Oorzaak hoofdpijn tuiniers: de buxusmot

Tuiniers weten over het algemeen wel hoe zij met tegenslagen om moeten gaan. Het werken met natuur gaat nu eenmaal niet altijd zoals we het graag zouden willen. Maar zelfs de meest ervaren tuiniers krijgen hoofdpijn als het over de invasieve exoot de buxusmot (Cydalima perspectalis) gaat. Een overzicht van wat we tot nu weten over deze nachtvlinder:

In dit artikel:

De oorsprong en de invasie

Naar alle waarschijnlijkheid is de buxusmot in 2007 via Duitse import geïntroduceerd. Zijn leefgebied bevind zich in China, Japan en Zuid-Korea. In hetzelfde jaar werden ook de eerste motten in ons land waargenomen. Eerst alleen in het westelijk rivierengebied maar inmiddels in vrijwel heel Nederland. Hoe snel de verspreiding heeft plaatsgevonden in de tien jaar tussen 2007 en 2017 kunt u hieronder op de landkaarten zien.

bron; Vlinderstichting/NDFF

Alleen op de waddeneilanden is de mot nog niet gesignaleerd, volgens de Vlinderstichting kan dit niet lang duren voordat ook daar veel buxusplanten zullen sneuvelen. De buxusmot kan goed vliegen en is daardoor in staat om vrij gemakkelijk de oversteek te maken.

Een exoot, het woord zegt het al, komt van oorsprong niet in ons land voor. Het invasieve betekent in dit geval dat het diertje zich hier wel kan voortplanten en zijn leefgebied vrij gemakkelijk kan uitbreiden. Het (nog vrijwel) ontbreken van natuurlijke vijanden maakt zijn opmars desastreus.

Ga naar boven

De schade

Ons land is een buxusland bij uitstek. Al in de Oud-Hollandsche tuin zagen we veel Buxus en nog steeds is Buxus populair in onze tuinen. Veelal gebruiken we de heesters voor haagjes en vormsnoei. Buxus sempervirens kan als boom een hoogte bereiken van wel 5 meter. Overigens is de Buxus ook een exoot.

In het oorspronkelijke leefgebied is Buxus microphylla de belangrijkste waardplant. Duitse onderzoeken wijzen uit dat Buxus ‘Rotundifolia’, microphylla, sempervirens en sinica ook erg in de smaak vallen bij de vraatzuchtige motten. De rupsen van de buxusmot staan bekend om hun vraatzucht. Opvallende symptomen zijn dode en aan elkaar gesponnen blaadjes en ‘bladskeletten’. Er blijft niets van de struik over. Heel veel buxusstruikjes eindigen dan ook in de groencontainer.

De buxusmot herkennen

De rupsen, dan nog niet groter dan +/- 0,5 cm, beginnen in het zeer vroege voorjaar met het eten van de bladeren. In het voorjaar van 2019 was dit al eind februari.

bron; Wikipedia

De rups van de buxusmot is te herkennen aan de groenige kleur met over de lengte van de rups dikke zwarte en dunne witte strepen. Tevens zitten er wit omlijnde zwarte stippen over de gehele lengte van de rups.

bron; Wikipedia

De eerste vlinders verschijnen in april of mei. De vlinders zijn gemakkelijk te herkennen aan hun zwart-witte tekening. Ze leven maar heel kort: circa acht dagen. In die dagen planten ze zich massaal voort door hun eitjes te leggen op buxusstruiken. Vervolgens verschijnt in september een nieuwe generatie vlinders: vaak zijn dat er veel meer dan in het voorjaar.

Ga naar boven

De buxusmot aanpakken

De Vlinderstichting:

“Wat je ook doet: gebruik nooit gif om de buxusmot te bestrijden! Dan doodt je ook alle andere nuttige insecten, zoals de natuurlijke vijanden van de buxusmot. En daarmee vererger je juist het probleem.”

Het ontbreken van natuurlijke vijanden heeft dus het invasieve karakter van deze buxusmottenplaag veroorzaakt. Het gif, zowel op synthetische basis als biologische, werkt niet selectief en zorgt er dus voor dat alle insecten op de bespoten planten sterven. Ook als het een gif betreft wat alleen buxusmotten zou bestrijden, dan betekent dit dat alle aanwezige rupsen worden bestreden.

Er zijn echter nog steeds tuiniers die hun buxusplant belangrijker vinden dan alles wat er in, om en onder leeft. Chemische bestrijdingsmiddelen, ook die illegaal verkrijgbaar zijn, worden dus nog steeds gebruikt. Dit is dus onverantwoord en kortzichtig aangezien hierdoor dus ook dieren bij zijn die de motten eten.

Wat je kunt doen om schade van de buxusmot te beperken:

  • Begin vroeg in het voorjaar met het zoeken en verwijderen van de dan nog kleine rupsjes. Om de 2/3 weken herhalen.
  • Afstervende buxusplanten zsm. rooien en niet op uw composthoop gooien. Liever inleveren bij een gemeentewerf.
  • Er zijn ook feromoonvallen in de handel. Hierin zit de specifieke sexlokstof van vrouwtjes die de mannetjes van de buxusmot aantrekken. Deze vliegen in de val en kunnen daar niet meer uit. De vlinders kunnen zich dus niet voortplanten. Er zijn verschillende feromoonvallen in de handel.
  • Er zijn ook tuiniers die hun buxus bespuiten met een hogedrukreiniger en daarna de rupsen oprapen van de grond.
  • Trek dus zoveel mogelijk natuurlijke vijanden van de buxusmot, zoals diverse vogels, naar uw tuin. Lees ook; Maak uw tuin zo vogelvriendelijk mogelijk

Bij de renovatie van de tuin bij paleis Het Loo werden enkele jaren geleden alle 34 km aan buxushaagjes vervangen door een alternatief. Als u daar helaas ook aan toe bent kunt u denken aan de volgende plantensoorten:

  • Lonicera – struikkamperfoelie
  • Ilex crenata – Japanse hulst
  • Prunus – vogelkers
  • Potentilla fruticosa – aardbeiachtige struik
  • Liguster – trekt veel bijen en vlinders tijdens zijn rijke bloei

Bekijk ook dit bericht over hagen

Ga naar boven

Er is hoop!

De natuur heeft gelukkig een groot herstellend vermogen en zorgt op den duur voor natuurlijke vijanden. We zullen de buxusmot niet meer kwijtraken, maar waarschijnlijk zal de schade de komende jaren wel minder worden dankzij natuurlijke vijanden. Dit zijn bijvoorbeeld; eksters, kauwen, kool en pimpelmezen en spitsmuizen.

Bron: Vroege Vogels. Gefilmd door K. Tijsse Klasen in Wijchen en Hans Hermans in Tilburg.

In 2018 heeft het Centrum voor Landbouw en Milieu (CLM) enkele dode jonge mezen onderzocht op plaatsen in de stad waar ook de buxusmot werd bestreden. Vergeleken met mezen uit een bosgebied bevatten de ‘stadsmezen’ aanzienlijk meer bestrijdingsmiddelen.

Dit jaar gaat CLM het onderzoek op een grotere schaal oppakken. Door meer dode jonge mezen te analyseren kunnen zij meer zeggen over de relatie tussen buxusmotbestrijding en de bestrijdingsmiddelen die ze in de mezen vinden. Jullie zijn onmisbaar bij dit onderzoek. Wanneer je in je tuin plots veel dode mezen vindt in de nestkast én er heeft chemische buxusmotbestrijding in de buurt plaatsgevonden, dan wil CLM graag de dode jonge mezen onderzoeken op bestrijdingsmiddelen. Meer informatie via de website van het CLM bron: BNNVARA Vroege Vogels

Verkoop van feromoonvallen: biocontrole.nl topbuxus.com

Meer informatie en bronnen: vlinderstichting.nl vroegevogels.bnnvara.nl

Ga naar boven

Heeft u ervaring met een andere bestrijding van de buxusmot? Laat het andere tuiniers weten. Gebruik hiervoor onderstaand formulier:

Advertenties