Sleeping Beauties: kornoelje, Viburnum en pronkklokje

Sleeping Beauties: Niets te beleven in de tuin? Wel met dit trio dat nu schitterende takken te bieden heeft en later op de proppen komt met bloemen, bessen én een indrukwekkend herfstshow.

Styling Elize Eveleens – Klimprodukties

Vier seizoenen schoonheid
Toegegeven, januari is niet het meest tintelende tuinmoment van het jaar. De natuur houdt winterslaap en dat geldt ook voor Sleeping Beauties kornoelje (Cornus), Viburnum en pronkklokje (Enkianthus). Toch staan deze sierheesters te trappelen om te ontwaken. Dat doen ze in de late winter en het vroege voorjaar. Tot die tijd trakteren ze op spectaculaire gekleurde takken en mooie lijnen, die extra opvallen met een beetje rijp of sneeuw. Zijn ze eenmaal wakker, dan gaat het los: prachtige bloemen in de lente, bessen in de zomer en fenomenaal verkleurend blad in de herfst. Het hele jaar door schoonheid dus, of ze nu een schoonheidsslaapje doen of schitteren.

Dit zijn de Sleeping Beauties
Kornoelje (Cornus) heeft, afhankelijk van de soort, decoratieve gekleurde takken, een bloei die zo rijk is dat je de hele struik niet meer ziet of bloeit – spectaculair! – rechtstreeks op het kale hout. Een bloeiende kornoelje betekent het einde van de winter, wat de kalender ook zegt.
Viburnum is wintergroen en biedt zo wat kleur aan je tuin, met dank aan de kleine compacte witte of roze knoppen die al zichtbaar zijn en later bloeien in halve bollen. Na de bloei verschijnen er decoratieve donkere bessen en vervolgens doet Viburnum even een groen dutje.
Pronkklokje (Enkianthus) heeft fraaie rechte takken waar in het voorjaar onder de groene bladeren prachtige trossen klokvormige bloemetjes bloeien die later decoratieve zaaddozen worden. Geef hem nu een plek, om van al zijn gedaanteverwisselingen te kunnen genieten.

Styling Elize Eveleens – Klimprodukties

Koele bloeiers
De Sleeping Beauties hebben allemaal een andere achtergrond, al hebben ze wel een voorkeur voor het noordelijk halfrond. Kornoelje groeit in Europa, Azië en Noord-Amerika, Viburnum wat zuidelijker in gematigde en subtropische streken op het noordelijk halfrond. En pronkklokje is inheems in het gebied van de oostelijke Himalaya tot Indochina, China en Japan. Voor alle drie geldt dat het jaarrond decoratieve, makkelijke en sterke sierheesters zijn met een rijke keuze in formaten en kleuren.

Styling Elize Eveleens – Klimprodukties

‘I know you, I walked with you once upon a dream’
Sleeping Beauty, 1959

Zó blijven ze mooi
• Kornoelje, Viburnum en pronkklokje staan alle drie graag op een plek in de volle zon, al kunnen ze ook halfschaduw aan.
• Plant Sleeping Beauties diep zodat ze goed kunnen wortelen en kies een plek waar ze de ruimte hebben om te groeien.
• Viburnum en pronkklokje hebben graag humusrijke, zure grond die niet te droog is, kornoelje is niet kieskeurig over waar zijn kluit terechtkomt.
• Eens per jaar organisch bemesten wordt door alle drie op prijs gesteld.
• Viburnum en pronkklokje hoeven niet gesnoeid te worden, kornoelje kan desgewenst kort worden gehouden: beste snoeimoment is in maart of na de bloei.

Styling Elize Eveleens – Klimprodukties

Stille schoonheid
Het thema van de Schone Slaapster komt al voor in de oud-Germaanse Siegfriedsage, de eerste literaire versie staat in ridderroman Perceforest (1340). Het gaat over ontwaken, verwonderen en bewustwording. Voor Viburnum, kornoelje en pronkklokje betekent het stille schoonheid die wakker wordt gekust door de zon en zich omzichtig richting lente 2019 beweegt.

Style je je Sleeping Beauties
Insta-hot Als de grond te hard is om Viburnum, kornoelje en pronkklokje te planten, kun je ze inzetten als kuipplant en later een doorstart laten maken in de volle grond. Hou je van leven in de brouwerij, gebruik dan gekleurde potten, versier de takken met pindaslingers om vogels te lokken en zet er wat winterviolen in vrolijke kleuren bij.

Styling Elize Eveleens – Klimprodukties

Sereen Vind je deze stille wintermaand best wat hebben, style de Sleeping Beauties dan ingetogen. Zet ze in rieten manden of verweerde kuipen, eromheen wat witte violen en witte voorjaarsbollen zoals krokussen, witte druifjes en sneeuwklokjes. Erbij een zinken lantaarn met een lichtje als focuspunt in de tuin op een lange donkere winteravonden bij wijze van baken voor de naderende lente.

Tuinplant van de maand
Sleeping Beauties zijn Tuinplanten van januari 2019. De ‘Tuinplant van de maand’ is een initiatief van Bloemenbureau Holland.

Styling Elize Eveleens – Klimprodukties

Tuin- en landschapsarchitectuur heeft medische sector veel te bieden

Een groen atrium in het Meander MC in Amersfoort  (Foto IVerde 
Maaijke de Ridder) 

Tot niet al te lang geleden keken we voornamelijk naar wat er in de V.S tot stand kwam op het gebied van helende tuinen in en om ziekenhuizen en andere zorginstellingen. Tegenwoordig zijn we ook in Nederland een aardig eind op de goede weg.

Een lichte ruimte rijkelijk voorzien van groen in het Erasmus MC Rotterdam (foto: IVerde Maaijke de Ridder)

Steeds meer ziekenhuizen investeren in groen, maar ook wooncomplexen voor bijvoorbeeld mensen met dementie of alzheimer worden voorzien van speciale tuinen. Er zijn wandelingen in de natuur,  deelnemers aan deze wandelcoaching vertonen o.a. meer herstel van stress en burnout. Ook mensen met longziektes ervaren de helende kracht van wandelen in natuur.

Als bij de aanvang van bouwplannen, dus ruimschoots voor de tekentafel,  voor nieuwe medische centra de architect en de tuin en landschapsarchitect samen gaan zitten is er veel meer mogelijk dan dat nu in de meeste plannen het geval is. De grijze sector kan hierbij ten volle profiteren van wat de groene sector allemaal te bieden heeft. Andersom kan de groene architect wellicht door deze synergie nieuwe mogelijkheden ontdekken.

foto; IVerde Maaijke de Ridder

In ieder geval heeft ‘De Plant‘ veel te bieden voor een ziekenhuis of een ander gebouw (en tuin) voor een zorginstelling. Zo is er de helende kracht van planten zowel in het gebouw als ook buiten. Patiënten herstellen sneller en personeel is beter geconcentreerd en gemotiveerd, en is hierdoor het ziekteverzuim lager. Groendaken (en speciaal groen-blauwe daken) brengen een aanzienlijke kostenbesparing in het koelen in de zomer en het verwarmen in de winter. Groendaken, muurtuinen, naturalistische tuinen en andere ecologische uitvoeringen helpen bij buffering van hemelwater bij extreme regenbuien. Zij zorgen voor een grotere biodiversiteit en zijn duurzamer. 

Een (bijna) groene gevel bij het Meander MC in Amersfoort (foto: IVerde Maaijke de Ridder)
Foto; IVerde Maaijke de Ridder

Omgevingspsycholoog en hoogleraar natuurbeleving Agnes van den Berg is gespecialiseerd in onderzoek naar natuur en gezondheid. Uit veel van haar wetenschappelijk onderzoek kwamen feiten naar voren die velen van ons wel zullen (h)erkennen maar waarvan nu onomstotelijk het bewijs is geleverd.

Alleen al het uitzicht op groen, zoals men dat straks hebben op bijvoorbeeld het groendak, geeft ons een gevoel van geluk, vitaliteit en werkt stress-verlagend.   Een belangrijke eigenschap van planten is het zuiveren van de lucht hier kan in de gebouwen van zorginstellingen goed gebruik van worden gemaakt. Het werken in een groene omgeving heeft een positieve invloed op ons gevoel van welbehagen, creativiteit en gezondheid, personeel en patiënt voelen zich beter. Lees dit artikel: Hoe planten uw bedrijfsresultaat kunnen verbeteren.

Meander MC Amersfoort foto; Maaijke de Ridder IVerde
Zorginstelling in Tilburg foto; Iverde Maaijke de Ridder
  • Huizen in groene wijken zijn meer waard bij de verkoop.
  • In groene wijken is minder criminaliteit.
  • Wonen in een groene omgeving geeft een gevoel van veiligheid.
  • Op groene schoolpleinen wordt minder ruzie gemaakt en minder gepest.
  • Patienten in het ziekenhuis herstellen sneller na een operatie bij uitzicht op groen.
  • Het ziekteverzuim van ziekenhuispersoneel die werken in een gebouw waarbij binnen veel licht en groen is aangebracht (en evt. uitzicht op groen vanuit het gebouw hebben) ligt veel lager dan bij traditionele ziekenhuisgebouwen.
  • Planten in huis en uitzicht er op geeft een gevoel van vitaliteit.
  • Planten zuiveren de lucht en vangen fijnstof op. Dit heeft een positief effect op onze gezondheid.
  • Planten in huis en uitzicht er op werkt stress-verlagend en geven ons een gevoel van welbehagen.
Meander MC Amersfoort foto; IVerde Maaijke de Ridder

Wanneer personeel (human resources) werkt in een pand met veel groen – binnen en buiten – heeft dit een wetenschappelijk bewezen positief effect op de werk(atmo)sfeer. De winst hierbij is, gezonder en beter gemotiveerd personeel met een hogere productiviteit en minder vaak ziek.

Meander MC Amersfoort foto; IVerde Maaijke de Ridder
Erasmus MC Rotterdam foto; IVerde Maaijke de Ridder

Erasmus MC Rotterdam foto; IVerde Maaijke de Ridder

Bij het aanleggen van een groendak op het medisch centrum kan er ook bij de energiekosten een behoorlijke kostenbesparing plaatsvinden. Bij veel bedrijfspanden zijn de kosten voor het koelen (airconditioning) in de zomer hoger dan de kosten voor het verwarmen in de winter. Met de aanleg van groendaken op uw bedrijfspand behaald u een direct resultaat door een flinke daling in uw energiekosten.

Om een maximaal effect te verkrijgen moet het groendak worden voorzien van een groenblijvende beplanting.

Bij een buiten-temperatuur van tussen de 25-30 graden celsius is de binnen-temperatuur onder een groendak 3-4 graden lager in vergelijking tot een conventioneel dak. In klimaten waarbij airconditioning essentieel is voor het verkrijgen van een aangenaam werkklimaat kan een groendak een belangrijke rol spelen bij het verlagen van de binnen-temperatuur, een verlaging van de temperatuur van 0,5 graden, door een groendak, geeft een besparing in de kosten voor airconditioning van 8%.

In Canada heeft Environment Canada onderzoek gedaan bij twee dezelfde bedrijfspanden met één verdieping. Een van de gebouwen was voorzien van een groendak (met div. grassoorten) waarop een substraatlaag is aangebracht van 10 cm, het andere gebouw was voorzien van traditionele dakbedekking, Het gebouw met het groendak was daarbij 25% goedkoper uit met de kosten voor het koelen met airconditioning in vergelijking met het gebouw zonder een groendak.

Akerborgh in Badhoevedorp foto; IVerde Maaijke de Ridder
Akerborgh Badhoevedorp foto; IVerde Maaijke de Ridder

Informeer bij de Nederlandse vereniging voor tuin- en landschapsarchitectuur. 

Planten op onverwachte plekken in de tuin

De harde elementen zijn de elementen in een tuin van waar uit een basis wordt opgebouwd van niet-levende materialen, zoals beton, hout, corten-staal, RVS, etc. De beplanting is de volgende laag in een tuin en verzacht en verfraaid de vaak saaie elementen van deze basis.

Harde elementen zijn vaak voorspelbaar en laten we zeggen, saai! In de buitenwijken en/op vinex-locaties barst het werkelijk van betonnen patio’s met verhoogde borders en bijpassende trottoirs om bewoner en bezoeker van a naar b te verplaatsen in de tuin. Natuurlijk kan het zijn dat bovenstaande omschrijving u aanspreekt. Maar laten we toch eens kijken naar manieren om deze bouwstenen te cultiveren en van creativiteit en leven te voorzien.

foto 1

Verzacht de harde elementen

Voor de meeste tuinen is wel wat ‘hardscape’ nodig. Het maakt de ruimte uitnodigend en ook functioneel. Als u gevoelig bent voor maatregelen voor het milieu dan kunt u zich laten dicteren door de filosofie dat minder meer is, ‘Less is More’. Bestaand beton kan worden ingekerfd en/of gedeeltelijk worden verwijderd om zo een zachter effect te verkrijgen.

Als beton uw substraat bij uitstek is voor een nieuwe ruimte, overweeg dan ingegoten straatstenen. In deze tuin (foto 1) wordt de ruimte tussen de gegoten tegels gevuld door Leptinella (een heel klein wintergroen plantje dat hier als  bodembedekker kan worden toegepast. Strenge vorst doet het plantje weinig goeds. Het hier afgebeelde plantje is L. gruveri, zone 7 tot 9. Voor alle duidelijkheid Nederland heeft zone 7 en België heeft zone 8)

Onderbreek betegeling om een gewenste looprichting te verkrijgen

foto 2

Vooral bij grotere oppervlaktes van betegeling verzachten tussen de tegels aangebrachte beplanting de harde lijnen (foto 2). Het kan er ook voor zorgen dat het looptempo omlaag gaat en wandelend publiek een bepaalde richting volgt.  Mensen zullen over het algemeen vermijden om op planten te stappen.

foto 3

foto 4

Voeg interesse toe door onconventionele plantenborders te ontwerpen

Het planten van borders grenst over het algemeen aan gebieden van harde elementen. Waarom zou u geen onverwachts aandachtspunt creëren door in uw betegeling plantbedden aan te leggen? Om dit veilig te doen, moet u rekening houden met extra brede paden en geschikte verlichting.

Aangezien harde elementen zoals; tegels of staal, de eigenschap hebben om warmte en mogelijk ook zonlicht te absorberen en te reflecteren, heeft u misschien de gelegenheid om te profiteren van nieuw gecreëerde microklimaten om uw plantkeuze uit te breiden met planten bijvoorbeeld vanuit het gebied rond de Middellandse zee. Op foto 3 is hiervoor Aeonium (zone 9 tot 11) gebruikt. Andere vetplanten kunnen worden vervangen in koudere klimaten.

De samenstelling van de beplanting (foto 4) in deze rechthoekige plantenbedden op dit terras voegt een interessant aandachtspunt toe. De gekozen beplanting van Heuchera cultivars  (zones 4 tot 9) en Liriope cultivars  (zone 6 tot 10) herhalen zich in de omringende bedden, waardoor continuïteit wordt gecreëerd terwijl tevens de harde elementen worden verzacht.

Overweeg ook om de vorm van uw straatstenen terug te laten komen in de vorm van uw bedden en plantenbakken.

foto 5

Als we nog een stap verder gaan, zijn deze keien een substraat voor een mostuin geworden. Ze hebben betrekking op en breken de lijnen van de bestrating. Bovendien verzachten ze en brengen ze driedimensionale aandacht naar deze hoek van de tuin. Naarmate de mostuin rijpt, wordt het gebied nog zachter.

foto 6

foto 7

Plant tussen de treden

Hier zijn blauw zwenkgras en vaste planten geplant tussen de stappen. Ze verzachten de treden effectief, omdat de treden een tuin op zichzelf worden. Bedenk wel bij uw plantkeuze dat deze veilig zijn voordat u gaat beplanten.

foto 8

Plant direct op je terras

Als uw terras of breed pad bestaat uit grind of steenslag, overweeg dan struiken of bomen te planten. Als u dit doet, wordt de plant als een sculpturaal element beschouwd. Deze Juniperus conferta ‘All Gold’ (zones 6 tot 9) worden onderdeel van een sculpturale compositie in deze tuin.

Op deze manier kan een grote verscheidenheid aan heesters, bomen, grassen en vaste planten worden gebruikt. Graaf een groot gat, vul het met een goede grond, voeg de beplanting toe en bedek het gat met een ondiepe laag substraat. Houd er rekening mee dat bepaalde substraten de pH van de grond kunnen veranderen. Verpletterde steen kan de pH van de grond verhogen; mulch kan het verlagen. Kies uw planten dienovereenkomstig.

foto 9

Een doorgang van geknotte bomen maakt een gewaagd ‘statement’ in deze tuin. Een doorgang of laan als deze worden meestal gebruikt als een formeel element, dus dit contrasteert perfect met de hedendaagse stijl van het huis.

foto 10

Maak je eigen plantenbak

Keramisch aardewerk is een verwacht accessoire geworden op terrassen. Waarom creëer je geen unieke plantenbak die aansluit op jouw bestrating.

Ik ontwierp en bouwde deze naturalistische plek voor beplanting uit de vrije vorm,  enkele jaren geleden in mijn persoonlijke tuin, en plant hem met varens en mos. Het is zowel onverwacht als gepast, en brengt de omliggende bostuin op het terras. Gebruik je fantasie om iets te construeren dat zowel spreekt voor je esthetiek als voor je persoonlijkheid. Je tuin zal er beter van worden!

sifford houzz
Jay Sifford van Jay Sifford Garden Design via HOUZZ.COM

De verzorging van kamerplanten is net zo divers als hun habitat

Kamerplanten: hoe meer, hoe beter!

Planten voor in huis, de zgn. kamerplanten zijn weer helemaal in de mode. Jarenlang verlangde de inrichting binnenshuis van die tijd een enkele grote plant, Gelukkig zijn de planten in huis weer helemaal terug en spelen de grote tuincentra, maar ook de betere bloemenspeciaalzaken daar handig op in.

In veel gevallen heeft u planten in uw huis die hun oorsprong hebben uit alle hoeken van de aarde. De verzorging van deze planten vraagt dus om wat extra aandacht. Het internet of een goed kamerplantenboek is dus wel van belang. Gaven de labels in de bloempot voorheen nog wel wat gerichte informatie, tegenwoordig is dat er niet beter op geworden.

Het gaat zelfs vaak al zo ver dat de Latijnse naam al niet eens meer staat vermeld, laat staan de Nederlandse naam. Vaak staat er op het label een tekst als; groene plant. Een beter verkocht product dus met slechte informatie over de verzorging.

De decoratieve kant van planten in huis is natuurlijk een heel belangrijke en kunt u door de grote keuze altijd wel planten vinden binnen uw smaak. Planten in huis of kantoor geven rust en een gevoel van welbevinden. Op kantoor is zelfs wetenschappelijk bewezen dat de goede eigenschappen die planten hebben op mensen de productiviteit van werknemers stijgt, er een betere concentratie is en het ziekteverzuim lager is. Lees hier alles over in dit artikel bij TuinenStruinen.

Een ander (niet onbelangrijk) aspect van kamerplanten is voor een belangrijk deel bij te dragen aan het verhogen van de luchtkwaliteit. Planten nemen giftige stoffen ( benzeen, formaldehyde, koolstofmonoxide, trichloorethyleen en tolueen) in zich op zonder er zelf schade van te ondervinden.

Tijdens dit hele proces van opname van giftige stoffen komen geen afvalstoffen vrij! Kamerplanten waarbij dit onderzocht is zijn o.a; Aloë, Chlorophytum, Sansevieria, Syngonium, Philodendron, Dracaena, Hedera, Ficus, Schefflera en Spathiphyllum.

Codiaeum (croton) Een populaire plant bij inwoners van Suriname, de vrolijke kleuren passen bij hun opgeruimde karakter.

Verder zijn planten natuurlijke stoffilters en zijn het geluidsdempers. Het is dan ook goed mogelijk om – anders dan men altijd dacht – planten in de slaapkamer te plaatsen. Veel planten gedijen ook goed in de badkamer, als er maar daglicht is.

De basis voor elke plant om te kunnen (over)leven is de LLWW-regel: Lucht, Licht, Warmte en Water.  De ene kamerplant wil wat meer licht en de andere iets minder water, met andere woorden de verzorging van kamerplanten kan, net als bij tuinplanten, niet over een kam worden geschoren.

Primula

Er zijn veel boeken verkrijgbaar over de verzorging van kamerplanten, TuinenStruinen heeft hierbij de voorkeur voor de boeken van Wim Oudshoorn, ondanks dat sommige planten intussen een andere latijnse naam hebben gekregen blijven dit de beste boeken.

Begonia als bloeiende plant en de bladbegonia

Wat licht betreft kan je als algemene regel aanhouden; hoe lichter de kleur groen van het blad en de evt. aanwezigheid van de kleur wit in het (bonte) blad, hoe meer licht een plant nodig heeft. De meest donkergroene bladeren kunnen het beste tegen schaduw. Er zijn echter veel uitzonderingen, zoals de Ficus met donkergroen blad, heeft toch een lichte standplaats nodig. Er bestaat echter geen een plant die helemaal geen daglicht (of kunstlicht) nodig heeft, alle planten hebben licht nodig.

Hedera

Droge lucht, dus met een lage luchtvochtigheid, is voor geen enkele kamerplant goed. Let hier op, uiteraard vooral in de winter met de droge lucht van de verwarming in huis. Er bestaan tegenwoordig verschillende soorten verwarming dus de lucht bevochtigen is even divers, een goede luchtbevochtiger volstaat voor alle soorten verwarming.

Foto’s; Bloemenbureau Holland – Mooi wat planten doen

Fallopia japonica: Een tuinplant als staatsvijand

Deze staatsvijand is niet te vinden op de lijst “meest gezochte criminelen van Nederland” maar is juist meer te vinden dan veel groenbeheerders lief is. We hebben het hier over de Japanse duizendknoop (Fallopia japonica) een tuinplant die een prominente plek inneemt op het “Overzicht soorten invasieve landplanten“.

Japanse Duizendknoop (Fallopia japonica) komt oorspronkelijk uit Japan, China, Taiwan en Korea. De plant is door Philipp Franz von Siebold, een arts die in dienst van Nederland in 1823 naar Japan was vertrokken, ingevoerd als tuinplant. Vanuit de Hortus in Leiden heeft de soort zich verspreid over Nederland en de rest van Europa.

In Nederland is de soort pas na 1950 op grote schaal gaan verwilderen door het storten van tuinafval met plantenresten en inmiddels komt de soort in vrijwel heel Nederland voor. Bron: WUR

fallopia japonica
bron; Wikipedia

Ondanks de dreigende titel van staatsvijand is deze plant nog gewoon te koop in webshops en tuincentra. In de bloemsierkunst zijn de Polygonum’s als stelen nog steeds behoorlijk in trek in boeketten en bloemarrangementen. Het gebruik in de vaas is natuurlijk niet schadelijk maar de afvoer in de groene bak kan voor veel problemen zorgen als u bedenkt dat een klein stukje steel weer kan uitgroeien tot iets zeer groots en ook ongewild.

In het voorjaar groeien vanuit de wortelstokken in korte tijd veel, dicht bij elkaar staande stengels met een groot bladoppervlak. Afhankelijk van de standplaats kunnen de stengels 2 tot 3 m hoog worden. Tegen de winter sterven de bovengrondse delen van de plant weer af. Vegetaties van Japanse duizendknoop bestaan voornamelijk uit vrouwelijke planten die door het ontbreken van stuifmeel geen zaden vormen.

De verspreiding van Japanse duizendknoop vindt dan ook voornamelijk lokaal plaats via wortelstokken. Menselijk handelen vormt het grootste risico voor de verspreiding van de soort over grotere afstanden. Denk hierbij aan het verslepen van wortel- en stengelfragmenten door machinaal maaien of transport van grond waarin zich nog delen van wortelstokken en stengels bevinden. Komen deze fragmenten op een andere locatie in of op de grond terecht, dan groeien daar weer nieuwe planten uit. Bron WUR

Vooral in openbaar groen geeft deze woekerende exoot problemen. In het buitengebied is het een grote concurrent voor onze inheemse flora, dit door de snelle en compacte groei waardoor er onder de Fallopia japonica vrijwel geen planten kunnen gedijen.

Fallopia_japonica_-_Japanese_knotweed,_Japanintatar,_Parkslide_C_IMG_6997
Bron; Wikicommons

Asfalt en tegels zijn voor de plant geen probleem, met gemak wordt asfalt doorboort en tegels omhoog gewerkt. Bij gebouwen en andere constructies van beton is het kleinste gaatje groot genoeg voor de plant om naar binnen te treden en deze vervolgens te ontzetten. Als de plant naast fietspaden of middenbermen huist is hun lengte van wel snel zo’n 2 á 3 meter overhangend een gevaar voor de verkeersveiligheid.

Dhr. CJ. (Chris) van Dijk is een expert in dit soort planten en werkzaam aan de Wageningen universiteit (WUR). Vanuit zijn kennis heeft hij de volgende richtlijnen samengesteld: Wat moet je doen als je Japanse duizendknoop aantreft?

Voor kleine groeiplaatsen (<1 m²):

  • Probeer de plant te verzwakken door de stengels meerdere keren per groeiseizoen af te knippen.
  • Voer de stengels en plantenresten af in de grijze bak (restafval).
  • Probeer de uitlopers heel secuur te verwijderen, zonder dat er wortels achterblijven.
  • Eventueel kan een wettelijk toegestaan onkruidbestrijdingsmiddel toegepast worden aan het einde van het groeiseizoen (september).

Voor grote groeiplaatsen (>1 m²):

  • Probeer als terreinbeherende organisatie in kaart te brengen waar de plant voorkomt.
  • Zorg ervoor dat deze plekken niet worden meegenomen in het reguliere maaibeheer, vanwege het risico op verdere verspreiding.
  • Maai de plekken waar de planten voorkomen vaker per seizoen en voer het maaisel af naar een gecertificeerd composteerbedrijf.
  • Controleer en reinig kleding en machines na werkzaamheden.
  • Combineer verschillende bestrijdingsmethoden.
  • Monitor en evalueer de bestrijdingsmethoden en pas deze zo nodig aan.

Lees hier meer 

Nieuwe Stijltrends Binnengroen: Groen, groener, groenst!

Intratuin presenteert de nieuwste groentrends én lanceert Het Groene Boekje

Deze diashow vereist JavaScript.

Vergrijsd&amp;Zacht - bij gebruik Intratuin vermelden en fotocredits @Louise Lemaire
Vergrijsd en zacht | Intratuin | Foto: @Louise Lemaire

De trends voor het najaar staan te trappelen om hun intrede te doen in ons interieur. En daar horen planten bij, heel veel planten. Want waar je een paar jaar geleden misschien al trots was dat je één plant in leven kon houden, kun je er tegenwoordig niet meer omheen.

Groen in je interieur is hot, en het liefst in grote aantallen. Voor iedereen die geen (hele) groene vingers heeft en wel een beetje hulp en inspiratie kan gebruiken lanceert Intratuin ‘Het Groene Boekje’. Een knipoog naar de stijlgids van de Nederlandse Taalunie. Niet gevuld met spelregels voor de Nederlandse taal, maar met onmisbare ‘spelregels’ voor een met groen gevuld interieur.

De handige bundel bevat dé vier groentrends voor dit najaar en verzorgingstips van heuse plantencoaches. Onmisbaar dus voor een stylish en groen najaar: kom maar door met die extra zuurstofboost in huis. Het boekje is hier gratis te downloaden. 

Vergrijsd&amp;Zacht - bij gebruik Intratuin vermelden en fotocredits @Louise Lemaire (2)
Vergrijsd en zacht | Intratuin | Foto; @Louise Lemaire

Stoer &amp; Natuurlijk - bij gebruik Intratuin vermelden en fotocredits @Rob van der Vet (2)
Stoer & Natuurlijk | Intratuin | Foto; @Rob van der Vet

Spontaan zin in een make-over

Natuurlijk houden we dat zomergevoel het liefst zo lang mogelijk vast. Maar de wisseling van het seizoen én de nieuwste groentrends zorgen ervoor dat je je kunstplant met liefde aan de wilgen hangt.

De vier stijlen die door de Intratuin trendwatchers zijn samengesteld bieden eindeloos veel inspiratie voor een (mini) make-over. Vintage liefhebbers kunnen los met ‘retro en vrolijk’: planten uit de seventies maken een comeback en worden gecombineerd met retro accessoires en warme tinten.

Regels gelden niet voor deze trend, laat de creativiteit vooral de vrije loop! Je kunt ook gaan voor het serene ‘vergrijsd en zacht’, een trend die draait om rust en sereniteit, met grijsgroene kamerplanten en accessoires in poederkleuren. Avontuurlijke types zullen zich kunnen vinden in ‘stoer en natuurlijk’, waarin ruwe materialen en ruige planten centraal staan. Roots mogen gezien worden bij deze trend! Ben je meer uitgesproken en kleurrijk? Kies dan voor ‘bloemen en weelde’ met in de hoofdrol planten met grote bloemen, donkerpaars en bordeauxrood blad en warm roze accessoires.

Doe de groentrend-test

Mocht je twijfelen over welke groentrend écht bij jou past, dan biedt de online groentrend-test uitkomst.

Happy &amp; Retro - bij gebruik Intratuin vermelden en fotocredits @Rob van der Vet (3)
Happy & retro | Intratuin | foto; @Rob van der Vet

Happy &amp; Retro - bij gebruik Intratuin vermelden en fotocredits @Rob van der Vet (2)
Happy & Retro | Intratuin | Foto; @Rob van der Vet

Bloemen &amp; Weelde - bij gebruik Intratuin vermelden en fotocredits @Rob van der Vet
Bloemen & Weelde | Intratuin | Foto; @Rob van der Vet

Bloemen &amp; Weelde - bij gebruik Intratuin vermelden en fotocredits @Rob van der Vet (3)
Bloemen & Weelde | Intratuin | Foto; @Rob van der Vet

Bloemen &amp; Weelde - bij gebruik Intratuin vermelden en fotocredits @Rob van der Vet (2)
Bloemen & Weelde | Intratuin | Foto; @Rob van der Vet

PlantenStruinen: Nazomeren met tuinpalmen

Tuinpalmen: Tuinplanten van de maand september

Fors van formaat, lekker groen en een exotische uitstraling waarmee het zomergevoel nog even wordt verlengd: tuinpalmen geven september precies de vibe om langer van het buitenseizoen te genieten. In de selectie een echte dadelpalm (Phoenix canariensis) met groen geveerd blad en een karakteristieke stam. De Chinese windmolenpalm (Trachicarpus) met zijn opvallende waaiervormige bladeren. De andere sterren van september zijn officieel geen palmen, maar lijken er erg op, zodat ze prima te combineren zijn. De palmlelie (Yucca) en de koolpalm (Cordyline australis) hebben een exotische uitstraling met mooie bladrozetten. Bij de Yucca kan het blad groen, geel of witbont zijn en bij de Cordyline groen of bruinrood. Perfect voor een naadloze overgang van zomer naar ‘Indian summer’.

Keuze assortiment

De dadelpalm is verkrijgbaar in twee soorten: de P. canariensis met stug, opgaand blad en de P. roebelenii, met wat zachter en sierlijker gebogen blad. Verkrijgbaar in meerdere lengtes met slanke stammen, soms zelfs meerdere in een pot.
De koolpalm heeft Cordyline australis als bekendste soort. De plant biedt een prachtige bladrozet en is verkrijgbaar in zowel kleine maatjes voor tussen perkplanten als grotere mate die mooi staan op het balkon en terras. Meest voorkomend zijn ‘Red Star’ (rood blad) en ‘Verde” (groen blad).

t9.tuinpalmen_2018.8a.m

De Yucca is verkrijgbaar als winterharde Yucca flaccida, Y. gloriosa en Y. filamentosa. Alle drie hebben draaie, stugge bladrozetten waarvan de bladeren steeds anders zijn. In de zomer bloeien ze met een statige kaars. Yucca elephantipes wil vorstvrij overwinteren, het is vooral een kuipplant die ook prima als woonplant kan dienen.

De Chinese windmolenpalm (Trachycarpus) kenmerkt zich door zijn waaiervormige bladeren. Deze soort komt voor in flinke maten waardoor hij prima geschikt is om terrassen en oprijlanen mee aan te kleden en is zelfs bestand is tegen vorst.

t9.tuinpalmen_2018.3.m

Tuinpalmen trivia

• Of er daadwerkelijk dadels aan de dadelpalm zullen groeien is de vraag, maar bij een lange mooie zomer is alles mogelijk.
• Palmen in de tuin zetten is de moderne variant van de palmhuizen die de aristocratie vroeger liet bouwen en biedt dezelfde chique botanische sfeer.
• Bij de Romeinen was de palmtalk een symbool van Victoria (Nike), de godin van de overwinning.
• De Trachycarpus staat bekend als de meest winterharde palm. Eentje waar je dus in de tuin zomer en winter plezier aan kunt beleven.

t9.tuinpalmen_2018.6.m

Herkomst

De geselecteerde tuinpalmen hebben heel verschillende roots. Midden- en Zuid-Amerika vormt de habitat van de Yucca, de Cordyline groeit in Nieuw-Zeeland en Australië. De Phoenix canariensis komt – de naam zegt het al – van de Canarische eilanden en de P. roebelenii uit Laos. En als laatste de Trachycarpus komt in het wild voor in het Verre Oosten.

t9.tuinpalmen_2018.7.m
Cordyline – Phoenix – Yucca

Hier let u op bij uw aankoop;

• Bij tuinpalmen zijn zowel het formaat als de leeftijd bepalend voor de prijs: hoe ouder, hoe duurder.
• De stam hoort goed geworteld te zijn, de pot moet groeiruimte bieden en de kluit dient zo zwaar zijn dat de plant in de pot zelfstandig kan staan, zonder topzwaar om te vallen.
• Tuinpalmen horen geen ziekten of plagen te hebben, let vooral op wol-, dop- en schildluis.
• Wanneer de planten te droog hebben gestaan kan er ook spint in voorkomen, te herkennen aan de grijsverkleuring van de bladeren.
• Bruine bladpunten wijzen op een te lage luchtvochtigheid, geel blad op een te natte of te droge potkluit.

t9.tuinpalmen_2018.10.m
Cordiline – Yucca – Phoenix

Verzorgingstips voor de consument

• Tuinpalmen staan graag op een warme plek, van halfschaduw tot volle zon.
• Laat de grond niet uitdrogen, tuinpalmen hebben vocht nodig.
• In het groeiseizoen eens per maand plantenvoeding geven.
• Bij vorst tuinpalmen inpakken of vorstvrij laten overwinteren.

trachycarpus_med
Trachycarpus

t9.tuinpalmen_2018.12.phoenix.m
Phoenix

http://www.mooiwatplantendoen.nl Facebook: mooiwatplantendoen
Instagram: mooiwatplantendoen

 

Scindapsus: Sterk, mooi en effectief

Lievelingsplant van Surinaamse Nederlanders

Hangen, klimmen – met Scindapsus kun je alle kanten op. Deze woonplant valt op door zijn hartvormige satijnachtige bladeren met zilveren, lichtgroene, gele of witachtige vlekken of een gevlamd patroon.

Het is bovendien een trouwe huisgenoot: goed verzorgd kan dit woonwonder heel oud worden en toch mooi blijven. Intussen doet de plant ook wat terug voor de goede verzorging: volgens de NASA Clean Air studie is Scindapsus een van de planten die de luchtkwaliteit in huis helpt te verbeteren.

w8.scindapsus2018.7.mid_

Herkomst

Scindapsus hoort bij de Araceaefamilie en groeit in Zuidoost-Azië, Indonesië en op de Salomonseilanden. In tropische regenwouden klimt hij bij voorkeur tegen bomen op.

Waar let u op bij de aanschaf van Scindapsus?

Scindapsus wordt aangeboden als klim- en hangplant. In beide gevallen is het zaak om te checken of de lengte en dikte van de plant in verhouding staat tot de verschijningsvorm.
De woonplant hoort aan alle kanten mooi rond te zijn en een regelmatige bladbezetting te hebben. Als hangplant moeten de ranken zo lang zijn dat ze al daadwerkelijk langs de pot hangen.

w8.scindapsus2018.8a.mid_

Bruine vlekken in het blad duiden op teveel vocht tijdens transport en opslag.
Bij transport en opslag dient de temperatuur minimaal 12°C of hoger te zijn. Bij lagere temperaturen is het belangrijk Scindapsus te beschermen tegen kou door hem in te pakken.

w8.scindapsus2018.9.mid_ (2)

Keuze assortiment

Het aanbod in Scindapsus is overzichtelijk. De bekendste heeft groen blad met een lichtgroen tot gele tekening. ‘Argyraeus’ heeft kleine grijze vlekken, ‘Trebie’ een grover blad dat meer grijs gemarmerd is. Cultivar ‘Silvery Ann’ heeft meer zachter grijs in het blad.

Verzorgingstips voor Scindapsus

  • Scindapsus staat graag licht, maar liever niet in de volle zon of op de tocht.
  • Hoe lichter het blad, hoe meer licht de plant nodig heeft.
  • De grond mag matig vochtig zijn, maar laat de wortels liever niet in het water staan.
  • Eens in de maand wat plantenvoeding houdt de groeikracht van Scindapsus op peil.
  • De plant is een groot liefhebber van een neveldouche met de plantenspuit.
  • Worden de ranken te lang, dan kunnen ze gewoon worden afgeknipt.
w8.scindapsus2018.10

mooiwatplantendoen.nl

Borderplan – De “evergreen” Hebe

De Hebe is de ideale plant om tuin en terras in de nazomer een oppepper mee te geven. Witte, paarse, roze of lila bloemen brengen meteen nieuwe energie in het geheel en het blad van de Hebe varieert in kleur van lichtgroen tot donkergroen en heel lichtgrijs. In de winter en lente hebben sommige exemplaren zelfs paars-rood blad.

Dankzij de wat kronkelige opbouw heeft de plant een losse, natuurlijke uitstraling en de trossen bloemen zijn zeer in trek bij vlinders en bijen. Veelzijdig als de Hebe is, wordt hij veel ingezet in perken en borders, rotstuinen of als vijverbeplanting, maar hij kan ook prima als kuipplant op het balkon of terras. De Hebe blijft altijd groen en brengt zo het hele jaar door leven in de tuin.

t8.hebe_2018.5

Keuze assortiment

Het Hebe assortiment is in te delen in twee groepen:
– De grootste bestaat uit veelal winterharde altijd groene soorten met decoratief blad. De bekendste zijn H. ‘Emerald Gem’ syn. Green Globe’, H. ochracea ‘James Sterling’, H. ‘Autumn Glory’, H. pimeloides, H. buxifolia en H. pinguifolia.
– Totaal anders, maar ook helemaal Hebe is de tak H. andersonii, ook bekend als struikveronica. Deze bloeit in de nazomer en herfst en zijn vooral rond 1 en 2 november (Allerheiligen – Allerzielen) erg gewild.

t8.hebe_2018.6a.m

Hebe trivia

• De Hebe is vanuit Nieuw-Zeeland in 1835 naar Europa gekomen. De cultivars die hier uit voort zijn gekomen, zijn door kruising goed bestand tegen de winter.
• Hebe, godin van de jeugd, is in de Griekse mythologie de dochter van Zeus en Hera. Zij werd als bruid gegeven aan Heracles.
• De Hebe kan relatief goed tegen zilte lucht en is daarmee een ideale plant voor tuinen en balkons aan de kust.

t8.hebe_2018.6b.m

Herkomst

Hebe groeit op het zuidelijk halfrond, vooral in Nieuw-Zeeland, maar ook in Frans-Polynesië, de Falklandeilanden en Zuid-Amerika. Er zijn ongeveer dertig soorten die vrij taai zijn: de plant groeit zowel langs de kust als in bergachtige gebieden op grote hoogte, al heeft hij daar wel kleinere bladeren.

t8.hebe_2018.6c.m

Hier let u op bij de aankoop

• Check de verhouding tussen potmaat, plantdiameter en aantal bloemknoppen en of de plant vrij is van ziekten en plagen.
• De planten worden, afhankelijk van de soort, zowel buiten als in kassen opgekweekt. Goede kwekers zorgen dat ook een buiten gekweekte Hebe wordt aangeleverd in een schone pot.
• Hoe groter de plant, hoe groter de sierwaarde en hoe makkelijker in de omgang de Hebe is.
• Bij aankoop mogen er geen verdroogde of afgestorven plantendelen in de plant zitten.

t8.hebe_2018.7a.m

Verzorgingstips 

• De Hebe staat graag zonnig en kan zelfs volle zon hebben, maar gedijt ook in half schaduw.
• De plant staat het liefst in luchtige, humusrijke grond.
• Gietwater moet altijd weg kunnen lopen, tussen gietbeurten door mag de kluit iets indrogen.
• Tijdens de bloei elke twee weken wat plantenvoeding geven, uitgebloeide bloemen weghalen.
• De Hebe is behoorlijk winterhard, maar bij stevige vorst kan de plant beter even worden ingepakt, zeker als het een kuipplant is. De Hebe struikveronica overwintert liever vorstvrij.
• Na de winter terugsnoeien houdt de Hebe mooi en krachtig.

t8.hebe_2018.10.m_0

mooi wat planten doen

GO WILD! Top 10 drachtbomen voor bijen

tsgw opener

medium_tilia_henryana_12
Tilia (Linde) Foto; Van den Berk

medium_malus_toringo
Malus toringo Foto; Van den Berk

De bij heeft het moeilijk, iets wat u ondertussen vast heeft vernomen. Door de verstedelijking en de verschraling van het platteland hebben de bijen te maken met een teruglopend voedsel aanbod. Ook de varroamijt, een millimeter grote parasiet die sinds begin tachtiger jaren massaal voorkomt in de volken en ze verzwakt.  Insecticiden en fungiciden doen hun werk en daarvan worden ook bijen het slachtoffer. Wat kunnen tuiniers doen de bij te helpen bij overleven?

In ieder geval kunnen wij bijdragen door onze beplanting zo veel mogelijk te laten aansluiten bij de behoeftes van de bijen. In een eerder GO WILD!-bericht leest u over de top 10 vaste planten voor bijen en vlinders, en in deze aflevering van BNNVARA Zembla veel over het hoe en waarom van de bijensterfte. Ook in het bericht: Help de wilde bij overleven, veel informatie.

medium_gleditsia
Gleditsia (valse Christusdoorn) Foto; Van den Berk

medium_prunus_incisa
Prunus incisa (Fuji-kers) Foto; Van den Berk

In de natuurrijke tuin staan planten die wie ook in onze inheemse flora tegenkomen. Dit soort tuinen bestaan uit nagebootste natuur die ons ideaalbeeld hierover weergeven. De beplanting bestaat vaak uit kruidachtige vaste planten, botanische soorten, (en liever niet de vaak overgecultiveerde soorten), bloembollen die geschikt zijn voor verwildering, heesters en bomen.

medium_robinia_pseudoacacia
Robinia pseudoacacia (Gewone-, Schijn-, Witte- of Valse Acacia, Robinia) Foto: Van den Berk

Hoog boven ons hoofd leveren bomen een enorme bijdrage

Het aanplanten van bomen die voedsel voor bijen leveren, de zogenaamde drachtbomen, is daarmee ook populair én noodzakelijk geworden.

In steden en dorpen is er vaak weinig ruimte voor aanzienlijke groene oppervlakten. Met bomen daarentegen kunnen die oppervlakten boven de straat, op hoog niveau, wel worden gecreëerd. Het bloeiend oppervlak van een boom is bovendien vele malen groter dan de kroonprojectie en levert zo verhoudingsgewijs meer bloemen dan een gewas op straatniveau. Hoe ouder de boom en hoe groter de kroon, hoe beter.

In tuinen kunnen sierfruitbomen interessant zijn. Belangrijk om te weten is dat soorten met een dubbele of gevulde bloem, zoals veel Japanse sierkersen, geen dracht leveren, terwijl de soorten en cultivars met enkele bloemen dat wel doen.

medium_salix_alba
Salix alba (Gewone wilg, Schietwilg, Witte wilg) Foto; Van den Berk

medium_heptacodium_miconioides_2
Heptacodium miconioides (Zevenzonenboom) Foto: Van den Berk

Het vliegseizoen voor de bij is van maart tot oktober, voldoende drachtbomen is in deze periode belangrijk. De meeste drachtbomen bloeien in het voorjaar en de zomer. Als het vliegseizoen naarmate het jaar vordert wordt het bloeiend assortiment steeds kleiner. Er zijn echter een paar soorten die nog in sepember bloeien zoals de Honingboom (Styphnolobium/Sophora) en de Bijenboom (Tetradium).

Bekijk ook; Plant een boom(pje) in uw stadstuin

medium_tetradium_daniellii
Tetradium daniellii Foto; Van den Berk

Bij een goede dracht van bijvoorbeeld linden kan een bijenvolk met gemak in veertien dagen 20-30 kg honing binnenhalen.

Eenmaal een gewas gevonden dat hun de lekkernijen biedt zullen ze dit met de bijendans melden in het volk waarna ze met zijn allen dit gewas blijven bezoeken tot het op is. Bij gunstige omstandigheden komt er een overdaad aan dezelfde soort nectar binnen en kunnen we, afhankelijk van de boomsoort, spreken van bijvoorbeeld wilgen- of lindehoning.

medium_malus_sugar_tyme
Malus SUGAR TYME (‘Sutyzam’) (appelboom) Foto; Van den Berk

medium_prunus_the_bride
Prunus ‘The Bride’ Foto; Van den Berk

Website Van den Berk Boomkwekerijen B.V.

Tuinplanten maand juni 2018: klimfruit

Met klimfruit creëer je makkelijk een pluktuin

Voor een pluktuin met klimfruit als bramen, frambozen, blauwe bessen en druiven is niet veel ruimte nodig. Deze planten groeien omhoog, langs een muur, schutting, rek of pergola en gedijen zelfs op een balkon. Ze bieden mooi blad en bloesems in de voorzomer.

t6.klimfruit_2018.9.m

Gedurende de zomer zelf ontstaan er vruchten, die dan in de nazomer en herfst kunnen worden geoogst. Er is dus altijd wat te beleven met klimfruit. Fruit zien groeien (en uiteindelijk lekker opeten) is een leuke en leerzame ervaring voor kinderen en past in de trend van willen weten waar je eten vandaan komt. Met wat je zelf niet opeet, maak je de vogels in het najaar blij.

Keuze assortiment

Het assortiment klimfruit biedt ruime keuze, speciaal geselecteerd voor juni zijn de stekelloze braam (Rubus fruticosus), framboos (Rubus idaeus), druif (Vitis vinifera) en blauwe bes (Vaccinium corymbosum, ook bekend als trosbosbes).

Alle planten komen voor in vele verschillende variëteiten, waaronder compacte vormen die heel geschikt zijn voor plekken met weinig ruimte. Door veredeling zijn ze sterker, productiever en gemakkelijker in het onderhoud dan voorheen. Er zijn enkele speciale consumentenlabels, zoals 100% Fruit, Fit&Juicy en Big Taste Experience.

t6.klimfruitdruif2018.12.m (1)
Klimfruit Druiven

Klimfruit trivia

• Braam is een verbastering van het oude Germaans woord bram-bezi, dat in het Duits brombeere werd, in het Nederlands braambes, in het Engels Braembel en in het Frans (f)ramboise. Braam is zo’n beetje de Europese oerbes.
• Blauwe bes wordt vaak verward met bosbes (Vaccinium myrtillus), maar is wat groter, geeft niet af én heeft in de herfst blad dat prachtig vuurrood verkleurt.
• De frisse sappige framboos staat ook bekend als ‘de kaviaar onder het fruit’ en wordt internationaal gezien als een van de lekkerste bessen die er is.
• Van Oost-China tot Zuid-Europa heeft de druif al zo’n 9000 jaar speciale status als basis van wijn. Door veredeling (en een vleugje klimaatverandering) gedijt de plant tegenwoordig ook in koelere streken, zoals Nederland, Engeland en Scandinavië.

t6.klimfruitframboos2018.11.m
Klimfruit Framboos

Herkomst

Veel klimfruit hoort bij de rozenfamilie. De braam groeit in heel Europa, maar ook in het Zuid-Amerikaanse hooggebergte. De framboos is eveneens een Europese klassieker en rukte sinds de 16de eeuw op vanuit Italië en Griekenland.

Blauwe bessen zijn inheems in bosrijke gebieden in de oostelijke Verenigde Staten en groeien pas sinds het begin van de 20ste eeuw in Europa. Druiven hebben zich verspreid vanuit het Midden-Oosten.

t6.klimfruit_bosbes_2018.6b.m
klimfruit bosbes

Hier let u op bij de aanschaf

• Klimfruit wordt aangeboden in diverse potmaten en groeistadia. In juni horen de planten redelijk volgroeid te zijn, ruim in het blad te zitten en bloesems of zelfs al fruit te dragen.
• Let op de verhouding tussen potmaat en plant, de lengte van het steunmateriaal en een goede bezetting met blad, bloem en bes.
• Check op rupsen, slakken, luis of andere aantastingen als meeldauw of Botrytis.

t6.klimfruit_2018.3.m

Verzorgingstips  

• Klimfruit kan in bakken, potten of de volle grond en staat het liefst op een zonnige plek waar het niet donkerder wordt dan halfschaduw. De zon is nodig om de vruchten te laten rijpen.
• Bramen, frambozen en blauwe bessen houden van een humusrijke, lichtzure grond, druif heeft liever een kalkhoudende grondsoort.
• Laat de kluit niet uitdrogen, de planten verbruiken veel vocht bij de groei van de bessen.
• Zorg voor houvast om tegenop te kunnen klimmen, zoals een rek, frame of pergola.
• In het groeiseizoen elke twee weken plantenvoeding geven, afgestemd op het fruit in kwestie.
• De meeste klimfruitsoorten zijn zelfbestuivend, zodat er niets hoeft te worden gedaan om vruchten te krijgen.
• Snoeien in de late winter of het vroege voorjaar.

t6.klimfruit_2018.8.mjpg_

Klimfruit zijn de Tuinplanten van juni 2018. De ‘Tuinplant van de maand’ is een initiatief van Bloemenbureau Holland. Maandelijks kiest het Bloemenbureau in samenwerking met vertegenwoordigers uit de sierteeltsector een plant met een geweldige uitstraling of bijzondere eigenschappen om extra onder de aandacht te brengen.

Heester harmonie – De ‘Evergreen’ Camellia japonica

Het is net iets uit een sprookje: als alles nog kaal is, bloeit de bladhoudende heester Camellia japonica (ook bekend onder de naam Camelia of Japanse roos) al uitbundig. Kou noch sneeuw houden deze winterbloeier tegen, in de eerste vier maanden van het jaar schittert de plant met grote roosachtige bloemen tot wel 12 cm doorsnee.

De combinatie met het grote, glimmende donkergroene blad maakt het een aansprekende verschijning voor iedereen die behoefte heeft aan groen en kleur op het terras, in de tuin of op het balkon.

Tuinplant van de Maand januari: Camellia

Keuze assortiment

Van de sierlijke Camellia japonica zijn wel 2000 verschillende cultivars, variërend van enkelbloemig tot halfgevuld- of gevuldbloemigen. De meest voorkomende kleuren zijn rood, wit en roze, maar er komen ook lila, zalmkleurige en tweekleurige planten voor.

Camellia trivia

• De plant siert al sinds de 11de eeuw Chinees porselein en schilderijen.
• De oudste Camellia in Europa staan in het Portugese Campo Bello en zijn zo’n 470 jaar.
• Door de unieke bloeitijd is het een van de meest geschilderde tuinplanten, omdat de tuin in de winter en het vroege voorjaar verder nog weinig inspiratie biedt.
• In China is de Camellia een gelukssymbool voor het Chinese nieuwjaar (dat valt dit jaar op vrijdag 16 februari).

1206-153

Herkomst 

De Camellia japonica komt, zoals de naam al aangeeft, uit Japan en is ook inheems in Taiwan en Korea. Daar groeit de plant bij voorkeur op beboste hellingen tussen de 300 en 1100 meter. De winterbloeier is familie van de theeplant Camellia sinensis en kwam via handelsreizigers in de 18de eeuw in Europa terecht.

Hier let u op bij de aanschaf van uw plant(en) 

• Check bij aanschaf het aantal bloeibare knoppen en de rijpheid ervan. Knopverdroging of knopval is een teken dat de Camellia niet optimaal zal bloeien.
• De plant moet vrij zijn van ziekten en plagen. Bruinverkleuring kan ontstaan wanneer er teveel vocht op de bloemblaadjes komt en Botrytis (smet) toeslaat.

1206-161

Verzorgingstips 

  • De Camellia japonica staat bij voorkeur op zure, lichtvochtige grond die een plensbui makkelijk afvoert.
  • De plant staat het liefst op een beschutte plek in halfschaduw.
  • Hoewel de Camellia winterhard is, kan hij bij felle of lange vorst beter worden afgedekt om vorstschade te voorkomen.
  • Voorkom uitdroging, vooral als de plant in een pot of kuip staat.
  • In maart en juni een beetje bijmesten helpt de plant nieuwe knoppen aan te maken.
  • De Camellia hoeft niet te worden gesnoeid.
  • De Camellia japonica laat zich goed combineren met andere zuurliefhebbers zoals coniferen, Rhododendron, Erica, Skimmia en Gaultheria.

1206-159

Bron

Heester harmonie – De majestueuze rododendrons en azalea’s

Voor tuiniers is er een enorme keuze aan bloeiende heesters beschikbaar. De zeer diverse vormen en afmetingen van bloeiende heesters maar ook hun bloemenpracht en kleuren bieden een omvangrijk palet voor de tuinier, hovenier en tuinarchitect.

Vrijwel alle heesters kunnen meerdere functies vervullen en hoe kleiner de tuin des te belangrijker worden deze functies, zoals de bloemenpracht en beschutting, in uw tuin. Het geslacht Rhododendron is zo groot dat het een van de grootste in het plantenrijk is. Van een paar centimeter hoge azalea in de rotstuin tot een 24 meter hoge Rhododendron in een bostuin maken deze groep planten geschikt voor elke tuin groot tot klein. Zelfs voor in een container op het balkon is er wel een Rhododendron.

Azalea’s op het Britse landgoed Borde Hill

Azalea’s en rododendrons behoren beide tot het geslacht Rhododendron, dat een van de grootste in het plantenrijk is. De kleinbladige, groenblijvende dwergvormen en kleinere, bladverliezende heesters worden meestal met ‘Azalea’ aangeduid. Ze variëren van slechts enkele centimeters tot hoge, breed uitgroeiende Rododendronbomen.

Rododendrons vereisen een zure bodem die rijk is aan organische stoffen en goed doorlatend is. De meeste geven de voorkeur aan een koel bosmilieu, maar veel dwergsoorten gedijen ook op meer open plekken. Als ze eenmaal zijn aangeslagen, vragen ze niet veel verzorging, afgezien van een jaarlijkse mestgift, ze bieden dan jarenlang een kleurrijke aanblik.

bowood12

 

De grootbloemige soorten zijn de bekendste rododendrons, in parken, begraafplaatsen en landgoederen zijn ze vaak te vinden, veelal zijn deze exemplaren al jaren oud. Botanisch gezien omvat de groep grootbloemige vele soorten, ze zijn afkomstig uit het Himalaya-gebergte en West China. Omstreeks 1850 kwamen de eerste planten naar Europa, door kruising zijn er inmiddels vele honderden variëteiten.

Rhododendron Roseum Elegans

Rhododendron ‘Ostara’

Rhododendron ponticum

Veel van de eerste exemplaren die naar Europa kwamen na 1850 werden op Britse landgoederen en botanische tuinen geplant. Vaak waren de eigenaren van deze landgoederen beschermheer van plantexpedities en werden deze planten gezien als statussymbool in de woodland gardens (bostuinen) van hun estates.

Een van deze beschermheren was Kolonel Stephenson R. Clarke van de Borde Hill Gardens in Sussex, Engeland.  De Azalea-collectie komt nog van een oud geslacht gekweekt over een periode van ruim 60 jaar door vader en zoon Antony Waterers. De fraaie en zuivere bloemen zijn mooier dan veel van de nieuwe moderne hybriden. Lees hier meer over in dit artikel op TuinenStruinen.

In dit artikel leest u meer over Britse landgoederen waar rododendrons in woodland gardens zijn te vinden. Veel van deze bomen zijn RHS kampioensbomen.

Rhododendron ‘Furnivall’s Daughter’

 

De Nederlandse boomkwekerij Van den Berk heeft een 50 ha grote rododendronkwekerij in Duitsland op hun website (in het Nederlands) staat veel informatie en een webshop. Deze boomkweker geeft de volgende 10 redenen aan om een Azalea of Rododendron aan te schaffen.

  • geven een overweldigende bloemenpracht in het voorjaar.
  • geven het hele jaar door een groen beeld, m.u.v. de Azalea Knap Hill Hybriden.
  • geven duidelijk vorm aan de groenstructuur.
  • zijn geschikt voor camouflage.
  • zijn er in een grote verscheidenheid aan bloemkleuren en bloemtekeningen.
  • verdragen schaduw.
  • zijn vorst resistenter dan de meeste andere groenblijvers.
  • zijn zeer goed te snoeien.
  • zijn vormvast, compact, sterk en langlevend.
  • geven geen bladafval in de herfst.

 

Help de Wilde Bij overleven!

In Nederland dreigt de helft van alle soorten wilde bijen te verdwijnen. 188 van de 358 soorten staan op de rode lijst met bedreigde soorten. Ook veel soorten zweefvliegen gaan in aantallen achteruit. Hoe komt dat, waarom is het een probleem en wat kunnen we daaraan doen?

Over de auteur: Arjen de Groot werkt sinds 2012 als ecoloog bij Wageningen Environmental Research (WENR) en doet onderzoek naar de diensten die insecten (bestuivers, natuurlijke plaagbestrijders) leveren aan de mens, en behoud en verbetering daarvan. Daarnaast is Arjen betrokken bij het WENR-laboratorium voor ecologische genetica.

Veel verschillende bijen

Bijen zijn er in vele soorten en maten. De bekendste is de honingbij, die door mensen wordt gehouden. In het wild leven onder meer zandbijen, metselbijen, behangersbijen en hommels. Hun namen verraden hun verschillen al. Zandbijen nestelen graag in open zandige bodems. Metselbijen maken met leem, speeksel en water een soort cement waar ze nesten mee bouwen in holtes (zoals in een bijenhotel). Behangersbijen doen dat ook, maar danken hun naam aan de gewoonte van de vrouwtjes om hun nestcellen te ‘behangen’ met stukjes blad die ze met hun kaken uit bladeren knippen. Hommels zijn die dikke wollige en kleurige zoemers.

Verschillende wensen

Dat zoveel soorten bijen dreigen te verdwijnen, komt onder andere doordat ze niet genoeg voedsel en nestgelegenheid kunnen vinden. Naast verschillende nesteisen hebben ze vaak ook zo hun voorkeuren voor bepaalde bloemen. En omgekeerd hebben verschillende bloemen verschillende typen bestuivers nodig. Wilde soorten zijn daarin vaak effectiever dan honingbijen. Veel wilde bijen vliegen bovendien niet verder dan 150 tot 500 meter tussen hun voedsel en nestgelegenheid. Dat betekent dat beide op korte afstand van elkaar aanwezig moeten zijn. Dat is nu vaak niet het geval. Daarnaast spelen het gebruik van insecticiden en klimaatverandering een rol bij de achteruitgang.

bij wur

Verlies biodiversiteit en bestuivers

Als de helft van de bijensoorten verdwijnt, is dat een belangrijk verlies aan biodiversiteit. Daarnaast is het een probleem voor natuur en landbouw. Wilde bijen zijn namelijk belangrijke bestuivers van wilde bloemen, struiken en bomen, en van voedselgewassen. Zo zijn ze bij de teelt van Elstar appels verantwoordelijk voor meer dan de helft van de totale opbrengst. Ook bij de teelt van peren, aardbeien en blauwe bessen zijn bestuivers essentieel.

De oplossing

Om voldoende leefgebied voor bijen te krijgen, zijn aanpassingen in ons landschap nodig: meer bloemen en nestelplekken, meer ‘rommelige’ randen en hoeken.

De overheid heeft met een breed scala aan organisaties de Nationale Bijenstrategie ontwikkeld, een plan om de teruggang te stoppen. Bij het initiatief hebben zich inmiddels ruim vijftig partijen aangesloten en dat aantal groeit nog steeds.

Wageningse onderzoekers ondersteunen via de Kennisimpuls bestuivers iedereen die wilde bijen wil helpen met kennis over wat je het beste kunt doen op welke plek; welke bijen kun je daar helpen met welke planten en welk beheer. Ze doen dat met collega’s van Naturalis Biodiversity Center en EIS Kenniscentrum Insecten.

Acties

Help de wilde bij – Plant bloemen om leefgebied te vergroten‘Vooral boeren hebben dan misschien baat bij bestuivers, maar duidelijk is dat de bijen en zweefvliegen veel meer leefgebied nodig hebben dan boeren ze kunnen bieden. Dus het is heel belangrijk dat zoveel mogelijk mensen actie ondernemen voor behoud van onze bestuivers’, zegt ecoloog Arjen de Groot van Wageningen Environmental Research en projectleider. ‘Er is al heel veel kennis over wat bijen nodig hebben, maar voor mensen die in actie willen komen is die kennis nog te versnipperd en ingewikkeld. Wij vertalen en bundelen de kennis voor de specifieke doelgroepen.’

Zo komt er een handleiding met vuistregels voor het kiezen en inrichten van voor wilde bijen geschikt leefgebied. Het is bijvoorbeeld belangrijk dat als je voedselgewassen bestoven wilt hebben, er ook voor en na de bloei voldoende voor bijen te eten is. ‘Het is allemaal niet heel ingewikkeld, je kunt al veel bijdragen met simpele maatregelen. Maar er zijn wel een paar zaken waar je dan op moet letten’, aldus De Groot.

Vijf tips:

  1. Als je bloemen inzaait, gebruik dan inheemse plantensoorten, geen exotische tuinplanten. Want daar kunnen onze bijen vaak geen nectar uit halen.
  2. Gebruik meerjarige plantensoorten. Die zijn voor bijen waardevoller en hoef je niet elk jaar opnieuw te zaaien.
  3. Zorg dat je de vegetatie regelmatig maait en het maaisel afvoert, anders verandert je bloemenstrook binnen enkele jaren in een grasmat.
  4. Maai niet alles tegelijk, zodat insecten altijd nog ergens wat voedsel en dekking overhouden (bijvriendelijk maaien).
  5. Zorg bijvoorbeeld voor nesteldijkjes. Slechts enkele bijensoorten nestelen in een bijenhotel, de meeste nestelen ondergronds.

De onderzoekers begeleiden ook zes regionale initiatieven waarin verschillende partijen samenwerken. Dit zijn bijvoorbeeld een praktijknetwerk van Betuwse appeltelers en een bijenlandschap op de Brabantse Wal. ‘We testen daar ook maatregelen’, vertelt De Groot.

Helpdesk

Daarnaast heeft WUR dankzij de Kennisimpuls een helpdesk voor vragen over het inrichten, beheren en organiseren van landschappen voor wilde bestuivende insecten. Onderzoekers kunnen zo nodig langskomen voor advies.

Zo adviseerden onderzoekers dit jaar de Leidingenstraat Nederland (LSNed). Dat beheert een obstakelvrij leidingentracé tussen de industriegebieden van Rotterdam en Moerdijk, in de richting van Vlissingen en Antwerpen; een ondergrondse snelweg voor buisleidingen. Deze is 80 kilometer lang en 100 meter breed en nu veelal in gebruik als hooi- of akkerland. Aanbevelingen gingen onder meer over de aanleg van een houtwal (hoe aanleggen, welke bomen) en maairegime.

Ook is er bijvoorbeeld een advies te vinden over hoe je sterfte van insecten voorkomt bij het maaien van bloemrijke, kruidige bermen.

Financiering

Kennisimpuls Bestuivers wordt gefinancierd door het ministerie van LNV. Daarnaast financiert het ministerie een Kennisimpuls Groene Gewasbescherming gericht op het versnellen van de verduurzaming van gewasbescherming. In dat kader ontwikkelt Wageningen University & Research nieuwe teeltsystemen die onder meer aardbei, lelie, appel en akkerbouwgewassen veel minder afhankelijk maken van chemische gewasbescherming. Bron; wur.nl

Uitgelichte foto; http://www.ivn.nl

Bekijk ook; GO WILD! Top 10 Vaste planten voor bijen en vlinders

VPRO Tegenlicht: De strijd om het plantenzaad

 

In Spitsbergen staat een zaadkluis die tegen alles bestand is. Maar van wie is het zaad? Diep verstopt in een massieve berg op het onherbergzame Spitsbergen bevindt zich de belangrijkste kluis ter wereld: de Global Seed Vault. Het is er 20 graden onder nul, bestand tegen aardbevingen, overstromingen, raketaanvallen en nucleaire rampen.

Het is de Ark van Noach van onze voedselproductie met de grootste diversiteit aan zaden van de hele wereld, een back-up van zoveel mogelijk gewassen en de gereedschapskist voor zaadveredelaars. Dit is van levensbelang, want in 2050 zijn er 9 miljard monden te voeden. Maar het succes van de kluis toont ook haar keerzijde. Met de toenemende strategische betekenis van zaad is de fundamentele discussie op gang gekomen over de vraag: van wie is het zaad eigenlijk? Niet meer alle landen willen hun zaadcollecties afstaan aan de kluis.

Opkomende economieën zien hun zadenbezit als een green gold mine waar voor betaald moet gaan worden. En de grote zaadbedrijven patenteren hun nieuwste zaden. Als zaad niet meer vrij te gebruiken is zal de diversiteit afnemen en dat maakt de vrije beschikbaarheid van alle zaden van levensbelang.

De ‘Doomsday Vault’, zoals de kluis tegenwoordig wordt genoemd, en haar wereldwijde missie, is het levenswerk van de bevlogen Amerikaanse professor Cary Fowler. In februari 2013, voor het vijfjarig bestaan van de kluis, kwam hij met een internationale beheerscommissie bijeen op Spitsbergen om de huidige patstelling te bespreken. Tegenlicht krijgt inzicht in het wereldwijde politieke en strategische spel dat gespeeld wordt om ons dagelijks eten.

Bron; You Tube

Harry Pierik: SECRET GARDEN ZWOLLE (2)

Gevelgroen op onverwachte plekken, aanleg en onderhoud.

(Bekijk hier deel 1)

In opdracht van de gemeente Zwolle ontwierp ik in 2017 ruim veertig geveltuintjes in de binnenstad. Deze groene stroken zijn samen met het gemeentelijk groenonderhoud (ROVA) ingericht tegen gevels van allerlei stegen en straatjes in het Broerenkwartier aan weerszijden van de Diezerstraat en op Het Eiland.

1
2017, geveltuin Korte Smeden op Het Eiland, bijna een jaar na aanleg. Warme kleuren afgewisseld met grijsblauw, contrast en eenheid met de hardstenen puien van het winkelpand. Rechts vooraan staan o.a. Persicaria amplexicaulis ‘Blackfield’ en Festuca glauca ‘Elija Blue’, daarachter, tegen de hardstenen pui de wintergroene hemelse bamboe Nandina domestica die koperkleurig jong blad krijgt. Na de witte bloemetjes verschijnen trossen met rode bessen, die de hele winter aan de struik blijven zitten. De auberginekleurige bodemkruiper verderop vooraan over de rand van cortenstaal is Ajuga reptans ‘Black Scallop’.

De naam Secret Garden staat voor het verrassingselement van deze geveltuinen op soms totaal onverwachte en verborgen plekken en is bedacht door stedelijk beheerder beplanting Tsjerk Jelsma.

2
2016, Korte Smeden hier nog zonder geveltuin.

Hoe worden deze tuintjes gemaakt? Nadat de contouren met krijt op de stoep zijn getekend, volgt het straatwerk. Stenen en zand eruit en daarna wordt er een solide kantafsluiting van betonbandjes aangebracht, stijlvol afgewerkt met een veegwagenbestendige hoes van COR-TEN-staal.

3
2016, de Nieuwstraat zonder geveltuin met op de achtergrond een deel van de stadsmuur

 

4
De Nieuwstraat, bijna een jaar na aanleg. Met helemaal vooraan Thuja occidentalis ‘Brabant’, die regelmatig geschoren wordt en zo qua vorm en textuur een contrast vormt met het glanzende blad van zijn buurman Magnolia grandiflora ‘Little Gem’. Daarvoor de wintergroene varen Dryopteris erythrosora, en verderop de lichtgroene blaadjes van Lonicera nitida ‘Baggesen’s Gold’. Meer daarachter Mahonia ‘Media’, Hydrangea paniculata ‘Lime Light’ en Nandina domestica , omringd door Persicaria amplexicaulis ‘Dikke Floskes’, diverse geraniums en wintergroene grassen. De grotere heesters worden schuin oplopend gesnoeid, de vorm heeft dan iets van een steile groene helling tegen de muur.

Minstens veertig centimeter diepe, rulle tuinaarde, vermengd met bentoniet, staat garant voor groei en bloei op de meestal zanderige ondergrond tegen de gevels. Vervolgens zet ik alle potjes op de juiste plek en planten de binnenstadtuinlieden van de ROVA, Gert Bruggeman en Bennie Herbrink, alles erin.

5
2016, Drie Pistolengang op Het Eiland, zonder …

6

Maart 2017, Drie Pistolengang, Het Eiland, de geveltuin is net ingericht.

Oktober 2017, Drie Pistolengang, Het Eiland, geveltuin ruim een half jaar na inrichting.

8
Drie Pistolengang, Het Eiland. Geveltuin op het noorden. Mahonia eurybracteata ‘Soft Caress’ geflankeerd door Fuchsia ‘Mrs Popple’. Op de voorgrond links en rechts het bladverliezende gras Haconechlea macra ‘Allgold’, zonder groene middenstreep, daarnaast links van het midden o.a. de compacte Fuchsia ‘Tom Thumb’ en Pulmonaria ‘Opal’. Uiterst rechts vooraan het bruine blad van Heucherella ‘Art Deco’.

Al deze tuintjes krijgen water uit een tankwagen. De grond wordt van te voren stevig, maar voorzichtig, aangedrukt zodat er een ringvormig geultje rondom de nieuwe aanplant ontstaat. Zakt het water meteen weg, dan moet de bodem opnieuw iets worden aangedrukt, tot het water een poosje blijft staan en langzaam door de bodem wordt opgenomen. Zo kan de vochtige grond om de haarwortels slibben. Daarna wordt uiteraard geen water gegeven zolang de aarde vochtig is.

9
Enkele potjes met heesters zijn door mij uitgezet in de Broerenstraat. Het is handig om eerst de grotere heesters te planten, vervolgens kunnen de kleinere planten aanvullend op hun plek worden gezet.

 

10
Voorman van de ROVA in de binnenstad, Gert Bruggeman, plant het door mij uitgezette groen in een geveltuin in de Spiegelstraat.

11
Geveltuin in de Spiegelstraat net na de inrichting. Links de winterharde Toscaanse jasmijn Trachelospermum asaticum ‘Star of Toscane’. Daarnaast de grote lancetten van het kwartjesblad Aspedistra elatior en wintergroene varens en grassen. Rechts Nandina domestica.

Om onkruidgroei in te dammen en om de structuur van de grond te verbeteren, maar vooral om het bodemleven te stimuleren, wordt er compost tussen de verse aanplant uitgestrooid. Dit mulchen geeft allerlei voordelen want het levert niet alleen een barrière tegen ongewenste zaailingen op maar zorgt ook voor minder zonlicht op de bodem, waardoor het voor ‘onkruid’ moeilijker wordt om daar te ontkiemen.

12
April 2017, pas aangelegde geveltuin in de Broerenstraat.

Onder die mulchlaag krioelt het van allerlei voor planten waardevolle schimmels, bacteriën en eencellige diertjes. Deze micro-organismen nemen mineralen en voedingsstoffen tot zich en maken uit organische mest en bladresten voedingsstoffen vrij die op hun beurt weer onmisbaar zijn voor de beplanting. Bijkomend voordeel is dat de bodem onder een laagje mulch over het algemeen ’s zomers minder uitdroogt en in de winter wat meer warmte vasthoudt.

13
Kersverse aanplant tegen een gevel in de Spiegelstraat met veel wintergroen. Onder andere met Nandina domestica, de winterharde Toscaanse jasmijn Trachelospermum asaticum ‘Star of Toscane’, het kwartjesblad Aspedistra elatior en wintergroene grassen. De hoes van COR-TEN-staal staat niet op deze foto maar is hier inmiddels aangebracht.

Het onderhoud vindt plaats op een aantal middagen per jaar met een enthousiaste groep vrijwilligers. Onder mijn leiding wieden en knippen zij al deze geveltuintjes. We verzamelen het groenafval in zakken die door de ROVA worden opgehaald voor recycling.

14
Mandjesstraat, een jaar na inrichting. Links vooraan het bladhoudende heestertje Sarcococca confusa dat in de winter heerlijk geurend bloeit, daarnaast het zilverwit gevlekte longkruidblad van Pulmonaria saccharata ‘Reginald Kaye’, dan Liriope muscari ‘Moneymaker’ met lichtpaarse trosjes die doen denken aan de bloemen van Muscari, het blauwe druifje; vandaar de soortnaam. Daarachter de compacte Fuchsia ‘Tom Thumb’ met Geranium ‘Jolly Bee’ (ach ja, das waar ook, die moet nu ‘Rozanne’ worden genoemd). Het glanzende blad op de achtergrond is van Magnolia grandiflora ‘Little Gem’.

Door te wieden laten we de aarde zoveel mogelijk met rust zodat het bodemleven nauwelijks wordt verstoord. Naarmate de planten uitgroeien zal het onderhoud steeds meer bestaan uit zeer specifiek snoei- en knipwerk, wat sowieso een wezenlijk onderdeel van groenvormgeving is.

15
Vrijwilligers bezig met het onderhoud aan de geveltuin in de Korte Smeden. Vooraan Fuchsia ‘Whiteknight’s Pearl’, Kalimeris incisa ‘Blue Star’ en de donkerrode aartjes van Persicaria amplexicaulis ‘Blackfield’. Over de rand van COR-TEN-staal groeit het schapengras, Festuca glauca ‘Elijah Blue’. Tegen de hardstenen pui staat de tamelijk transparante Nandina domestica.

Planten die in de breedte uitstoelen knippen we nu en dan zorgvuldig ‘bij’ zodat er voldoende ruimte overblijft voor de buurplanten, waardoor de rijke schakering van het bloembed zo veel mogelijk intact blijft. Daarbij kies ik telkens welke ‘hoofdrolspelers’, hoewel passend ingebed in allerlei onmisbare ‘bijrollen’, zoveel mogelijk worden vrijgehouden. Om een voorbeeld te noemen: contrastrijke begeleiders, als het donkerbladige zenegroen Ajuga reptans ‘Black Scallop’ en het grasachtige blad van de zwarte slangenbaard Ophiopogon planiscapus ‘Niger’, houden we in toom ten gunste van de blauwe, laagblijvende jeneverbes, Juniperus squamata ‘Blue Star’.

16
Korte Smeden. Vrijwilligers aan het wieden onder andere tussen Geranium ‘Sandrine’, de purperen magenta doorbloeier met donker hart. Daartegenaan spreidt Pulmonaria ‘Diana Clare’ haar zilveren bladeren met een grijsgroene echo van Pulmonaria ‘Opal’ en helemaal vooraan Pulmonaria ‘Majesté’ en de gele dovenetel Lamiastrum galeobdolon ‘Herman’s Pride’. Tussen het auberginekleurige zenegroen staat het vrij te houden blauwgroene jeneverbesje Juniperus squamata ‘Blue Star’.

Om geen groene Tsunami te krijgen het van wezenlijk belang met name de heesters zo bij te houden dat er een soort groene helling of bosrandopbouw ontstaat. Dit bereik je door met zekere regelmaat de beplanting piramidaal, richting muur, op te snoeien.

Bekijk hier deel 1

Alle columns van Harry Pierik bij tuinenstruinen.org op een rij.

De website van Harry Pierik.nl

 

Een betere keuze en meer kennis met Van den Berk’s bomenvlogs

Afspeellijst van de bomenvlogs deel 1 t/m 14

Vaak kiest men in dit geval voor bomen die eigenlijk in een grotere tuin of park op hun plek zijn. Het gevolg is vaak ongewenst en amateuristisch snoeiwerk waardoor de boom er niet mooier van wordt en uiteindelijk (vaak illegaal) gerooid eindigt.

Johan Van den Berk is boomadviseur bij Van den Berk Boomkwekerijen en heeft in elke nieuwe bomenvlog (op YouTube) een andere boomsoort of onderwerp in de spotlights.

Deze bomenvlogs kunnen u enorm van dienst zijn, bij de vaak niet al te makkelijke beslissing, voor welke boom u gaat kiezen, bovendien vergroot het uw kennis over bomen.

YouTube kanaal  Van den Berk Boomkwekerijen

Binnengroen: Ficus Ginseng de hippe Bonsai look-a-like

Het verhaal van de Ficus Ginseng

De naam van deze Ficus is Latijn voor vijg. De Ficus groeit in (sub)tropische gebieden in Azië, Afrika, Zuid-Amerika en Australië. Naast het geslacht Ficus zijn er nog een aantal economisch interessante gewassen binnen dezelfde familie: Moerbei (Morus = voedselplant voor de zijderups), hennep (Cannabis sativa = vezel- en olieplant), hop (Humulus lupulus = kruidenplant en smaakstof voor bier) en de rubberplant, Ficus elastica.

07.ficus_.10

Productie van de Ficus Ginseng

De Ficus Ginseng wordt gekweekt in China en Maleisië, Ginseng is Chinees voor ‘wortel’.
Het duurt jaren om de grilligheid van de wortelstronk te vormen, daarna wordt de kleinbladige Ficus op de wortelstronk geënt. Met veel geduld wordt de plant gesnoeid waardoor de bonsai-achtige vorm ontstaat. Nederlandse kwekers importeren de planten vervolgens, kweken deze af en verhandelen ze.
Waar moet u op letten bij de aankoop van Ficus Ginseng?

• Potmaat en stam. Let op de pot- of schaalmaat en of de plant daarin goed is geworteld. check ook de groeiwijze en vorm van de stam en hoeveel enten hierop zijn geplaatst.
• Omvang en leeftijd. Kijk goed naar de dikte, hoogte/lengte van de plant en de leeftijd van de planten.
• Kwaliteit. Daarnaast is het belangrijk te letten op kwaliteitsaspecten: de planten dienen voldoende afgehard te zijn. Bladval kan ontstaan door lichtgebrek, vooral in winter.
• Gezondheid. De Ficus Ginseng moet vrij zijn van ziekten en plagen: let vooral op wol-, dop- en schildluis.

07.ficus_.7

Ficus Ginseng-assortiment

Ficus Ginseng is uniek in het assortiment van het geslacht Ficus. De plant is herkenbaar aan zijn groene bladeren met de afgestompte bladpunt. Dit in tegenstelling tot de Ficus benjamina die een uitgetrokken bladpunt heeft. Qua assortiment is er dus geen keuze, maar qua verschijningsvorm wel: van kleine miniplantjes tot heuse bomen, allemaal herkenbaar aan de uit de wortel groeiende groene bladeren. Vaak worden de planten ook als bonsai verhandeld.

07.ficus_.5

Verzorgingstips 

Ficus Ginseng vraagt een lichte standplaats zonder felle zon. Hoe lichter de plant staat, hoe meer water hij nodig heeft. Geef dus regelmatig, laat de potkluit nooit uitdrogen. De plant kan zelfs in de zomer ook een tijdje buiten staan, mits de temperatuur niet beneden de 12-15 graden Celsius komt. In de winter minder water geven en met rust laten bij 12-15 graden Celsius. Geel, bruin of lelijk blad kan u weghalen. De nieuwe eigenaar kan de bladeren van de plant snoeien in de lichtarme maanden, om de Ficus mooi in model te houden. De wortels hoeven niet gesnoeid te worden.

07.ficus_.4

Creatieve tips voor de Ficus Ginseng

Ficus Ginseng is een beauty in verschillende interieurs, van modern en trendy tot stijlvol klassiek. Een combinatie met een passende pot qua kleur en vorm maakt de plant aantrekkelijk. (BBH)

07.ficus_.1

 

 

FLORAFOCUS, THE BLOOMING TEMPTATION

FLORATUBE, WORLDWIDE GARDEN INSPIRATION

Hoogwaardige stadsnatuur in Afiniti Medini, Maleisië ontworpen door Grant Associates

De positieve werking van een groene leefomgeving wordt ook internationaal  steeds breder gedragen. Maleisië is een land waar men nog veel over (echte) natuur beschikt. In de provincie Iskandar wordt er een nieuwe stad ontwikkeld; Afiniti Medini. Het groen krijgt hierbij de erkenning die het verdiend, groen is hier in een hoofdrol.

Therapeutische horticultuur vormt de basis van het stedelijk groen in deze nieuwe stad. De tuin waar het hier omgaat ligt in het centrum van Medini.  De beplanting is ontworpen door de firma die ook verantwoordelijk is voor het futuristische ontwerp van de botanische tuin (gardens by the bay) in Singapore,  Grant Associates met een ontwerpstudio in het Britse Bath en in Singapore.

De groene oase streeft ernaar een gastvrij toevluchtsoord te zijn, waar mensen met verschillende achtergronden hun emoties en lichamelijk welzijn kunnen verbeteren door zich te onderdompelen in de natuur.

De beplanting is met zorg gekozen en is meerlagig aangebracht. De bovenste laag zijn de daktuinen van bewoners vervolgens zijn daar de muurtuinen die de beplanting gaat verbinden met de onderste lagen.

De beplanting heeft hier ook een duidelijk ecologisch aspect. Bij hevige regenval zorgt de beplanting ervoor dat deze een buffer is tussen de gebouwen en het riool. Het afvoeren van het regenwater gebeurt langzaam via de muurtuinen naar beneden.

De snelheid waarmee het water het complex verlaat noemen we het run-off effect, de samenstelling van verschillende onderdelen van een regentuin heet ook wel een SUDS, Sustainable Urban Drainage System (Duurzaam stedelijk drainagesysteem).

In een groene omgeving wonen heeft meerdere positieve aspecten: het verhoogt ons gevoel van welbehagen, er is minder criminaliteit en de huizen zijn meer waard (+/- 15 %) en zo kunnen we nog wel even doorgaan. De (nagebootste) natuur doet hiermee steeds vaker zijn intrede in de stedelijke omgeving. En daar worden we allemaal blij van!

 

Grant Associates