van de Old Court Nurseries.

In veel Engelstalige landen noemt men asters;  Michaelmas Daisies.

058

The Picton Garden (een eerbetoon aan de vorige kweker; Percy Picton) is een onderdeel van de kwekerij. De tuin wil tuiniers inspiratie bieden en laten zien dat deze laatbloeier in veel tuinstijlen kan worden gebruikt.

Dat dit meer dan gelukt is bewijzen de grote aantallen bezoekers. De Picton tuin is een van “de bestbezochte tuinen in Engeland” en heeft vaak in magazines en kranten gestaan.Ook filmploegen wisten de tuin te vinden.

Herfstasters zijn bij uitstek geschikt om in het najaar kleur in de border te brengen. Vrijwel alle asters, in wat voor kleur dan ook, passen goed bij vaste planten, heesters en bomen in herfstkleuren.

021

Een ander belangrijk onderdeel van de Picton Garden is de Plant Heritage Nationale Collectie van de herfstbloeiende asters en verwante soorten.

Alleen al deze collectie planten is een bezoek aan de tuin waard. De collectie van deze herfstbloeiers heeft niet alleen waarde als erfgoed, veel oude rassen maken nog deel uit als uitgangsmateriaal voor nieuwe astersoorten.

019

Asters zijn voor vliegende insecten nog een toetje nadat veel planten al aan het uitbloeien zijn.

016
015
013
010
007

Old Court Nurseries, Colwall, Malvern, Worcestershire WR13 6QE, England
Sat Nav: WR13 6QE
Telephone: 01684 540 416

website Old Court Nuseries & de Picton tuin.

Ga naar de welkompagina