Harry Pierik: SECRET GARDEN ZWOLLE (2)

Gevelgroen op onverwachte plekken, aanleg en onderhoud.

(Bekijk hier deel 1)

In opdracht van de gemeente Zwolle ontwierp ik in 2017 ruim veertig geveltuintjes in de binnenstad. Deze groene stroken zijn samen met het gemeentelijk groenonderhoud (ROVA) ingericht tegen gevels van allerlei stegen en straatjes in het Broerenkwartier aan weerszijden van de Diezerstraat en op Het Eiland.

1
2017, geveltuin Korte Smeden op Het Eiland, bijna een jaar na aanleg. Warme kleuren afgewisseld met grijsblauw, contrast en eenheid met de hardstenen puien van het winkelpand. Rechts vooraan staan o.a. Persicaria amplexicaulis ‘Blackfield’ en Festuca glauca ‘Elija Blue’, daarachter, tegen de hardstenen pui de wintergroene hemelse bamboe Nandina domestica die koperkleurig jong blad krijgt. Na de witte bloemetjes verschijnen trossen met rode bessen, die de hele winter aan de struik blijven zitten. De auberginekleurige bodemkruiper verderop vooraan over de rand van cortenstaal is Ajuga reptans ‘Black Scallop’.

De naam Secret Garden staat voor het verrassingselement van deze geveltuinen op soms totaal onverwachte en verborgen plekken en is bedacht door stedelijk beheerder beplanting Tsjerk Jelsma.

2
2016, Korte Smeden hier nog zonder geveltuin.

Hoe worden deze tuintjes gemaakt? Nadat de contouren met krijt op de stoep zijn getekend, volgt het straatwerk. Stenen en zand eruit en daarna wordt er een solide kantafsluiting van betonbandjes aangebracht, stijlvol afgewerkt met een veegwagenbestendige hoes van COR-TEN-staal.

3
2016, de Nieuwstraat zonder geveltuin met op de achtergrond een deel van de stadsmuur

 

4
De Nieuwstraat, bijna een jaar na aanleg. Met helemaal vooraan Thuja occidentalis ‘Brabant’, die regelmatig geschoren wordt en zo qua vorm en textuur een contrast vormt met het glanzende blad van zijn buurman Magnolia grandiflora ‘Little Gem’. Daarvoor de wintergroene varen Dryopteris erythrosora, en verderop de lichtgroene blaadjes van Lonicera nitida ‘Baggesen’s Gold’. Meer daarachter Mahonia ‘Media’, Hydrangea paniculata ‘Lime Light’ en Nandina domestica , omringd door Persicaria amplexicaulis ‘Dikke Floskes’, diverse geraniums en wintergroene grassen. De grotere heesters worden schuin oplopend gesnoeid, de vorm heeft dan iets van een steile groene helling tegen de muur.

Minstens veertig centimeter diepe, rulle tuinaarde, vermengd met bentoniet, staat garant voor groei en bloei op de meestal zanderige ondergrond tegen de gevels. Vervolgens zet ik alle potjes op de juiste plek en planten de binnenstadtuinlieden van de ROVA, Gert Bruggeman en Bennie Herbrink, alles erin.

5
2016, Drie Pistolengang op Het Eiland, zonder …

6

Maart 2017, Drie Pistolengang, Het Eiland, de geveltuin is net ingericht.

Oktober 2017, Drie Pistolengang, Het Eiland, geveltuin ruim een half jaar na inrichting.
8
Drie Pistolengang, Het Eiland. Geveltuin op het noorden. Mahonia eurybracteata ‘Soft Caress’ geflankeerd door Fuchsia ‘Mrs Popple’. Op de voorgrond links en rechts het bladverliezende gras Haconechlea macra ‘Allgold’, zonder groene middenstreep, daarnaast links van het midden o.a. de compacte Fuchsia ‘Tom Thumb’ en Pulmonaria ‘Opal’. Uiterst rechts vooraan het bruine blad van Heucherella ‘Art Deco’.

Al deze tuintjes krijgen water uit een tankwagen. De grond wordt van te voren stevig, maar voorzichtig, aangedrukt zodat er een ringvormig geultje rondom de nieuwe aanplant ontstaat. Zakt het water meteen weg, dan moet de bodem opnieuw iets worden aangedrukt, tot het water een poosje blijft staan en langzaam door de bodem wordt opgenomen. Zo kan de vochtige grond om de haarwortels slibben. Daarna wordt uiteraard geen water gegeven zolang de aarde vochtig is.

9
Enkele potjes met heesters zijn door mij uitgezet in de Broerenstraat. Het is handig om eerst de grotere heesters te planten, vervolgens kunnen de kleinere planten aanvullend op hun plek worden gezet.

 

10
Voorman van de ROVA in de binnenstad, Gert Bruggeman, plant het door mij uitgezette groen in een geveltuin in de Spiegelstraat.
11
Geveltuin in de Spiegelstraat net na de inrichting. Links de winterharde Toscaanse jasmijn Trachelospermum asaticum ‘Star of Toscane’. Daarnaast de grote lancetten van het kwartjesblad Aspedistra elatior en wintergroene varens en grassen. Rechts Nandina domestica.

Om onkruidgroei in te dammen en om de structuur van de grond te verbeteren, maar vooral om het bodemleven te stimuleren, wordt er compost tussen de verse aanplant uitgestrooid. Dit mulchen geeft allerlei voordelen want het levert niet alleen een barrière tegen ongewenste zaailingen op maar zorgt ook voor minder zonlicht op de bodem, waardoor het voor ‘onkruid’ moeilijker wordt om daar te ontkiemen.

12
April 2017, pas aangelegde geveltuin in de Broerenstraat.

Onder die mulchlaag krioelt het van allerlei voor planten waardevolle schimmels, bacteriën en eencellige diertjes. Deze micro-organismen nemen mineralen en voedingsstoffen tot zich en maken uit organische mest en bladresten voedingsstoffen vrij die op hun beurt weer onmisbaar zijn voor de beplanting. Bijkomend voordeel is dat de bodem onder een laagje mulch over het algemeen ’s zomers minder uitdroogt en in de winter wat meer warmte vasthoudt.

13
Kersverse aanplant tegen een gevel in de Spiegelstraat met veel wintergroen. Onder andere met Nandina domestica, de winterharde Toscaanse jasmijn Trachelospermum asaticum ‘Star of Toscane’, het kwartjesblad Aspedistra elatior en wintergroene grassen. De hoes van COR-TEN-staal staat niet op deze foto maar is hier inmiddels aangebracht.

Het onderhoud vindt plaats op een aantal middagen per jaar met een enthousiaste groep vrijwilligers. Onder mijn leiding wieden en knippen zij al deze geveltuintjes. We verzamelen het groenafval in zakken die door de ROVA worden opgehaald voor recycling.

14
Mandjesstraat, een jaar na inrichting. Links vooraan het bladhoudende heestertje Sarcococca confusa dat in de winter heerlijk geurend bloeit, daarnaast het zilverwit gevlekte longkruidblad van Pulmonaria saccharata ‘Reginald Kaye’, dan Liriope muscari ‘Moneymaker’ met lichtpaarse trosjes die doen denken aan de bloemen van Muscari, het blauwe druifje; vandaar de soortnaam. Daarachter de compacte Fuchsia ‘Tom Thumb’ met Geranium ‘Jolly Bee’ (ach ja, das waar ook, die moet nu ‘Rozanne’ worden genoemd). Het glanzende blad op de achtergrond is van Magnolia grandiflora ‘Little Gem’.

Door te wieden laten we de aarde zoveel mogelijk met rust zodat het bodemleven nauwelijks wordt verstoord. Naarmate de planten uitgroeien zal het onderhoud steeds meer bestaan uit zeer specifiek snoei- en knipwerk, wat sowieso een wezenlijk onderdeel van groenvormgeving is.

15
Vrijwilligers bezig met het onderhoud aan de geveltuin in de Korte Smeden. Vooraan Fuchsia ‘Whiteknight’s Pearl’, Kalimeris incisa ‘Blue Star’ en de donkerrode aartjes van Persicaria amplexicaulis ‘Blackfield’. Over de rand van COR-TEN-staal groeit het schapengras, Festuca glauca ‘Elijah Blue’. Tegen de hardstenen pui staat de tamelijk transparante Nandina domestica.

Planten die in de breedte uitstoelen knippen we nu en dan zorgvuldig ‘bij’ zodat er voldoende ruimte overblijft voor de buurplanten, waardoor de rijke schakering van het bloembed zo veel mogelijk intact blijft. Daarbij kies ik telkens welke ‘hoofdrolspelers’, hoewel passend ingebed in allerlei onmisbare ‘bijrollen’, zoveel mogelijk worden vrijgehouden. Om een voorbeeld te noemen: contrastrijke begeleiders, als het donkerbladige zenegroen Ajuga reptans ‘Black Scallop’ en het grasachtige blad van de zwarte slangenbaard Ophiopogon planiscapus ‘Niger’, houden we in toom ten gunste van de blauwe, laagblijvende jeneverbes, Juniperus squamata ‘Blue Star’.

16
Korte Smeden. Vrijwilligers aan het wieden onder andere tussen Geranium ‘Sandrine’, de purperen magenta doorbloeier met donker hart. Daartegenaan spreidt Pulmonaria ‘Diana Clare’ haar zilveren bladeren met een grijsgroene echo van Pulmonaria ‘Opal’ en helemaal vooraan Pulmonaria ‘Majesté’ en de gele dovenetel Lamiastrum galeobdolon ‘Herman’s Pride’. Tussen het auberginekleurige zenegroen staat het vrij te houden blauwgroene jeneverbesje Juniperus squamata ‘Blue Star’.

Om geen groene Tsunami te krijgen het van wezenlijk belang met name de heesters zo bij te houden dat er een soort groene helling of bosrandopbouw ontstaat. Dit bereik je door met zekere regelmaat de beplanting piramidaal, richting muur, op te snoeien.

Bekijk hier deel 1

Alle columns van Harry Pierik bij tuinenstruinen.org op een rij.

De website van Harry Pierik.nl

 

Een vooruitblik op de RHS Chelsea Flower Show 2018 – Deel 1 de tuinen

Van 22 tot en met 26 mei dit jaar is het opnieuw tijd voor de wereldberoemde RHS Chelsea Flower Show. Leveranciers en bekende (en onbekende) kwekerijen tonen hun nieuwste producten en tuinplanten. Britse en internationale tuinontwerpers en tuinarchitecten laten hun kunsten zien in de grote showtuinen en de kleinere, maar net zo geliefde, Artisan Gardens.

Volop inspiratie

Behalve de genoemde tuincategorieën is er dit jaar een nieuwe discipline bijgekomen, de Space to Grow Gardens. Deze inventieve tuincategorie geeft volop inspiratie om groene plekken in en om het huis te maken op plekken waar dit voordien niet mogelijk was. Een voorbeeld hiervan is de levende muur of muurtuin. Inmiddels zijn er bij toeleveranciers veel (modulaire) systemen verkrijgbaar om dit soort tuinen technisch mogelijk te maken.

Nieuwe indeling

De tuinshow zal dit jaar een nieuwe lay-out krijgen en is de Ranelagh Garden op vrijdagavond 25 mei tot laat open met live muziek en ander entertainment.

RHS

Het Gezondheid en Welzijn-aspect van tuinen als thema

De RHS Chelsea Flower Show, op de ‘Grounds’ van het Royal hospital in Chelsea Londen, heeft dit jaar voor een actueel thema in de tuinenwereld gekozen: Health and Wellbeing (gezondheid en welzijn). De nadruk ligt daarbij op elementen in de tuinen die u ook in uw eigen situatie kunt verwezenlijken. Om het gunstige aspect van tuinieren op onze gezondheid en welzijn te benadrukken zijn enkele tuinen ontworpen om u de kracht van planten te tonen.

Daarnaast zullen deze tuinen u oplossingen laten zien voor actuele milieuproblemen. Ook het hergebruik van materialen in tuinontwerpen heeft dit jaar een prominente rol gekregen.

De ontwerpers, Feel Good en Romantiek

De ontwerper van een van de populairste showtuinen van vorig jaar, Matt Keightley, is ook dit jaar weer van de partij. De Feel Good Garden die hij heeft ontworpen voor de RHS heeft zijn oorsprong in het ontwerp wat hij heeft gemaakt om te realiseren in de RHS Garden Wisley.

De Britse Garfield Weston Foundation viert dit jaar zijn 60-jarig bestaan met een tuin die een centrale plek krijgt in de grote tent (The Great pavilion). Voor het ontwerp hebben zij niemand minder dan Tom Stuart-Smith, de landschapsarchitect voor de nieuwe RHS Garden: Bridgewater, weten te strikken. Voor de jarige stichting ontwerpt Stuart-Smith een romantische tuin voor Chelsea 2018.

Sarah Price is een andere belangrijke ontwerper dit jaar op de tuinshow. Sarah was medeverantwoordelijk voor de bloemenweides vol in bloei, met voor het overgrote deel inheemse planten, in het olympische park in de Britse hoofdstad. Voor de hoofdsponsor van RHS Chelsea Flower show 2018, M&G Investments, heeft zij een ontwerp gemaakt wat ons een geromantiseerde mediterrane oase laat zien.

Een prachtige Art-impressie van de M&G Garden dit jaar

De tuinen van RHS Chelsea Flower show 2018

Naast de tuin van Sarah price zijn er nog 9 showtuinen. Tuinontwerper Tom Massey heeft dit jaar zijn debuut op de tuinshow met zijn Lemon Tree Trust Garden. Terug op Chelsea 2018 is ook ontwerper Hay-Joung Hwang met zijn futuristische ontwerp voor de Eco-City Garden van LG Electronics. Deze tuin is o.a uitgevoerd met een verticaal bos.

Andere hoogtepunten bij de showtuinen zijn:

  • de bekende ontwerpster Jo Thompson met haar Wedgwood Garden
  • de winnaar van de publiekskeuze van vorig jaar: Chris Beardshaw met wederom een ontwerp voor sponsor Morgan Stanley
  • en het debuut van Jonathan Snow met zijn Trailfinders South African Wine Estate Garden
RHS Feel Good Garden/RHS

Deze tuin is ontworpen om bezoekers aan de show te stimuleren om even stil te staan bij de vele voordelen die een (goed ontworpen) tuin heeft op ons gevoel. Ook het tuinieren zelf kan ontzettend goed uitpakken als (bijvoorbeeld) therapie. De tuin wordt zo een therapeutische ruimte.

De Feel Good Garden is naar een ontwerp van Matt Keightley. Matt werkt momenteel aan het ontwerp voor een thematuin in het health and wellbeing-motto. Deze tuin krijgt een plek in het Centre for Horticultural Science and Learning in de RHS Garden Wisley in Surrey.

Lemon Tree Trust Garden/RHS

Tom Massey’s Show Garden, is naast het debuut van deze tuinontwerper uniek in de samenwerking die tot het uiteindelijke ontwerp is gekomen.

Bij het ontwerp heeft Tom Massey samengewerkt met vluchtelingen ondergebracht in het Domiz kamp gelegen in Noord Irak. Het ontwerp voor de tuin is een verassende samensmelting van verschillende culturen geworden.

De beplanting is droogte-tolerant en bevat eetbare planten en kruiden.

Pearlfisher Garden/RHS

De Parelvisserstuin heeft zich ten doel gesteld de bezoekers bewust te maken van het grote probleem van het plasticafval in de zee. De tuin is ontworpen door John Warland

Urban Flow Garden/RHS

Grote design elementen, een kleurrijke beplanting en praktische inrichting kenmerken deze toch kleine tuin. In de tuin zijn enkele elementen verwerkt die meehelpen om de gevolgen van schade aan het milieu door extremer weer te beperken. Zo is er waterbuffering aangebracht en zijn er aantrekkelijke plekken voor dieren gemaakt. Het ontwerp is van de hand van Tony Woods.

In het volgende deel staan de kwekers van tuinplanten centraal.

Harry Pierik: SECRET GARDEN ZWOLLE (1)

Gevelgroen op onverwachte plekken.

Variatie in groen vermindert de aanmaak van stresshormonen en bevordert positieve gevoelens, kortom: groen maakt gelukkig. Groen borgt afwatering, vermindert hitte, verhoogt soortenrijkdom, ofwel biodiversiteit, en is dus van levensbelang, zéker midden in de stad.

1
Brede geveltuin aan de Korte Smeden, een jaar na aanleg. Links op de voorgrond o.a. Geranium ‘Sweet Heidy’ van Marco van Noort uit Warmond; daardoorheen groeit de winterharde Fuchsia ‘Cloverdale Pearl’, lichtroze met witte rokjes. Iets daarachter, meer tegen de winkelgevel, bloeien de zalmroze bloemetjes van Geranium oxonianum ‘Wargrave Pink’. Helemaal vooraan het blad van Heuchera ‘Caramel’, waarvan vaak wordt beweerd dat ie qua kleur moeilijk te combineren valt met andere planten (…). De zilvertinten van Brunnera macrophylla ‘Seaheart’ en Pulmonaria ‘Diana Claire’ en het grijsblauw van het zwenkgras Festuca glauca ‘Elija Blue’ passen bij de hardstenen plinten van de winkel en vormen een contrast met het donkere blad van het zenegroen Ajuga reptans ‘Black Scallop’, de slangenbaard Ophiopogon planiscapus ‘Niger’ en Heucherella ‘Art Deco’. Wintergroen zijn hier o.a. Carex oximensis ‘Eversheen’ (groene zegge met gele middenstreep over de lengte van het blad) en ‘Everillo’ (zegge met effen lichtgroen blad), Liriope muscari ‘Moneymaker’, de compacte hemelse bamboe Nandina domestica ‘Gulf Stream’ en de herfstvaren Dryopteris erythrosora.

Kunnen strookjes van slechts enkele decimeters breed, tegen muren, een wezenlijke bijdrage leveren aan de vergroening van een stenenrijke omgeving? Oók daar waar telkens elk kruimeltje aarde en elk snippertje groen op het offerblok van opbrengst en doelmatigheid wordt gelegd?

2
Drie Pistolengang. Geveltuin op het noorden, ongeveer een jaar na inrichting. Mahonia eurybracteata ‘Soft Caress’ geflankeerd door Fuchsia ‘Mrs Popple’. Op de voorgrond links het in de winter bladverliezende en in de herfst bruingele gras Haconechlea macra ‘Allgold’ (zonder groene middenstreep), daarnaast o.a. Ajuga reptans ‘Black Scallop’ de compacte Fuchsia ‘Tom Thumb’ en Pulmonaria ‘Opal’.
3
Drie Pistolengang op Het Eiland, geveltuin tegen een donkere muur op het noorden. Kleurrijk met een variatie aan wintergroene heesters, varens en grassen, afgewisseld met diverse winterharde fuchsia’s, waaronder de grootbloemige Fuchsia ‘Mrs Popple’. Rechts tegen de muur groeit de bladhoudende struikkamperfoelie Lonicera nitida ‘Baggesen’s Gold’. De grassen zijn hier vertegenwoordigd door de wintergroene zegge Carex oximensis ‘Eversheen’ en de bladverliezende Haconechlea macra ‘Aureola’, beide met groene middenstreep, maar net even verschillend. Het roze geraniumpje rechts vooraan is G. nodosum dat rijk bloeit in de schaduw en het ook nog behoorlijk goed doet op wat drogere plekken.

In opdracht van de gemeente Zwolle mocht ik het afgelopen jaar in de binnenstad ruim veertig geveltuintjes ontwerpen. Deze groene stroken zijn in samenwerking met het gemeentelijk groenonderhoud (ROVA) ingericht tegen gevels van allerlei stegen en straatjes in het Broerenkwartier en dan met name aan weerszijden van de Diezerstraat en op Het Eiland.

4
Brede geveltuin aan de Nieuwstraat, een jaar na aanleg. Rechts Choisya ‘White Dazzler’ met daardoorheen de uit Nieuw Zeeland afkomstige – en zeker in de stad winterharde – klimmer en wever Muehlenbeckia axillaris. Daarboven enkele takken met smalle lancetvormige bladeren van de immer groene, elke winter heerlijk geurend bloeiende, struikkamperfoelie Lonicera standishii ‘Budapest’. Daarnaast de kransbladige, hulstachtige Mahonia ‘Media’, die in de late herfst of vroege winter bloeit met gele trossen die rijkelijk Lelietje-van-dalengeur verspreiden.  In het midden, tegen de grijze bakstenen pui, de blauwe jeneverbes Juniperus squamata ‘Meyeri’ met haar doffe coniferentextuur en pal daarnaast Magnolia grandiflora ‘Little Gem’ met glanzend wintergroen blad. Meer op de achtergrond, Nandina domestica en de pluimhortensia Hydrangea paniculata ‘Lime Light’, omringd door Persicaria amplexicaulis ‘Blackfield’ en ‘Dikke Floskes’, allerlei geraniums en wintergroene grassen.  Helemaal vooraan de grijsgroene bladeren met crèmekleurige rand van Hosta ‘Valley’s Sushi’ gewonnen door de Zwolse hostaveredelaar Jeroen Linneman (HostaValley) en daarnaast de compacte Nandina ‘Firepower’. Diverse heesters in deze strook kunnen minstens twee meter hoog worden.
5
Geveltuin aan de Pijpebakkersstraat op Het Eiland. Op de voorgrond de niet woekerende gele dovenetel met filigrainblad, Lamiastrum galeobdolon ‘Herman’s Pride’; daartussen enkele glanzende blaadjes van Cyclamen coum, die in de prille lente bloeit. Daarachter Haconechlea macra ‘Aureola’ en de donkerrood uitlopende blaadjes van Nandina domestica ‘Obsessed’ met een echo van het koperkleurig ontluikende blad van de wintergroene herfstvaren Dryopteris erythrosora en wat verderop dat van Nandina domestica ‘Gulfstream’. Beide hemelse bamboes blijven compact en zijn alleen al daardoor zeer geschikt om toe te passen in een geveltuin. Rechts in het midden o.a. Geranium ‘Sweet Heidy’, een selectie van vaste plantenkweker Marco van Noort, die hij naar zijn vrouw noemde. . Tegen de muur staan de enige echt winterharde Toscaanse jasmijn Trachelospermum asaticum ‘Star of Toscane’ en de bladhoudende struikkamperfoelie Lonicera nitida ‘Baggesen’s Gold’.

Stedelijk beheerder beplanting, Tsjerk Jelsma, bedacht voor dit project de naam Secret Garden, wat staat voor het verrassingselement van deze onderling verschillende geveltuinen op soms totaal onverwachte en verborgen plekken.

6
Op de achtergrond van links naar rechts, met glanzend lichtgroen en geurend blad, Choisya ternata ‘Sundance, dan Fuchsia ‘Cloverdale Pink’ in knop, die hier ten dele voorover hangt en waar Geranium nodosum doorheen groeit. Op de voorgrond o.a. Heuchera ‘Caramel’, Pulmonaria ‘Diana Claire’ en ‘Opal’, Lamiastrum galeobdolon ‘Herman’s Pride’, de stengelloze sleutelbloem Primula vulgaris en het Kaukasische vergeet-mij-nietje Brunnera macrophylla ‘Seaheart’, hier en daar afgewisseld met bodembedekker Soleirolia soleirolii ‘Aurea’, het lichtgroene slaapkamergeluk.

Elk perk is een, zorgvuldig gecomponeerde, rijk gedetailleerde eenheid in vorm, textuur en kleur van bloem, blad, schub of bes; alle seizoenen mooi en met een natuurlijke uitstraling. Hoe langer je kijkt, hoe meer details je ziet. Er groeit hier een uitgebalanceerde afwisseling in bladhoudende en bladverliezende planten, met het accent op wintergroen, dat wel, want het is in de binnenstad. Zowel heesters als vaste planten, maar ook grassen, varens en kleine bolgewassen, ontwikkelen zich – waar de ruimte dat toelaat – tot iets wat doet denken aan gevarieerde bosrandjes tegen de gevels. Soortenrijkdom is hierbij het toverwoord. Uiteraard is deze manier van tuinieren ook gunstig voor bijen, vlinders en andere insecten; soms fladdert er een kleine vos door een van deze smalle, drukke winkelstraten.

7
Geveltuin aan de Korte Smeden op Het Eiland met links de geurende Choisya ‘White Dazzler’ in combinatie met Muehlenbeckia axillaris, daarnaast de hemelse bamboe Nandina domestica en Persicaria amplexicaulis ‘Blackfield’. Rechts van het midden de lichtroze Fuchsia ‘Whiteknight’s Pearl’, die menshoog gaat worden. Op de voorgrond o.a. de blauwe dwergjeneverbes Juniperus squamata ‘Blue Star’, het lichtgroene slaapkamergeluk Soleirolia soleirolii ‘Aurea’, het notenhoutachtige blad van Heucherella ‘Art Deco’, het blauwe zwenkgras Festuca glauca ‘Elija Blue’, de niet woekerende gele dovenetel Lamiastrum galeobdolon ‘Herman’s Pride’, Hosta ‘Halcyon’ en Brunnera macrophylla ‘Seaheart’ met haar stevige ronde bladeren, die hun kleur lang behouden.
8
Drie Pistolengang. Geveltuin op het noorden. Mahonia eurybracteata ‘Soft Caress’ geflankeerd door Fuchsia ‘Mrs Popple’. Op de voorgrond links het in de winter bladverliezende gras Haconechlea macra ‘Allgold’ (zonder groene middenstreep), daarnaast o.a. Pulmonaria ‘Diana Claire’,(de ‘moeilijk te combineren’…???) Heuchera ‘Caramel’, Ajuga reptans ‘Black Scallop’, de compacte Fuchsia ‘Tom Thumb’, Pulmonaria ‘Opal’ en de kleine vrouwenmantel Alchemilla erythropoda.
9
Close-up van de geveltuin aan de Pijpebakkersstraat op Het Eiland. Achter de band van cortenstaal o.a. Choisya ‘White Dazzler’, daarvoor de wintergroene glansschildvaren Polystichum polyblepharum, en helemaal vooraan de in de prille lente lichtgeel bloeiende stengelloze sleutelbloem Primula vulgaris, dan het donkere, glimmende blad van kruipend zenegroen Ajuga ‘Black Scallop’ en de nazomer- en herfstbloeier Cyclamen hederifolium, sterk contrasterend met oplichtende Soleirolia soleirolii ‘Aurea’. In het midden voor Nandina domestica ‘Obsessed’ en links daarvan het blad van een Helleborushybride, begint Liriope muscari ‘Moneymaker’ te bloeien.

In de volgende column zal ik meer laten zien en vertellen over de aanleg en het onderhoud van deze geveltuinen in hartje binnenstad van Zwolle.

HARRYPIERIK.NL

Bekijk hier deel 2

Belevingstuinen voor Alzheimerpatiënten

De helende tuin (serie)

Natuur ervaren, planten aanraken, duifjes zien, bloemen ruiken en herkennen van vroeger. Maar ook veilige paden, rubberen tegels en dingen om te ‘doen’ zijn elementen die toegepast kunnen worden in tuinen die speciaal zijn ontworpen voor dementerende ouderen.

Er zijn in Nederland nu een aantal van zulke tuinen gebouwd en de ervaringen zijn ronduit positief. Een dergelijke tuin moet voldoen aan specifieke eisen. De tuin moet veilig zijn, hij moet zo gemaakt zijn dat er dingen aan te raken zijn en te ervaren, en hij moet zo gemaakt zijn dat hij herinneringen oproept aan vroeger.

Belevingstuinen voor mensen met alzheimer/dementie

Prikkeling, herkenning en veiligheid

Alzheimer is niet geneesbaar. Zowel de patiënt als zijn omgeving leidt eronder. Een tuin kan het ervaren van de ziekte helpen verlichten, zowel voor de patiënt zelf als voor zijn of haar familie.

Als de tuin genoeg herkenning biedt, door bijvoorbeeld planten van vroeger te planten, of groentes en kruiden, dan worden patiënten daar rustiger van en ze vertellen erover. Als de tuin voldoende prikkeling biedt in de vorm van geuren, geluiden of beelden die aan te raken zijn, dan remt dat zelfs de verergering van de ziekte en leidt het af.

Als de tuin ook dieren heeft of zelfs speeltoestellen, dan kan de familie, als ze op bezoek komen, ook met een gerust hart kleinkinderen meenemen. Zo kan een speciaal op dementerenden en hun symptomen ingerichte tuin op allerlei manieren therapeutisch werken.

Creativiteit op verschillende manieren

De tuinen die wij nu laten zien, gaan allemaal uit van bovenstaande principes: prikkeling, herkenning en veiligheid, maar doen het ieder op een andere manier. De ene tuin heeft een rondlopend pad, dat altijd weer bij de ingang uitkomt, de ander gebruikt juist het model van de ouderwetse kloostertuin en gaat meer uit van rechte lijnen en structuren.

Er zijn tuinen waar ouderen in kunnen ‘meehelpen’ en tuinen waarin ze de was op kunnen hangen. Het mooiste idee vonden wij toch wel de bushalte. Dementerende ouderen willen namelijk vaak terug naar huis. Met deze bushalte kunnen ze iets met die neiging doen. (Met dank aan IntoGreen)

Hoogwaardige stadsnatuur in Afiniti Medini, Maleisië ontworpen door Grant Associates

De positieve werking van een groene leefomgeving wordt ook internationaal  steeds breder gedragen. Maleisië is een land waar men nog veel over (echte) natuur beschikt. In de provincie Iskandar wordt er een nieuwe stad ontwikkeld; Afiniti Medini. Het groen krijgt hierbij de erkenning die het verdiend, groen is hier in een hoofdrol.

Therapeutische horticultuur vormt de basis van het stedelijk groen in deze nieuwe stad. De tuin waar het hier omgaat ligt in het centrum van Medini.  De beplanting is ontworpen door de firma die ook verantwoordelijk is voor het futuristische ontwerp van de botanische tuin (gardens by the bay) in Singapore,  Grant Associates met een ontwerpstudio in het Britse Bath en in Singapore.

De groene oase streeft ernaar een gastvrij toevluchtsoord te zijn, waar mensen met verschillende achtergronden hun emoties en lichamelijk welzijn kunnen verbeteren door zich te onderdompelen in de natuur.

De beplanting is met zorg gekozen en is meerlagig aangebracht. De bovenste laag zijn de daktuinen van bewoners vervolgens zijn daar de muurtuinen die de beplanting gaat verbinden met de onderste lagen.

De beplanting heeft hier ook een duidelijk ecologisch aspect. Bij hevige regenval zorgt de beplanting ervoor dat deze een buffer is tussen de gebouwen en het riool. Het afvoeren van het regenwater gebeurt langzaam via de muurtuinen naar beneden.

De snelheid waarmee het water het complex verlaat noemen we het run-off effect, de samenstelling van verschillende onderdelen van een regentuin heet ook wel een SUDS, Sustainable Urban Drainage System (Duurzaam stedelijk drainagesysteem).

In een groene omgeving wonen heeft meerdere positieve aspecten: het verhoogt ons gevoel van welbehagen, er is minder criminaliteit en de huizen zijn meer waard (+/- 15 %) en zo kunnen we nog wel even doorgaan. De (nagebootste) natuur doet hiermee steeds vaker zijn intrede in de stedelijke omgeving. En daar worden we allemaal blij van!

 

Grant Associates

 

Een perfecte leeftuin met uitzicht op Old Monterey, Californië

Dit landhuis en de tuin liggen boven op een heuvel in Amerika’s rijkste staat, Californië. Het centrum van het oude stadje: Old Monterey, bepaald daar het uitzicht. Aan de andere zijde van de heuvel loopt een riviertje die door de hele stad loopt. Met moderne strakke oevers waardoor het wilde karakter van de rivier, in ieder geval voor dit gedeelte verloren is gegaan.

Het stel die de tuin straks gaan gebruiken waren duidelijk in hun opdracht: maak een tuin om in te leven, maar waar het ook moet lukken om je even terug te trekken, in een rustige sfeer de hectiek van het drukke bestaan even kan worden vergeten.

bt 01

Het vallen van water geeft veel mensen een rustig en meditatief moment. De stapstenen en overhangende beplanting geeft een informele uitstraling, het geheel is nu minder hard. De informele uitstraling komt overal in de tuin terug.

Toch wordt het informele nergens druk en storend door het gebruik van rechte lijnen en een herhalende beplanting.

bt 02

 

bt 03

Op de foto hierboven zien we linksonder een fire pit waar het in de avond met een lekkere malt whisky vast goed toeven is.

bt 05

De tuin,- en landschapsarchitect is Berhard Trainor + Associates 

bt 06

 

 

Het MFO park in Zurich: de comeback van klimplanten als groene muur

 

Door de vele aandacht die er momenteel is voor de levende muur zouden we bijna vergeten hoe we dat voorheen deden. In de meeste gevallen hadden klimplanten deze functie. In het MFO-park in het Zwitserse Zurich maken klimplanten een ware ‘comeback’.

De meest bekende planten voor een wandbekleding zijn de klimop (Hedera) en de Wingerd (Parthenocissus). De klimop heeft als voordeel dat het zijn blad in de winter behoud. Klimop heeft hechtwortels waardoor hij zelfstandig kan groeien, een nadeel is dat deze hechtwortels met gemak door een voeg de spouwmuur kan bereiken en vervolgens meters verderop weer tevoorschijn komt. Vaak brengt de klimop dus schade aan uw muren.

Wilt u toch graag een klimop en/of wingerd tegen de muur gebruik dan een trellis of span staaldraden op ongeveer 10 cm uit de muur, kijk hiervoor bij een goed tuincentrum.

3r

Het MFO park draagt de naam van de fabriek welke zich voorheen op deze locatie heeft bevonden, Maschinenfabrik Oerlikon in Zurich Zwitserland. Bij de  herontwikkeling kreeg het terrein een zakelijke, woon, recreatief en werk functie gecombineerd met veel (experimenteel) groen. Een serie van publiek groen door de gehele wijk komt uiteindelijk samen op het plein.

6r

7r

De futuristische constructie heeft nog het meeste weg van een reuze-pergola en ligt centraal in de wijk. Klimplanten zijn geplant om langs de stalen kabels te groeien. De constructie is aan de voorzijde van 35 meter geheel open, de lange zijdes zijn 100 meter lang en hebben een dubbele rij met staaldraden, de hoogte is 17 meter. Bovenin de pergola is gelegenheid om lekker te zonnen, ook heeft men vanaf deze plek een prachtig uitzicht over Zurich.

8r

Het gemeentebestuur van Zurich heeft voor dit ontwerp gekozen nadat zij er een competitie over gehouden hebben. Het concept en planning is uitgevoerd door Burckhardt en Partner, en naast veel andere specialisten door landschapsarchitect Raderschall. De beplantingsspecialist is dan Fritz Wassmann. De formele opening was in 2002.

 

Een van de problemen met klimplanten die 17 meter moeten afleggen is dat veel klimplanten de neiging hebben aan de onderzijde veel blad te verliezen. Dit is de reden waarom er een mix van planten is gemaakt. Er zijn nu gemengde klimplanten gebruikt voor de zonnige en schaduwzijde. Het heeft een kleine 5 jaar geduurd voordat de ideale combinaties hun werk deden.

De “Greening Grey Britain” tuin ontworpen door professor Nigel Dunnett

tsgw opener

Bij de laatste editie van de RHS Chelsea Flower Show waren er twee tuinen die informatie en inspiratie boden om in uw eigen tuin te verwezenlijken.

Voor het project ‘Greening Grey Britain’ heeft de RHS precies de juiste persoon gevonden in professor Nigel Dunnett. De professor is al jaren bezig met het promoten van naturalistische of ecologische tuin(ontwerpen). De Brit laat zien dat het toepassen van ecologische elementen in de tuin niet ten koste hoeft te gaan van de schoonheid.

Greening-Grey-Britain_Garden-B21A7281
foto; RHS

Het project Greening grey Britain is door de RHS in het leven geroepen om in het stedelijke gebied de spaarzame vierkante meters te vergroenen. Met deze tuin op de drukbezochte RHS Chelsea Flower Show willen Nigel en de RHS laten zien wat er allemaal gedaan kan worden om de directe leefomgeving met groen te verfraaien. Daarnaast kan het groen een buffer zijn bij hevige regenval en kunnen er voorzieningen komen om het dierenleven in de tuin te bevorderen.

Greening-Grey-Britain_Garden-B21A7286
Foto; RHS

Bekijk ook deze video:

Greening-Grey-Britain_Garden-B21A7301
Foto; RHS

De tuin staat bol van de inspiratie om mee aan de slag te gaan. Er kan volop voedsel worden gekweekt en vaak op plekken waar voorheen niet aan werd gedacht, zoals de relatief goedkope levende muur.

Greening-Grey-Britain_Garden-B21A7304
Foto; RHS

Hieronder ziet u een insectenhotel die vrij simpel gemaakt kan worden en ook zonder er veel geld aan te besteden.

De beplanting van deze tuin is volgens het naturalistisch principe, waarbij veel van de planten inheems zijn en gewend zijn aan de lokale omstandigheden.

Greening-Grey-Britain_Garden-Greening-Grey-Britain_Garden-B21A7260
Foto; RHS

involved-ggb

© -2017 The entire content of this site is under copyright protection by the individual copyright holders. Please do not copy any content without permission.

 

De ‘Golden Gardens’ van RHS Chelsea Flower Show 2017

tsgw opener

De showtuinen op de RHS Chelsea Flower Show zijn altijd van een behoorlijk hoog niveau. Jonge tuinontwerpers zijn op van de zenuwen als zij op de bekende zondag/maandag jurydag in hun tuinen de uitslag als oorkonde kunnen bekijken.

Niet alleen de jonge generatie maar ook de tuinontwerpers met een behoorlijke staat van dienst maken zich druk om de uitslag, zij weten immers wat voor een boost je bedrijf doormaakt als winnaar van goud.

De hier op volgende dagen bezoeken 165.000 plant en tuinliefhebbers de show, de kaarten waren al twee weken uitverkocht.

Hieronder een overzicht van alle gouden tuinen:

Show Gardens

M&G tuin

M-and-G-Garden-01
The M and G Garden
M-and-G-Garden-02
M and G Garden

M-and-G-Garden-05

De M&G tuin ontworpen door James Basson wint naast goud ook de titel Best in Show‘.  Zijn ontwerp is gebaseerd op een verlaten Maltese steengroeve met imposante pilaren van kalksteen.

Voor de bouw van deze tuin was Crocus (kwekerij, hoveniers etc.) verantwoordelijk. Crocus kreeg hiervoor de ‘Best Construction Award’.

De Linklaters tuin voor Maggie’s

_V0P1294
The Linklaters Garden for Maggie’s
_V0P1322
The Linklaters Garden for Maggie’s

Maggie Keswick Jencks (Gardens of Cosmic Speculation) kreeg in 1993 te horen dat ze niet lang meer zou leven als gevolg van teruggekeerde en uitgezaaide borstkanker. Eenmaal een klein beetje bekomen van de ergste schrik realiseerde zij zich hoe fijn het zou zijn als er een plek bestond waar kankerpatienten en hun dierbaren zich welkom zouden voelen en tot zichzelf kunnen komen.

Planten waren vanaf het eerste Maggie centre volop aanwezig en bepaalde voor een groot deel de intieme sfeer. De afgezonderde en rustgevende tuin geeft schoonheid en respijt. De tuin is naar een ontwerp van Darren Hawkes.

Maggie Keswick-Jencks overleed in 1995, een jaar later opende het eerste Maggie’s Centre haar deuren.

Breaking Grounds

Breaking-Ground-03
Breaking Grounds
Breaking-Ground-04
Breaking Grounds

 

De Breaking Grounds tuin is ontworpen door de heren Andrew Wilson en Gavin McWilliam. Een elegante weergave van het leer- en denkproces in het onderwijs door middel van metalen, open kaders om de belemmeringen voor het leren te overwinnen. Een kleurrijk weidegebied bevat ‘Waves’ van paarse salvia’s om lateraal denken te reflecteren.

The Royal Bank of Canada

_V0P1216

The Royal Bank of Canada Garden

The Royal Bank of Canada
The Royal Bank of Canada

 

De bossen van het noordelijke deel van Canada waren de inspiratie voor deze tuin ontworpen door Charlotte Harris. Vooral de 5 volwassen dennen ( Pinus banksiana) geven de tuin karakter.

FRESH Gardens

City Living door Kate Gould 

City Living Kate Gould
City Living Kate Gould

Kate Gould en haar bedrijf zijn verantwoordelijk voor het ontwerp en de bouw van de City Living garden. Ook is Kate Gould de sponsor van deze tuin.

Mind Trap

Mind Trap ID-Verde – Ian Price

 

De Artisan Gardens (klik op een foto)

Bekijk ook: RHS Chelsea Flowershow deel 1/2/3/4 (Elk deel duurt +/- 1 uur)

RHS Chelsea Flower Show deel 5

Fotorechten: Royal Horticulture Society Londen. RHS Chelsea Flower Show © 2017 The entire content of this site is under copyright protection by the individual copyright holders. Please do not copy any content without permission.

TuinenStruinen 5 jaar, eerste Lustrum Top 10

rb22
3 – (Anne Boleyn) David Austin rozen voor de gemengde border

19 mei 2017

In de vijf jaar dat TuinenStruinen nu bestaat zijn de onderwerpen op de site van een steeds breder karakter geworden. Een tuin heeft immers zoveel meer te bieden als alleen de schoonheid. De verdieping van wat tuinen te bieden hebben heeft een steeds grotere plek ingenomen bij TuinenStruinen.

Een tuin heeft belangrijke eigenschappen waardoor tuiniers vaak vallen onder de meest gelukkige mensen in ons land. Een tuin heeft een grote rol om onze (drukke) geest te helpen en tot rust te laten komen.

Naast de schoonheid van onze tuinen en het gevoel van geluk te bieden zijn tuinen een belangrijke schakel om de gevolgen van het veranderde klimaat te helpen aanpakken.

TuinenStruinen wil u inspireren om veel planten te gebruiken, hier kunt u als goede en verantwoordelijke tuinier een bepaalde sfeer neer zetten en tevens maatregelen te nemen om de tuin duurzamer te maken en de biodiversiteit te vergroten.

Ton ter Linden in zijn (voormalige) tuin in De Veenhoop. Foto: Gert Tabak

Bij TuinenStruinen zijn er veel berichten te vinden om de schoonheid te combineren met bijvoorbeeld elementen van een regentuin. De afgelopen vijf jaar zagen wij de natuurrijke tuin steeds populairder worden. In de komende vijf jaar zal er een grote inzet nodig zijn om onze tuinen klaar te maken voor de grote gevolgen van het veranderde klimaat.

De komende vijf jaar kunt u veel raad en daad verwachten van TuinenStruinen over de diepere lagen van tuinieren. Door veel informatie te bieden hopen wij u de komende vijf jaar ter zijde te staan en zo samen door deze belangrijke tijden te komen.

Op naar het tweede lustrum!!

10 – Jones Road Garden – Naturalistisch tuinontwerp van Adam Woodruff

Click op een bericht om het te bekijken:

10  Adam Woodruff: Jones Road Prairie Garden 

9 Ton ter Linden: van Jac. P. Thijssepark tot De Veenhoop

8 Stadstuin van 70 m2 met zwembad. De Peppels Tuinen

7  De Rozenliefde van lady Vita Sackville West

6  GO WILD! Een Wilde Bloemenweide in uw tuin

5  Een mooie haag is de trots van elke tuinliefhebber

4  Een border á la Ton ter Linden

3  David Austin rozen voor de gemengde border

 Ineke Greve Huys de Dohm: aan elk feest komt een einde

1  GO WILD! Een gids voor het maken van een ‘Natuurlijke’ Tuin

7 – Lady Vita Sackville West

Het was een grote schok om te vernemen dat de door velen zo geliefde publicist Gerritjan Deunk was overleden. TuinenStruinen is de plek op het internet waar zijn prachtige verhalen een plek hebben gekregen en daar ben ik trots op! Gerritjan was een warme persoonlijkheid en had een enorme kennis van zaken over groen erfgoed en o.a meer over Nederlandse tuin en landschapsarchitectuur.  Gerritjan, reuze bedankt !

tuinenstruinen.org bedankt de volgende personen voor hun positieve bijdrage aan de site:

Carrie Preston, Harry Pierik, Ton ter Linden, Gert Tabak, Tanja van der Knoop, Noël van Mierlo e.v.a.

En dan niet te vergeten, u als lezer en/of regelmatige bezoeker.

Ga naar de Welkompagina

Tuinen en tuinontwerpers op RHS Chelsea Flower Show 2017 (1)

Chris Beardshaw, James Basson, Nigel Dunnett, Sarah Raven, Kate Gould en Sarah Eberle zijn slechts enkele van de grote tuinontwerpers die bij de Chelsea Flower Show 2017 aanwezig zullen zijn. Dit jaar is er ook duidelijk een nieuwe generatie tuinontwerpers aanwezig. De jongste nieuweling op het gebied van tuinontwerpen is Jack Dunckley die met zijn 23 jaar de jongste deelnemer ooit is.

Professor Nigel Dunnett, de ontwerper van de weides vol wilde bloemen in het Londen Queen Elizabeth Olympic Park in 2012, is dit jaar na een korte afwezigheid terug op de show met zijn ontwerp voor RHS Greening Grey Britain Garden. Dunnett laat met zijn ontwerp zien dat er ook op relatief weinig vierkante meters een hoop mogelijk is.

851cdbfd-3faf-46fe-bc1f-e788a1ed2d41

Het ontwerp van Nigel Dunnett moet gezien worden als een tuin te midden van hoogbouw in een stedelijke context. Nigel wil vooral laten zien wat de veelzijdigheid van planten en tuinen zijn, zelfs als de ruimte beperkt is. Veelal zijn hierbij de tuinen in een gemeenschappelijke ruimte.

The-Scent-Garden1088x612

Naast de grote showtuinen langs het hoofdpad zijn er ook kleinere tuinen. Het gaat hierbij over de Artisan (ambachtelijke) tuinen en de fresh Gardens. Hoogtepunt van de Artisan tuinen in 2017 is de deelname van Gary Breeze, winnaar van de beste Fresh Garden vorig jaar. Gary Breeze pakt dit jaar groot uit, in zijn Artisantuin verwerkt hij een replica van een 800-jarig oude boot.

Ishihara Kazuyuki is voor het twaalfde jaar aanwezig op Chelsea met zijn Gosho No Niwa waarvan hij inspiratie opdeed van de Kyoto keizers van Japan.

Sarah Eberle, winnares in vorige edities van de RHS Chelsea Flower Show, heeft zich voor deze show laten inspireren door de Spaanse architect Antoni Gaudi. Wat dit voor pronkstuk gaat opleveren kunnen we binnenkort gaan zien, in ieder geval zal haar sponsor (Viking Cruises) er vertrouwen in hebben.

Mind Trap Garden by Ian Price

Bij de deelnemers met de Fresh Gardens is tuinontwerper Jack Dunckley met zijn 23 jaar de jongste deelnemer aan de RHS Chelsea Flower Show ooit! Jack heeft zich bij zijn ontwerp voor een Fresh Garden laten inspireren door de Bermuda driehoek. Een vulkaan vormt het middelpunt van de tuin met daaromheen een landschap van tropische planten.

Net als bij de grote showtuin van Nigel Dunnett laat Kate Gould manieren zien waarbij zij groen verwerkt op vernieuwende plekken, de ruimte in de steden is immers beperkt en duur.

The Anneka Rice Colour Cutting Garden. Design by tuinvrouw, ontwerper, kok en radio en tv-verslaggever Sarah Raven

Bij de showtuinen gaat James Basson proberen om zijn vorige reeks van gouden onderscheidingen te prolongeren. James gaat voor een re-creatie van een Maltees landschap.

Laurie Chetwood and Patrick Collins gaan voor de synergie, dit jaar doen zij samen voor de derde maal een gooi naar de gouden oorkonde. met  “The Chengdu Silk Road Garden” in de tuin straks een mix van architectuur en beplanting. Lee Bestall viert 500 jaar Covent Garden.

rhs-chelsea__logo-desktop

Andrew Wilson en Gavin McWilliam hopen met hun ontwerp aandacht te krijgen voor het bedreigde landschap van de Heathlands, dit doen zij i.s.m. het Wellington College. Chris Beardshaw gaat voor zijn twaalfde gouden oorkonde, hij werkt dit jaar samen met het National Youth Orchestra die een muziekstuk hebben geschreven waarbij de tuin van Chris voor de inspiratie zorgt.

Morgan Stanley Garden door Chris Beardshaw

Fotorechten: Royal Horticulture Society Chelsea Flower Show. © 2017 The entire content of this site is under copyright protection by the individual copyright holders. Please do not copy any content without permission.

In deel 2: de kwekers en planten

Welkompagina

 

De ‘Revival’ van de tuinen op landgoed Easton in Lincolnshire V.K.

De Easton (ommuurde) tuinen zijn gelegen op een heuvelrug in het prachtige landschap van het Engelse graafschap Lincolnshire. Het landgoed is al meer dan 400 jaar eigendom van de familie Cholmeley.

De huidige generatie van de familie die woonachtig zijn op het landgoed wonen hier vanaf 1993. Vorige generaties zijn door de eeuwen heen druk geweest met de tuin, er werden bomen aangeplant, bruggen, muren en follies gebouwd etc. Het ontwerp van de tuinen was in Tudorstijl.

Easton huis en tuinen in vogelvlucht

In 2001 was de tuin vrijwel overwoekert en was er bijvoorbeeld aan bramen geen gebrek. Er is toen besloten om het grondig aan te pakken, nog in hetzelfde jaar is er een begin gemaakt met de renovatie van de tuin.

Na het verwijderen van allerlei struikgewas ontstonden nieuwe uitzichten en de mogelijkheid voor het aanplanten van vroege bloeiers, meestal bolgewassen.

Britten zijn dol op sneeuwklokjes, die mogen dan ook niet ontbreken in de bostuin van landgoed Easton. De traditie gaat vele jaren terug, veel grote (en vaak bekende) tuinen stellen hun tuin open tijdens het bloeiseizoen. In ons land zijn er ook steeds meer open tuinen en markten waar het sneeuwklokje centraal staat.

Galanthus nivalis in een ommuurde tuin op landgoed Easton

De Nederlandse Tuinenstichting maakt zich jaarlijks sterk voor het openstellen van tuinen met sneeuwklokjes, de lijst met tuinen is elk jaar te vinden op hun website.

Anneke Claasen is de stuwende kracht achter het jaarlijkse sneeuwklokjesgala in de bedrijfshal van Claasen Jachtbouw op de Zaanse Schans. 

Tegen het einde van de negentiende eeuw maakte de tudorstijl een revival, deze tuinmode was altijd aanwezig geweest in de tuin. Hier en daar waren door de tijd wel wat aanpassingen gedaan in de victoriaanse tuinkunst. De tuinen waren in deze periode bijzonder populair.

Velvet border
Woodland

Rond het begin van de twintigste eeuw werd de tuin afgebeeld in tuinmagazine Country Life.  De toekomstige president van Amerika Franklin D. Roosevelt raakte op slag verliefd op het huis, maar nog meer op de prachtige tuinen. Zijn omschrijving van de tuinen spreekt voor zichzelf; … a dream of Nirvana…almost too good to be true.’

Halverwege de twintigste eeuw raakte huis en tuinen in verval. Tijdens de tweede wereldoorlog werd het huis gevorderd door het leger, vanaf toen was dit, voor vier jaar, het onderkomen van  het Parachute Regiment van de Royal Artillery. Het was dit legeronderdeel wat een belangrijke rol speelde bij de slag om Arnhem.

Wilde weelde
Long Border

Na de oorlog raakte de tuinen verder in verval. Dit heeft tot 2001 geduurd, de huidige generatie Cholmeley  zag de potentie van de tuinen.  De stijlbepalende muren moesten opnieuw worden opgetrokken vanwege acuut instortingsgevaar. De nieuwe muren waren het startpunt van de grote renovatie die tot de dag van vandaag nog steeds gaande is.

Easton Walled Gardens
Easton
Grantham
Lincolnshire
NG33 5AP
01476 530063
info@eastonwalledgardens.co.uk

Website

 

 

Waar blijven de groene ziekenhuizen

tsgw opener

iv219704_01f2f
Zicht op het groen buiten. Onze Lieve Vrouwe Gasthuis Amsterdam

In de Verenigde Staten zijn ze niet meer weg te denken, de healing gardens, oftewel ziekenhuistuinen. In de afgelopen jaren is hun populariteit enorm gestegen doordat er steeds meer bewijs is gekomen dat groen bijdraagt aan het genezingsproces. Juist daarom is het zo vreemd dat Nederlandse ziekenhuizen nog maar weinig aandacht aan zowel binnen- als buitengroen besteden.

iv219706_abc15
OLVG Amsterdam

Groen en genezing horen bij elkaar. Dat deze verbinding in Nederland zo verbroken lijkt is opmerkelijk. Historisch gezien heeft groen namelijk altijd een belangrijke rol gespeeld in het genezingsproces. Denk bijvoorbeeld aan middeleeuwse kloosters die aan ziekenzorg deden. Behandeling vond altijd plaats in de buurt van de kloostertuin omdat men er toen van overtuigd was dat frisse lucht en groen de genezing zouden bevorderen. Ook in de Renaissance was er in de bouwstijl van ziekenhuizen veel aandacht voor groen. Met de opkomst van longziektes en tuberculose werden in het begin van de 19e eeuw ziekenhuispaviljoenen en sanatoria juist midden in de natuur gezet omdat dat heilzaam werd gevonden voor patiënten.

Groen is dus al eeuwenlang een basisonderdeel van het genezingsproces. Pas met de opkomst van de moderne gezondheidszorg, die het zo efficiënt mogelijk aanpakken van de aandoening centraal stelde, en niet de patiënt, is de koppeling van groen met genezing verdwenen.

iv219725_3e1f5
OLVG Amsterdam
iv219715_54e4e
OLVG Amsterdam

De helende aspecten van groen in en rond een ziekenhuis

Professor Roger S. Ulrich is een van de pioniers die in de jaren 90 de aandacht voor groen in ziekenhuizen heeft teruggebracht. Hij kwam via onderzoek tot de ontdekking dat groen positieve sociale en psychologische veranderingen bij patiënten veroorzaakt. Zo nemen stress en ongerustheid in groene omgevingen af en zijn patiënten meer in balans.

Hij vond de volgende winstpunten. Therapeutisch groen in en rond een ziekenhuis:

  • vergemakkelijkt stressreductie, en dat helpt om het lichaam sneller in balans te brengen.
  • helpt om een patiënt zijn eigen helende capaciteiten aan te spreken.
  • helpt om een patiënt een ongeneeslijke medische conditie te laten accepteren.
    biedt een omgeving waarin psychische therapie kan plaatsvinden.
  • biedt het personeel een plek om even bij te komen van de stress van het werk.
  • biedt een ontspannen plaats waar patiënten hun bezoek kunnen ontmoeten, even weg van de ziekenhuissfeer.

Hij heeft bijvoorbeeld het experiment gedaan waarin een groep van 160 galblaas patiënten met elkaar vergeleken werd. De helft had uitzicht op groen, de andere helft niet. Degenen met uitzicht op groen scoorden op alle punten beter. Ze konden sneller naar huis, hadden minder pijnstilling nodig, voelden zich beter etc. Dit impliceert dat het toevoegen van groen tot kostenreductie kan leiden.

Zijn onderzoek toont ook aan dat alleen al het kijken naar groen binnen vijf minuten stressverminderend werkt.

iv219732_68975
Catharina Ziekenhuis Eindhoven

Patiëntgericht werken

Door de marktwerking zijn ziekenhuizen in Nederland genoodzaakt onderscheidend te zijn, en het welbevinden van de patiënt meer centraal te zetten. Dit type onderzoek toont aan dat een patiënt die zich beter voelt, ook sneller geneest. Zo leidt investeren in de patiënt, en niet alleen in de ziekte of aandoening zelfs tot kostenbesparing! Een ziekenhuistuin of een binnentuin in de centrale hal, dragen daar dus aan bij. Een goed ontwikkelde tuin kan ook een omgeving zijn waarin nieuwe therapievormen kunnen worden ontwikkeld. Hieronder een mooi voorbeeld van een ziekenhuistuin in de Verenigde Staten.

Er is meer reden om groen en zorg te combineren

Niet alleen historisch gezien horen natuur en genezing bij elkaar, maar groen past ook naadloos in het moderne duurzame denken.

iv219734_49393
Catharina Ziekenhuis Eindhoven

Deze diashow vereist JavaScript.

De chemotuin in de buitenlucht bij het Tergooi Ziekenhuis locatie Hilversum

bron; IVerde – Intogreen

fotografie; IVerde Maayke de Ridder

De ‘Sky Garden’ in Londen is uniek in zijn soort

tsgw opener

sky-garden

De ‘Sky Garden’ gevestigd op 20 Fenchurch Street is uniek in zijn soort. In de openbare daktuin zijn nog eens drie verdiepingen van het kantoorgebouw. Het uitzicht van de binnentuin is ook uniek. Londen kan hier in 360 graden bekeken worden, vooral in de avond is dit uitzicht over de Britse hoofdstad adembenemend.

sky-garden-at-20-fenchurch-street-jason-gairn-04

Zoals op de foto’s te zien is heeft de tuin een glazen dak waardoor we wellicht beter kunnen spreken over een binnentuin.  Hierdoor ontstaat er een gunstig microklimaat voor de beplanting die voornamelijk uit tropische planten bestaat. Geïnspireerd door de zwaartekracht tartende oude tropische bossen. De nevelinstallatie (foto hierboven) zorgt voor de juiste luchtvochtigheid.

sky-garden-at-20-fenchurch-street-jason-gairn-06

sky-garden-at-20-fenchurch-street-jason-gairn-07

Landschap ontwerpbureau Gillespies (met 7 vestigingen in binnen en buitenland, een grote speler) wil met de drie tuinen het verhaal over de ‘evolutie van planten’ vertellen. De grote lijnen zijn hierbij uitgezet door Gillespies voor de specialistische beplanting werkten zij hier samen met beplantingsdeskundigen van bureau Growth Industry.

sky-garden-at-20-fenchurch-street-rhubarb-01

De tuinen zijn verdeeld in drie zones, een schaduw tolerant bos, een overgangszone en bloeiende planten. Het bovenste terras met boomvarens en ficusbomen zorgen voor een aangenaam verblijf op dit terras door de schaduw en koelte. Het middelste terras heeft o.a. een grote verzameling van stokoude Cycad palmbomen. Het laagst gelegen gedeelte van de binnentuin laat een groot aantal bloeiende planten zien die de zintuigen moeten prikkelen.

sky-garden-at-20-fenchurch-street-rhubarb-02

sky-garden-at-20-fenchurch-street-rhubarb-03

De binnentuin is verder uitgerust met een uitzichtpunt, café, bar en restaurant. Buiten op straatniveau moest ook het plein bij de entree worden aangepakt. Het resultaat ziet u op de foto hieronder.

sky-garden-at-20-fenchurch-street-jason-gairn-10

Titel: The Sky Garden at 20 Fenchurch Street, London, UK
Markten: Retail and Workplace, Parks and Green Spaces
Klant: Land Securities and Canary Wharf Group
Services: Landscape Architecture
Regio: United Kingdom
Datum: 2011
Team: Land Securities and Canary Wharf Group

 

Kasteeltuin Arcen een juweel aan de Maas

 

tsgw opener

iv219868_e3819

Zuidelijk gelegen van het Limburgse plaatsje Arcen, tussen de Maas en de  Duitse grens ligt het landgoed Arcen (494 ha).   Aan de westzijde van het landgoed ligt het binnen een dubbele gracht gelegen kasteel met aangrenzende tuinen en het natuurontwikkelingsgebied Barbara’s Weerd. Aan de oostzijde van de n271 [Venlo-Nijmegen] liggen uitgestrekte naald- en loofbossen, afgewisseld met enkele graslandpercelen en de wateren Gelders Vlies en Straelens Schuitwater.

iv219869_4c1e1

Vanwege de prachtige ligging aan de Maas heeft het kasteel, door de eeuwen heen, vrijwel nooit lang leeg gestaan. Het eerste kasteel dateert uit de periode van voor 1300.    Vóór 1511 was dit huis al verwoest. Herbouw vond tussen 1511 en 1521 plaats, maar dit kasteel werd in 1646 verwoest. Vanaf 1653 vond herbouw van een derde kasteel plaats. Het huidige kasteel werd in vele fasen gebouwd. Het grootste deel stamt uit de eerste helft van de 18e eeuw.

iv219870_dfe63

De laatste particuliere eigenaar van landgoed Arcen was August Deusser, een bekende Duitse schilder. Hij overleed in 1942. In 1976 kocht de Stichting het Limburgs Landschap de eerste gronden van het landgoed van de Stiftung Antonie Deusser. Het kostte heel wat werk om de gebouwen in hun oude glorie te herstellen.

iv219871_1a249

Het Kasteel van Arcen stamt uit de 17e eeuw en is gebouwd in opdracht van de Hertogen van Gelre. Het huidige kasteel werd gebouwd op de restanten van het vorige Kasteel dat op haar beurt weer werd gebouwd op de restanten van het eerste Kasteel ‘Huys den Kamp’.

In twee jaar tijd wordt volgens het ontwerp van landschapsarchitect Niek Roozen een uniek tuinencomplex gerealiseerd dat op 21 mei 1988 door Prins Bernard wordt geopend.

iv219873_20b21

iv219874_af7cd

iv219879_85c57

iv219885_6fc7c

Klik op een foto voor groter formaat:

Met behulp van de nieuwe versie van de Hoogtekaart van Nederland is een tot nu toe onbekend doolhof en een restant van een oude tuin uit de 17e / begin 18e opgespoord. De locatie, ontdekt door RAAP, ligt in het bos langs de N271 ter hoogte van de kasteeltuinen van Arcen. Het doolhof van Arcen is de eerste in Nederland dat als archeologisch spoor is aangetoond.

doolhofarcen_ahn2

Het doolhof was opgebouwd uit paden met daartussen kleine wallen. De paden en wallen waren elk drie meter breed. De wallen hadden een hoogte van ongeveer een halve meter. Tezamen vormden zij de ‘Dolgaard’ die een afmeting had van 100 bij 125 meter.
Ten noorden van de doolhof ligt een minder omvangrijke, vergelijkbare structuur in het reliëf verscholen. De symmetrische opzet doet vermoeden dat het hier om een siertuin gaat van 50 bij 100 meter. De ingang van de tuin was vermoedelijk aan de zuidzijde. Hier ligt een klein vierkant perceel van 15 bij 15 meter waar mogelijk een gebouw op heeft gestaan.

 

bamboebos
Het bamboebos
luchtfotorosarium
Luchtfoto van het rosarium
iv219884_a9841
Gedeelte van het rosarium

Foto’s beschikbaar gesteld door IVerde fotograaf: H. Koppen

Kijk voor meer informatie omtrent de ‘Dolgaard’ kijk op de site van RAAP

Informatie over (groen) cultureel erfgoed bij kastelen, buitenplaatsen en landgoederen kunt u vinden op de site van SKBL 

Website Kasteeltuinen Arcen

Rotonde aan de Wijheseweg te Zwolle door Harry Pierik

 

De gemeente Zwolle heeft een lange, groene traditie van wilde bermen door natuurlijk maaibeheer.

Wie vanuit deze stad richting Wijhe rijdt, ziet, nog net binnen de bebouwde kom, een rijk begroeide rotonde opdoemen. Bermen met grassen en inheemse planten flankeren deze weg en aangrenzende stroken bosjes en bomen onttrekken de huizen van Zwolle-Zuid voor een groot deel aan het zicht, wat het geheel een landelijke uitstraling geeft.

1
Midden in de rotonde. Geflankeerd door Pampasgras staan Molinia caerulea ‘Transparent’ en Deschampsia cespitosa, met links de inmiddels uitgebloeide Hydrangea arborescens ‘Annabelle’, het lichtgroene blad van Choisya ternata ‘Sundance’ en de witte bloemen van Anemone ‘Honorine Jobert’. Rechts de vuurdoorn Pyracantha ‘Soleil d’Or’ en de vaste zonnebloem Helianthus ‘Lemon Queen’

Het is dan ook niet toevallig dat grassen een hoofdrol spelen op deze rotonde. Daarnaast staan er veel verschillende vaste planten en heesters, vooral in lichtgroen en oranje. Dit zijn namelijk de logotinten van het nabijgelegen bedrijf Tuinland, de sponsor die deze rotonde heeft geadopteerd en mij de opdracht gaf voor het ontwerp.

2
Eind oktober. Pampasgras met links Anemone ‘Honorine Jobert’ en Buddleja davidi ‘Silver Anniversary’. In het midden de uitgebloeide Buddleja ‘White Ball’ met daarachter de oranjegele vuurdoorn Pyracantha ‘Orange Glow’. Op de voorgrond loopt het oranje wolfsmelk Euphorbia griffithii ‘Fireglow’ over in de pluimhortensia Hydrangea paniculata ‘Burgundy Lace’. Uiterst rechts de lichtgroene bladhoudende struikkamperfoelie Lonicera nitida ‘Baggesen’s Gold’, die ineen lijkt te vloeien met de bladverliezende heester Spirea x thunbergii.

Aangezien ik een lichte allergie heb ontwikkeld voor het planten in grote groepen of mono-vakken, en ook voor door heggetjes in gelijke parten verdeelde groene pizza’s, heb ik van deze rotonde een kleurrijke ‘heuvel’ trachten te maken met een diversiteit in structuur en textuur, maar bovenal met een natuurlijke uitstraling. Hoewel er veel grassen en vaste planten staan kun je deze rotonde, alleen al om het groot aantal hier toegepaste heesters, geen prairietuin noemen.

3
Juli, tweeënhalf jaar na aanleg. Links en rechts Cephalaria gigantea met haar bleekgele bloemen. Links vooraan de transparante halmen van ruwe smele, Deschampsia cespitosa. Rechtsachter Buddleja ‘White Ball’. In het midden Spirea japonica ‘Albiflora’, met links daarvan nog net zichtbaar Persicaria amplexicaulis ‘Orangefield’

Na het tweede jaar beginnen de meeste vaste planten en grassen tussen de heesters uit te dijen en uiteindelijk zullen ze vrijwel de hele bodem bedekken, zodat er steeds minder ruimte voor zaailingen overblijft.
Maar op allerlei plekken, verspreid over de hele rotonde, tref je wel kersverse, borstelige graspollen aan met donkergroene, soms door droogte ingerolde, sprieten. Dit zijn zaailingen van de ruwe smele.

4
Augustus, ruim tweeënhalf jaar na aanleg. Links Buddleja ‘White Ball’ met daarvoor o.a. de transparante stengels van de uitgebloeide Cephalaria gigantea. In het midden drie verschillende pluimhortensia’s: Hydrangea paniculata ‘Early Sensation’ en daarachter Hydrangea paniculata ‘Dharuma’ en de hier nog helderwitte Hydrangea paniculata ‘Lime Light’. Onderaan Thuja occidentalis ‘Rheingold’, met nog net in beeld, enkele bloemen van het lichtoranje bloeiende knolgewas Crocosmia ‘George Davidson’ en rechts achter de aren van het pijpestrootje, Molinia caerulea ‘Cordoba’ bloeit Helenium ‘Sahin’s Early Flowerer’. Rechts wat meer op de achtergrond lijkt Lonicera nitida ‘Baggesen’s Gold’ op te gaan in de bladverliezende heester Spirea x thunbergii

Dat ruwe zit ‘m in de bladranden en de driehoekige ribben op de bladschijf, die, bezet met minuscule stekeltjes, aanvoelen als een rasp. Bovendien bevat het blad veel kiezelzuur. Juist deze beide eigenschappen zorgen ervoor dat dit gras door grazers wordt gemeden en daarom wordt deze bint of bent, zoals boeren haar noemen, waar mogelijk, met wortel en al, uit de meeste weilanden verwijderd. Rupsen van allerlei vlinders, zoals zandoogjes en dikkopjes eten haar bladeren trouwens wel en ze is bovendien waardplant van de witkopgrasmineermot.

5-deschampsia
Eind oktober, drie jaar na aanleg, ruwe smele met lampionplant, Physalis alkekengi var. Franchetii. Op de achtergrond pampasgras, Cortaderia selloana ’Rosea’, daardoorheen schemeren de zilverwitte vrouwelijke bloemen van een pol Cortaderia selloana ‘Sunningdale Silver’, die verderop en wat lager staat.
6
Augustus, ruim twee jaar na aanleg.

Hoewel Deschampsia cespitosa zich uitzaait waar ook maar enigszins ruimte geboden wordt, is ze beslist geen wortelwoekeraar; haar wetenschappelijke achternaam, cespitosa, betekent namelijk zodenvormend. Dit omdat de buitenste halmen van de forse, maar compacte, bolronde horsten zich als uitlopers kunnen ontwikkelen, doordat er op de onderste knopen, zodra die met de aarde in contact komen, wortelgroei ontstaat.

7
Oktober, bijna twee jaar na aanleg, met vooraan diverse pollen ruwe smele.

Ruwe smele is zowel inheems als kosmopoliet. Ze gedijt in praktisch alle landen binnen de gematigde zone van Europa, Azië en Noord-Amerika én op Afrikaanse gebergten. Die verspreiding komt dus doordat ze voor vee praktisch oneetbaar is, maar bovenal door haar formidabele aanpassingsvermogen aan haar directe omgeving. De taaie wortels kunnen namelijk wel tot een meter diep gaan.

8
De rotonde is plantklaar gemaakt. Bij mijn eerste bezoek liepen er bandsporen overheen. Daarom zijn er in de rijrichting zware keien geplaatst zodat er niet over de jonge aanplant heengereden kan worden.

Misschien nog belangrijker is het vermogen van diezelfde wortels om luchtweefsel te ontwikkelen, waardoor ze zich kunnen beschermen tegen doornatte omstandigheden en bij verdichting van de bodem, bijvoorbeeld door overstromingen. Bovendien groeit Deschampsia cespitosa zowel in volle zon als in diepe schaduw; hoewel ze op donkere plekken praktisch nooit zal bloeien. En juist haar soms anderhalve meter hoge pluimen bieden de ingetogen schoonheid die haar zo geschikt maakt als luchtige toets in een bloembed.

9-foto-adriaan-holsappel
In het eerste jaar wordt er door de medewerkers van In Balans tussen de planten geschoffeld. Naarmate de planten groeien, zal het onderhoud meer en meer bestaan uit wieden en knippen. Foto: Adriaan Holsappel

Ze staat hier dan ook in vochthoudende grond en in de volle zon, of hooguit op een half beschaduwde plek met een paar uur zon per dag. Boven de tot vier decimeter hoge pol verrijzen vanaf juni de fijn vertakte, zacht glanzende bloempluimen die zich van zilverachtig groen, richting hoogzomer in goud- of bronstinten zullen ontwikkelen. De goudgele wolken op deze rotonde zijn van de cultivar ‘Goldschleier’. Ook na het verspreiden van de zaden blijven de halmen rechtop staan, gekroond met ragfijne twijgjes. Daarom worden de uitgebloeide pluimen niet eerder dan in maart afgeknipt.

10
Links vooraan het fijne blad van Spirea x thunbergii met daarnaast de okergele bloemen van Ligularia dentata ‘Othello’. Links daarboven de uitgebloeide pluimen van Molinia caerulea ‘Transparent’ waar het grijze blad van Buddleja ‘White Ball’ doorschemert. Rechts vooraan Hydrangea arborescens ‘Annabelle’ naast de zilvergrijze witbloeiende vlinderstruik Buddleja davidi ‘Silver Anniversary’. Op de achtergrond en daarbovenuit vuurdoorn, duindoorn en diverse vormen van pampasgras. Oktober, bijna drie jaar na aanleg.

Dat laatste gebeurt ook met de massieve pollen pampasgras, Cortaderia selloana, maar dan wel met handschoenen aan, want over ruw gesproken, cortar betekent snijden en dat slaat op het soms anderhalve meter lange, scherp gerande, blauwgrijze, blad.

11
Verschillende vormen van Cortaderia selloana, waaronder Cortaderia selloana ’Rosea’ en C.’Sunningdale Silver’. Links Buddleya x weyeriana ‘Sungold’, een drie meter hoge donkergeelbloeiende vlinderstruik en de zilvergrijze bladverliezende olijfwilg Elaeagnus angustifolia ‘Quicksilver’, daarvoor een toefje vuurdoorn en de vaste zonnebloem Helianthus ‘Lemon Queen’ met links van het midden een nieuwe scheut van de oranje bloeiende klim- en heesterroos Rosa ‘Westerland’. Rechts Panicum virgatum ‘Thundercloud’.

Vanaf september tot diep in de winter stijgen haar wollige bloempluimen wel twee tot drie meter boven de rotonde uit en vormen zo een baken voor wie aan komt rijden. Pampasgras is tweehuizig en eenslachtig. Hier staan alleen vrouwelijke planten, omdat haar pluimen, in tegenstelling tot die van de mannelijke, praktisch de hele winter intact blijven. ‘Pampasgras is zó jaren zeventig!’ hoorde ik onlangs iemand zeggen, maar planten zijn in principe nooit gedateerd en ook zeker niet ‘oubollig’ of ‘burgerlijk’, allemaal projecties. Altijd gaat het om de context, waar wordt de plant neergezet en in welke combinatie.

12
November, drie jaar na aanleg.

Op dit heuveltje groeien allerlei cultuurvariëteiten, waaronder de roze vorm, Cortaderia selloana ’Rosea’, de ‘Sunningdale Silver’ met opvallende zilverwitte bloemaren en de veel kleinere Cortaderia selloana ’Pumila’.

13
Verschillende vormen van pampasgras domineren het beeld. Links de helderwitte herfstanemoon Anemone ‘Honorine Jobert’, daarnaast Buddleja davidi ‘Silver Anniversary’ met daarachter Panicum virgatum ‘Thundercloud’. Rechts het pijpenstrootje Molinia caerulea ‘Transparent’, waar de wintergroene heester Choisya ternata ‘Sundance’ doorheen schemert.

Langzaam maar zeker transformeert deze rotonde in de beoogde, zorgvuldig gecomponeerde, rijk gedetailleerde eenheid van blad, bloem en bes. Uiteindelijk zullen de met oranje bessen beladen vuurdoorns zeer hoge heesters worden en boven alle graspluimen uitrijzen.

Harry Pierik

Bekijk hier de berichten van Harry Pierik.

Website  Harry Pierik

tuinland-liefde-voor-groen

Tuinland, liefde voor groen. Zwolle

Ga naar de welkompagina

De TuinenStruinen top 10 van 2016

tsgw-google-translate

Top 10 best bekeken berichten van 2016

10

GO WILD! Een Border á la Ton ter Linden

bttl4
foto; Gert Tabak

De bekende tuinier en tuinontwerper Ton ter Linden heeft zijn bekendheid vooral te danken aan zijn hoge en overweldigende borders. De borders met hun natuurlijke uitstraling en subtiele overgangen in kleur hadden een betoverend effect op velen.
In Ton’s tuinen in het Drentse Ruinen kregen zijn borders voor het eerst vorm. Jaarlijks werden deze tuinen dan ook door vele duizenden tuinliefhebbers bezocht. De inspiratie voor zijn borders deed hij tijdens zijn jonge jaren op in het Amstelveense Jac. P. Thijssepark. Toen hij jaren later de gelegenheid kreeg om samen met Anne van Dalen een boerderij met meer dan een hectare grond te kopen begon Ton zijn droom te verwezenlijken. LEES VERDER

9

Borderplan – Nazomer en herfst in de border

ps 10

In veel tuinen is er na juli nog maar weinig kleur te ontdekken. Dat is gelukkig helemaal niet nodig, er zijn zoveel mooie planten die juist in de nazomer en de herfst hun bloemen tonen. Met deze laat bloeiende planten verlengt u het bloeiseizoen zodat de border ook na de zomervakantie nog prachtig is. LEES VERDER

8

Borderplan – De vele kanten van vaste planten

1. Spetterende kleuren in juli
Spetterende kleuren in juli in de tuin van Ton ter Linden. Foto; Gert Tabak Visual art.

Vaste planten prikkelen de zintuigen, verbeteren het stadsklimaat, vragen weinig onderhoud en zijn zeer aantrekkelijk voor bijen en vlinders. Een afwisselende beplanting, met veel verschillende soorten, heeft bovendien een positief effect op het welzijn van mensen. Openbaar groen kan dankzij vaste planten dus kleurig, ecologisch waardevol én onderhoudsvriendelijk worden. LEES VERDER

7

Top 10 Vaste planten voor bijen en vlinders

sarah-raven-cutting-verbena
Sarah Raven snoeit enkele takken van haar Verbena bonariensis

Een vlindervriendelijke tuin staat vol nectarplanten, je helpt er vlinders, bijen en andere nuttige insecten mee. Gelukkig is het geen straf om vlinderplanten in de tuin te zetten, ze hebben namelijk prachtige bloemen. Bovendien is er, dankzij deze kleurige en rijke bloeiers, altijd wat te beleven in de tuin: de dansende vlinders en ijverige bijen zijn een lust voor het oog. LEES VERDER

6

Een mooie haag is de trots van elke tuinliefhebber

2003_0101Image0012
Rozenhaag.

Een haag is wel zo’n beetje de oudste manier om een grens aan te geven. Hagen kunnen dienen als afbakening en bescherming. Hagen zijn ook vaak de plekken waar veel vogels voedsel en bescherming zoeken. Een haag kan ook een mooie achtergrond vormen voor uw beplanting. Door de opkomst van vaak foeilelijke bouwmarkt-schuttingen heeft de haag het moeilijk gekregen. Tijd om de schutting te vervangen voor een fraaie groene muur: Schutting eruit – Haag erin! LEES VERDER

5

Dossier Duurzaam Tuinieren – Bodembedekkers als alternatief voor gras

Goldnessel_b_(Lamium_galeobdolon)
Lamiastrum galeobdolon

Tuinliefhebbers die houden van een groene tuin, maar een glad gazon wat saai vinden, kiezen steeds vaker voor ‘bodembedekkers’. Dat zijn planten en plantjes die samen snel een netwerk vormen van wortels en bladeren en daarmee grote oppervlakten kunnen afdekken. Ze hoeven – laten we eerlijk zijn, dat is toch een voordeel! – niet om de haverklap te worden gemaaid. LEES VERDER

4

Combineren met vaste planten in de border

23. detail van het Zwarte bordertje (aug)
detail van het Zwarte bordertje (aug) foto; Gert Tabak

Vaste planten staan momenteel volop in de belangstelling. Deze groep planten heeft dan ook vele positieve eigenschappen waar we zeker gebruik van moeten maken. De keuze aan vaste planten is de laatste jaren flink veranderd en uitgebreid.
Vaste planten kunnen een belangrijke rol spelen in allerlei tuinstijlen. Bij een klassieke border zijn eigenschappen zoals kleur en hoogte belangrijker dan bij een ‘natuurlijk’ ontwerp. LEES VERDER

3

GO WILD! Een Wilde Bloemenweide in uw tuin

Mengsel-G1-IMG_0119

De natuurrijke tuin is bezig met een flinke opmars. Steeds vaker ontdekken tuinbezitters deze tuinstijl. Dit soort tuinen zijn een stuk duurzamer dan de traditionele tuin en kennen een grote biodiversiteit (dierenleven). De natuurtuin of wilde tuin kan op verschillende manieren vorm krijgen. In eerdere berichten van de serie GO WILD! heeft u hier al over kunnen lezen. Ditmaal behandelen we de wijze waarbij zaaien het uitgangspunt vormt van onze nieuwe natuurrijke tuin. LEES VERDER

2

David Austin rozen voor de gemengde border

rb18

In de ruim 45 jaar dat David Austin rozen kweekt heeft hij inmiddels zo’n 800 nieuwe variëteiten op zijn naam staan. Al zijn rozen ruiken nog echt ouderwets lekker en hebben over het algemeen dikgevulde bloemen met zachte pasteltinten en juist deze eigenschap maakt deze rozen uitermate geschikt voor in de gemengde border. LEES VERDER

1

GO WILD! Een gids voor het maken van een ‘natuurlijke’ tuin

20. transparantie in juli
transparantie in juli foto; Gert Tabak

De natuurlijk ogende tuin wint steeds meer terrein in De Lage landen. De vaak als stijfjes ervaren traditionele borders waarin de planten zijn gerangschikt van laag naar hoog, als ware het een ouderwetse klassenfoto, worden steeds vaker omgetoverd in stukjes geschapen natuur. LEES VERDER

Top 10 meest bekeken berichten 2014.

De tien best bekeken berichten van 2015.

2017

Beste tuinvrienden

Dit jaar zal bij TuinenStruinen, meer dan in voorgaande jaren, de focus komen te liggen op Nederlandse tuinen. We duiken in het verleden naar de tuinen bij kastelen, buitenplaatsen en landgoederen en kijken naar de toekomst van de Nederlandse tuinen. Tevens gaat TuinenStruinen meer gebruik maken van video en virtual reality, zoals bv. 360 graden foto’s van Nederlandse tuinen.

Mocht u bepaalde op of aanmerkingen hebben over de keuze aan berichten, of andere zaken dan hoor ik dat graag van u via de contactpagina.

Veel lees en kijkplezier in een goede gezondheid toegewenst in 2017.

mb signature

De opkomst van speciale Rozentuinen

bodnant-14a8364
Het rosarium in de tuinen van Bodnant House in Wales

Rozen spreken tot vrijwel ieders verbeelding vooral de pure schoonheid van rozen spreekt velen aan.  Mogelijk is de teelt in de buurt van de Indus-vallei of in China het eerst ontstaan. In ieder geval vervaardigden de oude Perzen al rozenolie uit de bloemblaadjes en wordt er in de oudste Chinese boeken al over rozen gesproken.

Via de Grieken kwam de Perzische rozenteelt bij de Romeinen terecht, die verzot op rozen raakten en er driftig mee kweekten.

Rosarium Bodnant Wales
Rosarium Bodnant Wales

De oudste gekweekte Europese rozen stammen uit die Romeinse cultuur. Maar later kreeg de teelt opnieuw een stimulans toen de Europese ridders tijdens de kruistochten naar Palestina daar de (andere) rozen ontdekten en mee naar huis namen. Een gevolg was dat al in de 13e eeuw in de buurt van Parijs rozenolie werd geproduceerd.

Rosarium Bodnant wales
Rosarium Bodnant wales
garden view
David Austin’s Lion Garden
Quandofiorianno Le Rose Assisi Italië
Quandofiorianno Le Rose Assisi Italië

De Roos is dus een zeer geliefde tuinplant, in de negentiende krijgt deze populariteit opnieuw een impuls. Er worden speciale tuinen voor aangelegd met perken die alleen rozensoorten bevatten.

Veel van deze tuinen (rosaria) bestaan nu nog. Uit het werk van tuinpublicist John Claudius Loudon (1783-1843) blijkt dat rosaria omstreeks 1825 in Engeland al vrij algemeen zijn. In 1855 komt er een standaardwerk over rozen. Het boek is samengesteld en geschreven door William Paul: The Rosegarden . Paul geeft aan om graspaden tussen de plantvakken aan te leggen in een rosarium, om de kleur van de rozen beter te doen uitkomen.

david-austin-renaissance-garden-with-adelaide-dorleans
Inspiratietuin in Renaissance-stijl. De rambler op de voorgrond is Adélaïde D’Orléans

Ook moest er een verhoging in het rosarium komen om uit te kunnen kijken over de bloemenpracht. Bogen waar langs de leirozen kunnen groeien en een bloemenslinger van touw of ketting waar rozen tegen aan kunnen groeien. Ook opvallende bouwkundige elementen zoals loofgangen, follies, paviljoenen en nog wat later deed ook de pergola zijn intrede in de verschillende rosaria.

princess-anne-in-dar-garden-osaka-japan-a4
Hier op de voorgrond ziet u de Rosa ‘Princess Anne’ in Osaka, Japan
Regents Park Gate
‘Lady of Shalott’ bij de entree van het Regent Park Londen
Lion Garden View with 'Graham Thomas'
Lion Garden View with ‘Graham Thomas’
Rosa 'Darcey Bussell', Hippolyte' en 'Christopher Marlow'
Rosa ‘Darcey Bussell’, Hippolyte’ en ‘Christopher Marlow’

Tussen 1880 en 1930 zijn rozentuinen in ons land zeer geliefd. In 1908 wordt in Onze Tuinen een verslag gedaan van een rozenfeest in Nijmegen georganiseerd door De Roos (vereniging tot bevordering  van de rozenteelt, opgericht in 1891)  waarbij wordt  vermeld dat de rozencultuur in ons vaderland zich met reuzenschreden begint te ontwikkelen.

Long garden
Long garden

Op de meeste buitenplaatsen worden rosaria aangelegd. Zelfs in de kleinste tuintjes in de steden worden rozen geplant, zowel als solitair of in alle borders.

Lion Garden
Lion Garden

De vroegste voorbeelden van rosaria in ons land zijn:

  • Edouard André, een rozentuin bij kasteel Weldom te Goor. (1888)
  •  Carl Petzold, rosarium bij Cingendael Den Haag. uitgevoerd door Leonard Springer (1888)
  • Dirk Tersteeg, rosarium De Uytwijck nabij Hilversum.
The Lion Garden
The Lion Garden David Austin
Canal Garden
Canal Garden David Austin

Garden Views

thomas-a-becket-14a8612
Thomas a Becket

Geraadpleegd voor dit artikel: Nederlandse Tuinarchitectuur 1850-1940 Bonica Zijlstra.

Tuinplantenencyclopedie (op kleur) Modeste Herwig.

Wolfgang Oehme: De nalatenschap van de grassenpaus

Op 15 december 2011 stierf de Duitse Amerikaan Wolfgang Oehme op 81 jarige leeftijd in Baltimore. In zijn persoon emigreerde in 1957 een tuin- en landschapsarchitect naar de Verenigde Staten, die, aangestoken door de geest van Karl Foerster de tuinkunst van Amerika en de hele westerse wereld verrijkte. Een retrospectief.

Tekst Stefan Leppert, vertaling Gerritjan Deunk

De eerste ontmoeting moet ongeveer zo verlopen zijn: Een kersverse ingenieur in de landschapsarchitectuur staat in de rij bij de kassa van de kantine, een blad met middageten in zijn handen. Achter hem staat een oudere heer te hannesen met zijn portemonnee. Hij is een Amerikaanse professor die vergeten is dollars om te wisselen in Zwitserse franken, die hij nodig heeft om zijn lunch op het congres hier in Zwitserland te betalen. Hij heeft net het bord ontdekt: alleen Zwitserse Franken. Voor hem staat Wolfgang Oehme, de jonge ingenieur die ten eerste franken heeft en ten tweede vanwege zijn jaren in het buitenland vertrouwd is met de Engelse taal, die de nerveuze professor wat voor zich heen stamelt.  Hubert Owens heeft geld nodig en Wolfgang Oehme heeft het. Ze komen in een gesprek dat de professor zijn leven lang bij blijft. Zo iemand is hij nog nooit tegengekomen. Een mens als Oehme lag volledig buiten zijn voorstelling van een Homo Sapiens.

wolfgang-oehme-kopie
Wolfgang Oehme

Vijftig jaar later herinnert Wolfgang Oehme zich dit IFLA-congres uit 1956 en hoe hij deze Hubert Owens bombardeerde met de botanische namen van vaste planten, houtgewassen, varens en grassen. Om het beeld vast te houden: Deze verbale zaadbommen vielen bij Owens in vruchtbare grond, want de professor was van mening dat juist het de Amerikanen aan deze jonge kerel ontbrak en nodigde hem uit naar de USA te verhuizen.

Wat had de kersverse landschapsarchitect tot dan meegemaakt dat hij direct besloot het aanbod aan te nemen? Veel bleef ook voor mij in de schemering verborgen, hoewel ik gepoogd heb met mijn boek ‘Zwischen Gartengräsern’ een oeuvreoverzicht en volledige biografie van Wolfgang Oehme te schrijven. Een ieder die ooit kennis maakte met Wolfgang Oehme weet: de man praat niet veel, hetzij over de tuin, beter over tuinplanten, nog beter over vaste planten en grassen en twee houtgewassen, vleugelnoot en Zürgelbaum. Wie hem beter kende, vroeg niet hem, maar zichzelf af hoe deze man zo geworden is als hij was.  Na het bekend worden van zijn dood keeg ik reacties die allemaal hetzelfde benadrukten: De wereld is een oorspronkelijk mens armer. 

slider-james-wolfhang-field

‘Mainstream’ was Wolfgang Oehme van zijn leven niet. Nooit. Niet als kleuter in de jaren dertig, toen hij in de volkstuin van zijn oom in Chemnitz al zijn eerste kruiden kweekte en bij de kleine vijver naar het  gekwaak van de kikkers luisterde. Niet als jongen die zichzelf niet zag spelen in een voetbalelftal maar de voorkeur gaf aan zandbak en tuin.

Wolfgang Oehme was enig kind van een oorlogsinvalide vader. In de moeilijke oorlogsjaren en daarna werd het jongensleven al snel bepaald door plichten, vaak vervuld in de volkstuin, bij de fruitoogst op het platteland, met het onkruid wieden in de berm. Als jongeman leerde hij al eetbare kruiden van onkruid onderscheiden. Alle deelnemers aan een traditionele ‘weedingday’ op zijn verjaardag hebben hem voortdurend kauwend en aan het eind van de dag niet erg hongerig meegemaakt.

Gierschblätter, Löwenzahn, Franzosenkraut, alles was hem vertrouwd, want het had op de menukaart van de Oehmes gestaan. Hij voelde zich altijd topfit als ik met hem onderweg was in zijn laatste tien levensjaren, dus moeten kruiden wel gezond zijn. Zelfs met een beetje aarde eraan, met twijfelachtige grond van Bitterfeld waar hij naartoe verhuisde op zijn dertiende, stage liep en tot zijn levenseinde bleef lokken. Waar tenslotte in september 2012 zijn laatste stoffelijke resten begraven zijn.

Op een School voor bosbouw in Bitterfeld kreeg hij zijn opleiding, was een weetgierige leerling, stapte over naar de tuinbouw, waar hij snel opgemerkt werd door zijn chef Hans-Joachim Bauer. Ook hier weer, deze jongeman was uniek, destijds misschien al wat eenkennig maar in het bezit van van een ontwapenend enthousiasme voor tuinen en planten.

Dus maakte Bauer uitstapjes met Oehme, ze bekeken tuinen, de een liet zich door het enthousiasme van de ander aansteken. Daarna stuurde deze mentor hem naar Berlijn om dat te worden wat hijzelf was: landschapsarchitect. Naast Karl Foerster was het deze Hans-Joachim Bauer aan wie Wolfgang Oehme tot aan het einde van zijn leven oneindig schatplichtig was.

Bauer was vakman maar hij was waarschijnlijk nog veel meer een vaderfiguur die de jonge Oehme die bevestiging gaf die mensen op de drempel van hun beroepskeuze nodig hebben.

Na de studie ging hij een jaar naar Engeland, een korte tijd naar Frankfurt en erna naar Neurenberg. En toen trof hij deze Hubert Owens, die de Zwitserse franken ontbraken. Een nieuwsgierig mens in het tijdperk van de economische opbloei, de jaren vijftig waren gemaakt voor deze Einzelganger, die van de ene dag op de andere besloot te emigreren. Wat hem fascineerde aan Amerika beschreef hij naar buiten serieus en lachte in zijn vuistje: Karl May en zijn indianenverhalen.

Wie hem langer kende, besefte dat hij hoopte echt iets groots te kunnen verrichten. Zijn tuinideaal was al duidelijk vanaf het moment dat hij zijn koffers pakte, ook al duurt het nog twintig jaar na zijn komst in 1957 voor hij de eerste tuin aanlegt waarover men sprak en de kranten schreven. Oehme zag op de IGA 1953 in Hamburg royale velden Calamagrostis, die hem niet meer loslieten. Over graslandschappen, prairies had ook Karl May geschreven. Veel meer wist hij niet van het land. En dat er ruimte was. En geld.

Geen gecastreerde weiden

Na verscheidene baantjes bij bureaus en overheden werd het Wolfgang Oehme duidelijk dat zijn visioenen van de VS alleen realiteit konden worden als hij zich vrij kon bewegen. Al in de jaren zestig was zijn voorkeur voor vaste planten en grassen in zijn omgeving bekend geworden.

Op vrije avonden had hij tuinen aangelegd die zich door één aspect wezenlijk van andere tuinen onderscheidden, ze hadden geen gazon meer. Gazons, die ‘gecastreerde weiden’, zouden in zijn tuinen niet meer voorkomen. Gazons waren monotoon en ecologisch gesproken, soortarm. Onderhoud ervan was luidruchtig en vroeg om mest en pesticide.

Een gazon verpest de lucht, vergiftigt het grondwater en dood levende wezens. Wolfgang Oehme was in de beste zin des woords een eco-tuinman, ook al maakte hij daar nooit veel ophef over. Fantastisch was zijn achting voor levende wezens, ooit meebeleefd in een restaurant in Bitterfeld, waar een zwarte mier het witte tafelkleed overstak. Ik had mijn vuist al gebald om op hem neer te laten komen maar hij manouvreerde geduldig met zijn zwarte onkruidhanden de mier op een bierviltje en als op een schaal geserveerd droeg hij het beestje naar buiten.

Een man van  weinig eenvoudige woorden:’ Waarom mieren doodmaken? Die willen toch ook leven?’

volmer
Volmer Residentie

Als hij vanaf midden jaren zeventig zich zakelijk verbindt aan de architect, stedenplanner en landschapsarchitect James van Sweden, heeft Wolfgang Oehme zijn eerste sporen al verdiend. Daarbij speelde de vaste planten en grassenkweker Kurt Bluemel een rol. Hij was kort na Oehme naar de Verenigde Staten geëmigreerd. Samen legden ze tuinen aan, maar Bluemel vermeerderde op zijn kwekerij vooral de vaste planten en siergrassen die Oehme voor zijn tuinen nodig had.

Na de oprichting van OvS, Oehme van Sweden Associates, werden de openbare en privé opdrachten almaar groter, de vraag naar vaste planten en grassen die het gazon moesten vervangen steeg onophoudelijk. Projecten als de Federal Reserve Bank aan de sjieke Pennsylvenia Avenue, het consulatendistrict in Washington DC, of een paar jaar later de Rosenbergtuin op Long Island, haalden de Washington Post en de New York Times. Tuinbesprekingen in kwaliteitskranten, dat was nieuw. De reden was simpel. Zulke tuinen waren er tot dan toe nog niet geweest.

rosenberg-tuin-long-island
Rosenbergtuin op Long Island. Foto; The Cultural Landscape Foundation

Tot aan een onweersbui was het park van de Federal Reserve Bank een gebruikelijke rangschikking van gazon en loofbomen waaronder hier en daar banken stonden. Na die bewuste onweersbui waren de bomen ontworteld en het gazon daardoor verwoest. Nog tijdens de opruimwerkzaamheden viel een bankdirecteur een tuin van OvS op en zette net zolang stug door tot hij op weg naar zijn werk ook tussen duizenden Rudbeckia-bloemen en net zoveel Calamagrostis-halmen door kon wandelen. Met dit park lieten Oehme en Van Sweden een visitekaartje achter midden in het hart van het openbare leven waar het een komen en gaan  is van vele vermogende mensen.

Op het visitekaartje stond: Neem een paar robuuste vaste planten en grassoorten, maar vooral veel daarvan en plant ze dicht naast elkaar.

rosenberg-residence
Rosenberg tuin. foto; The Cultural Landscape Foundation

Daarbij is natuurlijk de open ruimte een risico, dat ook kritische stemmen opleverde. Naast de kritiek dat tuinontwerpen bij dit openbare gebouw misplaatst zijn, vroegen de twijfelaars vooral naar het onderhoud. Deze tuin was in een land ontstaan, waar de tuinlieden voornamelijk verstand hadden van grasmaaien en het opbinden van struiken.

De vraag naar onderhoud beantwoordde Oehme simpelweg met een zweem van soms echte, soms gespeelde naïviteit: Gazon dat er niet is hoef je niet te mesten, niet te spuiten, niet te maaien. Rudbeckia en Sedum, Calamagrostis en Pennisetum hoef je alleen maar in de late winter af te snijden en als bemestingslaag tussen de planten te verdelen. Twee keer wieden in het late voorjaar en de nazomer is voldoende, voor de rest redden de stoere planten zichzelf.

Daarmee was het pleit gewonnen, want het beeld van de tuin sprak voor zichzelf, hoefde niet uitgelegd te worden en bereikte iedereen, volgens Oehmes uitleg, bevestigd door oog en hart.

Met het principe van de eenvoud bereikte Oehme meteen twee doelen. Ten eerste: Wie op tienduizend vierkante meter slechts tien plantensoorten gebruikt, moet alleen deze op het tuiniershart binden van het vaak onervaren verzorgingspersoneel. Al het andere is onkruid en moet eruit. Ten tweede: Met velden van honderden planten per soort ontstaan van maart tot diep in de winter adembenemende kleurcombinaties. Deze verhoudingswijze weinig plantensoorten werden het uithangbord van het bureau, vooral Rudbeckia fulgida var. Sullivanti ‘Goldsturm’ en Pennistum alopecuroides. Elke groep van meer dan twintig kanariegeel bloeiende planten naast vlekken lampenpoetsersgras moet samenhangen met Oehme van Sweden.

In de loop der jaren en decennia erna kwamen daar talrijke plantensoorten bij, sommige vielen af. De stijl van beplanten bleef echter dezelfde, omdat de eenvoud van grote vlakken kleur en formaat veel mensen aansprak. Tijdgeest en mode speelden daarbij geen rol.

Scanned by: Retouched by: DT-KM QC'd by: DT-PK
Greenhill

Aan het slot van hun gemeenschappelijke arbeidsperiode wilde James van Sweden wel een geheim opbiechten. ‘I’m rid of that damn Goldsturm.’ En voegde eraan toe: ‘But Stefan, don’t tell him.’ Bij alle zijn vastberadenheid kon Oehme een gevoelig mens zijn. Ik kon Van Swedens’ Rudbeckia-vermoeidheid wel begrijpen, anderzijds groeide gelijktijdig mijn bewondering voor Oehmes’ doorzettingsvermogen en bescheidenheid. Want, wat zich eenmaal bewezen had, bleef hij trouw. En zelfs nadat ‘Goldsturm’s zwakte zich na veelvuldig droge periodes toonde, hield hij optimistisch vast aan het positieve beeld, probeerde een andere soort en gebruikte voortaan de nog robuustere Rudbeckia subtomentosa. Steeds weer kwam uit vakkringen kritiek, Oehme zou geen nieuwe ideeën hebben en saai worden. En wat voor de planten gold was ook van toepassing op de stenen. Op paden en terrassen trof men altijd de grijze Pennsylvania Bluestone aan, meestal rechthoekig, zelden veelvormig. En ook de lijnvoering was uitgesproken.

Bij steenoppervlaktes regeerde de rechte lijn, door planten overgroeid, wat de gewenste spanning opleverde. Waterbekkens en vijvers hoorden ontwerp-technisch en ecologisch in elke tuin. Hier waren vaak twee zijden in een rechte lijn gemetseld, de twee andere met rotsen en ‘zachte’ oeverpartijen vormgegeven. Toch stoort de kritiek de vermeende veroorzaker van al dat saais minder. Een gespreksflard met hem vond ik op de binnenflap in mijn notitieboek: ‘Mijn werk heeft niets met mode te maken, alleen met overtuiging. Mij kan werkelijk niemand iets nadoen, want de anderen wordt mijn bescheidenheid al heel snel vervelend. Maar dat is het juist; om werkelijk goed te zijn, moet je je bescheiden op kunnen stellen.’ James van Sweden wilde tenslotte meer vrijheid en leed soms onder de beperkingen. Oehmes overtuiging wortelde daarentegen diep in zijn ziel, die zich steeds in bescheidenheid ontwikkeld had en daarmee een zekerheid en een onbeteugelde vreugde.

hosta-oehme
Boxwood Farm

Weeding parties

Deze vreugde vond van tijd tot tijd zijn hoogtepunt in geheime acties die niet zelden mensen en klanten deden schrikken, anderzijds ook aanhangers vonden die zich discipelen gevoeld hebben van deze Tuin-Extremist. Hoe vaak zette hij niet stadstuiniers die verdroogde gazons maaiden in hun hemd, omdat het nu eenmaal in hun onderhoudscontract stond. In veel tuinen negeerde hij zijn eigen verboden, stormde er ’s nachts met zaklantaarn naartoe, later met een helm met led-lamp, en plantte ongevraagd bij. Zijn levensgezellin Carol Oppenheimer, die de laatste tien jaar als geen ander aan zijn zijde stond en met hem werkte, leidt tegenwoordig een groep van Oehme-aanhangers en organiseert met deze Wolf-Gang in Oehme’s geest de legendarische Weedparties.

Destijds nodigde Oehme zijn verjaardagsgasten nooit thuis uit maar liever in het park van de rechtbank van zijn woonplaats Towson bij Baltimore. Daar werd dan het bruusk het onkruid verwijderd dat de stadstuiniers hadden laten staan. Oppenheimer schreef me na Wolfgang’s dood: ‘Zijn creatieve krachten bleven steeds zeer actief, want hij is nooit gestopt met werken. Zelfs in de vrije uurtjes las hij vaktijdschriften, kwekerscatalogi en waarde rond als Guerrilla-tuinman. Ik heb nooit iemand gekend die zoveel vreugde haalde uit zijn werk. Wolfgang liet geen enkel project helemaal los. Zo mogelijk keerde hij elke keer weer terug, niet zelden met een speciale plant achterin de kofferbak.’

volmer-2

Wolfgang Oehme bekommerde zich niet om de mening van anderen. Wat hij deed, deed hij goed en dat kon niemand hem verbieden. Aan zijn naïeve stoerheid om verboden totaal te negeren is het park te danken van het gerechtsgebouw in Towson. Zonder de onbezoldigde dag- en nachtdienst van Wolfgang Oehme was dit plantenparadijs nu nog een klassieke Amerikaanse gazon-monotonie met een handvol bomen en wat Vlijtige Liesjes. Aan het eind van zijn leven keek Wolfgang Oehme terug op decennialang ontvangen medailles, erespelden en ingelijste oorkondes voor zijn onvermoeibare inzet voor het welzijn van de Amerikaanse tuin.

Hij en James van Sweden hadden feitelijk een nieuwe tuinstijl ontwikkeld, The New American Garden. Een geweldige levensprestatie en voor de tuincultuur wereldwijd een onschatbare erfenis. Enkele jaren geleden werd bij Oehme darmkanker vastgesteld. Hij was ziek, gaf hij telefonisch door, maar het kwam allemaal goed. Hij geloofde dat werkelijk tot enkele weken voor zijn dood, 15 december 2011.

Kurt Bluemel, jarenlang zijn vriend, de grote tuinman, grassenkweker en landschapsarchitect schreef voor deze bijdrage de volgende slotregels: Dat weekend van 15 december ging ik de verzameling zeldzame planten nog eens langs in mijn privékas. Een weelderige groep Freiland-orchideeën Bletilla striata deed me aan Wolfgang Oehme denken, mijn levenslange vriend, landgenoot en tuinman-collega. Hij was degene die wist hoe je Bletilla en vele andere zeldzame planten in tuinontwerpen goed kon toepassen. Onze vriendschap bloeide op in wederzijdse belangstelling voor nieuwe en interessante bomen, struiken, vaste planten en grassen. Van dit enthousiasme profiteerden we beiden.

We kwamen alletwee ongeveer vijftig jaar geleden in de USA aan. Het land had destijds weinig aanbod van vaste planten waarmee we tuinen konden ontwerpen. Vaste planten en grassen waren zo goed als niet voor handen, maar toen kwam Wolfgang Oehme. Wolfgang was niet alleen een a-typische landschapsarchitect, hij was ook een a-typische immigrant. Velen verbraken hun banden met het oude vaderland, maar hij brak zijn tenten in Duitsland nooit helemaal af. Trouw reisde hij naar elke Bundesgartenschau, jaarlijks trof hij vrienden, familie en collega’s, bezocht botanische tuinen, parken en kwekerijen.  Bij zijn terugkeer in de USA deelde hij zijn nieuwe ervaringen met klanten, collega’s en tuinierende vrienden. Al deze reizen droegen bij aan zijn reputatie van groot plantenkenner. In zijn hart bleef hij een echte Duitser. Vaak kreeg ik wat van zijn opwinding mee wanneer Amerikaanse kwekerijen weer eens Duitse soortnamen vertaald hadden. Dat was hem een doorn in het oog. ‘Sedum ‘Herbstfreude’ is geen Sedum ‘Autumn Joy’.’

Bij mijn laatste bezoek was het een erg zwakke Wolfgang die trots op de foto’s wees die aan zijn muur hingen; afbeeldingen van beplanting in Bitterfeld, aan de oever van het Goitzschemeer. Van veel van zijn ‘Wolfi-planten’ waaronder Rudbeckia subtomentosa, Euphorbia palustris, Pynanthemum muticum of Panicum ‘Northwind’, genieten bezoekers van het meer sinds jaren. Voor mijn vertrek hield ik zijn uitgestrekte hand even gelukkig en stevig vast. Wie zal nu de Bletilla’s planten?’

p06_7_8_2ferry-cove-kopie
Ferry Cove
p06_7_8_3ferry-cove-kopie
Ferry Cove
p06_7_8_4ferry-cove-kopie
Ferry Cove

Tuinen van Schotland – Logan House Garden en de warme golfstroom

gardens130078168211432796_wgom12-logan-house-5

Op weg naar een ander gedeelte van de tuin komt u deze kunstzinnige pilaren tegen

De tuinen van Logan liggen in een van de mooiste en meest ongerepte streken in het Verenigd Koninkrijk. Het schiereiland Mull of Galloway brengt je naar het meest zuidelijke punt van Schotland.  Maar liefst 115 traptreden zijn er nodig om op het observatie-platform van de meest zuidelijke vuurtoren van Schotland te komen. Vanaf het platform heeft u een spectaculair uitzicht op de hoge kliffen en niet te vergeten de vele dolfijnen.

Hoge kliffen, zandstranden zover je kunt zien en veel wilde dieren. Deze streek staat ook bekend om het warme klimaat door een golfstroming van warm water die hier tegen de kust een  einde vind. Mede door dit klimaat en de zwoele lucht zijn er in deze Schotse streek 6 prachtige tuinen.

gardens130078169717008098_wgom12-logan-house-2

Dunksey Gardens, Castle Kennedy Gardens, Glenwhan Gardens, Ardwell Gardens, Logan Botanic Gardens (onderdeel van de Royal Botanic Garden in Edinburg) zijn de andere fraaie tuinen in het landschap van Galloway. De Logan House Gardens waren ooit onderdeel van de naastgelegen botanische tuin maar is nu in private handen.

gardens130078168525932828_wgom12-logan-house-4

De Logan House Garden is een Victoriaanse bostuin met veel bomen die de titel: Kampioensboom mogen dragen. De tuinen hebben het in de afgelopen 50 jaar niet makkelijk gehad, lange periodes van verwaarlozing en een heftige storm zo’n 10 jaar geleden deden de tuin geen goed.

In 2002 werd de tuin opengesteld voor bezoekers, sindsdien heeft de tuin kunnen profiteren van een progamma wat herplanten en een grote renovatie mogelijk maakte. Niet vaak in zijn lange bestaan was de tuin zo compleet als hij nu is.

ardens130078166167650594_wgom12-logan-house-11

logan-house-gardens130017914078514160_featured

Naast prachtige gazons is er een pad die u door de hele bostuin met zijn prachtige kleuren laat genieten. De lente en de vroege zomer worden in beslag genomen door veel sneeuwklokjes (Galanthus) narcissen en niet te vergeten de kleurrijke Crocus.

gardens130078168921553900_wgom12-logan-house-3

gardens130078170274247242_wgom12-logan-house-1

Vanaf maart tot ongeveer mei bloeien de meeste rhododendron’s zoals: R.macabeanum, R.sinogrande, R.grande, R.arboreum, R.decorum en grote exemplaren van R.russellianum.

Vervolgens zijn het de vele azalea’s die voor een waar spectakel zorgen. Vooral de R.luteum zorgt voor een geurexplosie.

gardens130078167474635350_wgom12-logan-house-6

Door de hele tuin zijn veel exoten te vinden, zij kunnen het hier overleven vanwege de golfstroom die warme lucht met zich meebrengt.

ardens130078166597748108_wgom12-logan-house-10

Gelukkig heeft het roerige verleden geen schade veroorzaakt aan de 22 kampioensbomen die door de gehele tuin zijn te bewonderen. In 14 gevallen zijn dit Schotse kampioenen en 7 kampioenen van het V.K. Onder deze 22 Champions bevinden zich o.a:  Rhododendron sinogrande. Embothriums, Crinodendrons en Eucryphias.

Meer informatie over deze en de andere 5 tuinen kunt u hier vinden.