Central Park en Frederick Olmsted door Gerritjan Deunk

Central Park in New York kan alleen omschreven worden in superlatieven. Het is maar liefst 341 hectare groot en beslaat daarmee de dubbele oppervlakte van het ministaatje Monaco. Het stadspark ontvangt per jaar 25 miljoen bezoekers, tweemaal het aantal van de top-tien toeristische attracties van Nederland samen. Het is een duidelijk herkenbaar filmdecor bij onnoemlijk vele films en tv-series.

Het park is 4 kilometer lang en loopt van de 59e tot de 110e straat op Manhattan. De omtrek is tien kilometer lang, nu een geliefd traject voor joggers, fietsers en skaters. Een half miljoen bomen en struiken werden geplant bij de aanleg; meren, roeibanen en schaatsvijvers gegraven, kilometers wandelpaden aangelegd. Toen in 1859 het Central Park voor het publiek geopend werd hadden landschapsontwerpers Frederick Law Olmsted en Calvert Vaux zestien moeizame jaren aanleg achter de rug.

Frederick_Law_Olmsted kopie 2

Frederick Law Olmsted

Frederick Law Olmsted wordt in 1822 geboren als de zoon van een welvarende koopman en groeit op in een omgeving waar aandacht is voor natuur, mensen en plaatsen. Na omzwervingen als zeeman, koopman en journalist keert hij terug naar Staten Island waar zijn vader een boerderij voor hem koopt. Daar probeert hij de nieuwe opvattingen over voedselvoorziening dichtbij grote steden in zijn boerenbedrijf te verwerkelijken. City Farming voordat het uitgevonden werd. Als boer probeert hij groente- en fruitteelt te formaliseren en te stroomlijnen en op grote schaal toe te passen. Olmsted heeft diverse interesses en is op vele terreinen actief.

Zijn journalistieke achtergrond brengt hem in 1850 naar Engeland waar hij wandelend met een vriend het Engelse landschap ontdekt en er zeer van onder de indruk raakt. De innovatieve Britse tuinontwerper Joseph Paxton had bij de Mersey rivier in Liverpool zijn Birkenheadpark ontworpen. Olmsted wandelde daar over de meanderende voetpaden en open weilanden, bezaaid met rotsen en met hier en daar boompartijen. Hij verbaasde zich over hoe knap de tuinkunst zoveel schoonheid ontleend had aan de natuur. Het park was niet een heiligdom voor een of andere lord, het was zowaar een openbaar park. Zoiets kende het democratische America niet. Nog niet. Olmsted zag Birkenhead en wist wat hem te doen stond. Terug in Amerika worden zijn ervaringen gebundeld in een succesvol boek ‘The Walks and Talks of an American Farmer in England’. Het avontuur beklijft en legt stevige fundamenten onder zijn latere ontwerp-opvattingen.

Een andere invloedrijke tocht is die voor de New York Times naar de zuidelijke staten om de slavernij te bestuderen, later gepubliceerd onder de titel ‘Explorations in the Cotton Kingdom’. Naast afkeurenswaardig vindt hij slavernij economisch inefficiënt, productie-remmend en bovendien slecht voor de werkloze blanke bevolking. De onderzoeken versterken bij Olmsted de gelijkheidsgedachte van blank en zwart. Voor openbaar groen en parken gold voor hem dat ze gelijk toegankelijk moesten zijn voor alle burgers. Nu is die gedachte algemeen, in 1850 is het geen breed gedragen idee.

 

Begin negentiende eeuw verviervoudigde het inwonertal van New York in korte tijd en de behoefte van de bevolking groeide daardoor sterk om dichtbij in de natuur aan het stadsgewoel te kunnen ontsnappen. Parijs had daarvoor bijvoorbeeld het Bois de Boulogne en Londen zijn Hyde Park. Genoemde Andrew Jackson Downing publiceerde in de voorloper van de New York Post een vlammend betoog voor de aanleg van een groot publiek park. Het gemeentebestuur van New York bestemt in 1853 een kleine drie vierkante kilometer voor een nieuw ‘central’ park.

1860_Pocket_Map_of_Central_Park,_New_York_City_-_Geographicus_-_CentralPark-olmstead-1860

Frederick Olmsted kwam min of meer toevallig in het ontwerpteam van Central Park terecht. Twee ervaren en gewaardeerde landschapsarchitecten, Downing en Vaux, namen deel aan de competitie toen Downing verongelukte. Downing had net zijn protegé Olmsted aan Vaux voorgesteld en deze vulde naadloos de leeggekomen ontwerpplek in. De jonge Frederick was welbespraakt, had veel connecties, maar -pikant detail-, geen enkele horticulturele opleiding en nog nooit een ontwerp gemaakt.

In 1857 wordt een ontwerpwedstrijd uitgeschreven en het Greenward Plan, geschreven door Frederick Olmsted en de uit Engeland afkomstige Calvert Vaux won deze competitie. In de begeleidende motivatie ‘Het park is zeer belangrijk als het eerste echte park aangelegd in deze eeuw, een democratische ontwikkeling van de grootste betekenis..’ klinkt de stem van de sociale Olmsted door. Ouderwets bleef hij bij de rigoureuze ontruiming van het enorme terrein.

Arme bewoners moesten zonder pardon wijken voor het park en verhuizen naar elders, complete dorpen werden afgebroken. Duizenden arbeiders hebben evenzovele tonnen afval en puin met emmers versleept om ruimte te maken voor een park dat rust moest brengen.

shutterstock_116584246

In Nederland wordt rond 1900 Natuurmonumenten opgericht om te voorkomen dat de laatste resten bos en hei ontgonnen worden ten behoeve van landbouw en industrie. In de Verenigde Staten is het niet anders. Olmsted kende de natuurlijk ogende landschappen in Engeland en de grote waardering ervoor van de Engelsen. Dezelfde trots mist hij in zijn vaderland. Daarom stelt hij het Congres voor een constructie van landschapsreservaten te maken ‘teneinde hun waarde voor het nageslacht te behouden’. Als eerste stelde hij Yosemite Valley voor en wordt een jaar aangesteld als adviseur.

Zijn bevindingen over het ‘sublieme en statige’ landschap leiden in 1896 tot een wettelijke regeling ter bescherming ervan. Olmsted zag het belang in van conservering van het landschap als een optelsom van losse onderdelen. Naast de waterval moest ook de ruime omgeving mee beschermd worden. ‘Kilometers landschap, waarin rotsen van enorme hoogtes, omvang en verschillende schitterende kleuren, gelardeerd en beschaduwd worden door frele gebladerte van edele en nobele bomen en struiken, weerspiegeld in de meest vreedzame meertjes en verbonden met de stilste weiden, levendige beekjes en elke variant van vredige pastorale schoonheid.’ Deze bloemige aanbevelingen misten hun uitwerking niet. Olmsted kreeg medestanders en richtte de American Society of Landscape Architects op in 1898. Via wettelijke en verenigingskanalen werden zo ook andere gebieden als de Yosemite Valley op de lijst van reservaten geplaatst waaronder de Niagarawatervallen, die dreigen opgeofferd te worden voor een electriciteitscentrale.

shutterstock_25130134

Ontwerpmethode van Olmsted

In het Olmsted-ontwerp voor het Central Park zijn de voorkeuren van de landschapsarchitect duidelijk herkenbaar. Hij gebruikt de natuurlijkheid van de locatie, de genius loci en versterkt deze of zwakt ze af. Losse onderdelen mogen niet teveel opvallen maar moeten samensmelten in een harmonisch totaalbeeld. Het gebruik bepaalt de vorm van het pad, de brug of de boompartij. Ze werken alle mee om een bepaald effect te bereiken. Een collega beschreef de werkwijze van Olmsted als die van een schilder. ‘Hij schildert met meren en groene hellingen, met grasvlaktes en oevers en beboste heuvels, met berghellingen en uitzicht op zee.’

shutterstock_82545718

De Engelse invloed sijpelt door in de pastorale en picturale stijl die Olmsted combineerde in het ontwerp van het Central Park, grote open ruimtes wisselen af met besloten, meer beschutte gedeeltes. De pastorale of landelijke stijl is te zien in uitgestrekte groene velden, kleine meertjes, bomen en bosjes die een kalmerende, helende uitwerking op de toeschouwer moeten hebben.

shutterstock_48771715

De picturale stijl laat kleinschaliger rotspartijen zien met weelderige begroeiing of wervelende alpiene planten en bodembedekkers die een gevoel van overdaad geven. Licht en schaduw voegen hier extra dimensie en lichte mysterie toe aan het parklandschap. Het gevoel van ruimte werd benadrukt door afwisselende beplanting, soms rond en zacht, soms scherp, stekelig en hoekig. Geheel volgens de landschappelijke ontwerpprincipes vergroten bochtige paden, glooiende heuvels, vergezichten en doorkijken de nieuwsgierigheid en de lust tot doorwandelen. Donkere bospaden met licht aan het eind delen het grote park op in overzichtelijke delen met nieuwe natuurlijke decors. Natuurlijke beplanting was ruim aanwezig voor het rustgevende effect, exoten werden vaak solitair geplaatst enkel als blikvanger.

Revolutionair modern was het opdelen van het park naar gebruik en functie. Om de wandelaar niet te storen werden de dwarswegen door het park verzonken aangelegd. De voetpaden slingerden eroverheen via brede viaducten  die het verkeer aan het oog onttrokken. In het park zelf reden koetsen over aparte paden en brachten rijke bezoekers naar het beginpunt van hun promenade. De bekendste is de Park Mall, een brede lange en rechte wandelweg, geheel afwijkend van het meanderende padenpatroon elders in het park. De stadse wandelaar kon vanuit zijn beschermde laan veilig vanonder de olmen de natuurlijke schapenwei bekijken. Aan het einde wachtte daarna het koetsje voor de terugtocht naar de stad.

shutterstock_87039

Naast het Central Park werkte Frederick Olmsted, in succesvolle samenwerking met Vaux in een eigen firma, aan veel andere stadsparken. waarvan de bekendste het Brooklyn Prospect Park is. Daar was hij ook met meest trots op. Van buiten het park werden bezoekers met hun koets of auto gelokt via de moderne parkways, een uitvinding van Olmsted, de nieuwe tijd harmonieus ingepast in traditionele ideeën. Eenmaal in het ruime park aangekomen was er een overvloed aan rust op gazons, in bossen, op water. De landschapsontwerper was vanuit New York verhuisd naar Boston en woonde daar in een buitenwijk in een boerderij die hij Fairsted noemde. Daar werkte hij de laatste periode aan twee grote projecten, het landgoed Biltmore van Vanderbilt, die een Engels landschap wilde en daar het nodige kapitaal voor had.

Daarnaast was Olmsted doende met de Wereldtentoonstelling in Chicago van 1893. Ironisch genoeg eindigde hij als een Van Gogh verward en vergeten in een van de inrichtingen waarvoor hij meende een rustgevende tuin te ontwerpen. De eiken van Wellington Hall konden hem niet kalmeren. Olmsted was 81 toen hij in 1903 overleed.  ‘Herinnering van naam en persoon kunnen afnemen bij het voorbijgaan der jaren, want het lot van architecten is te verdwijnen in hun werk.’ Jarenlang was hij alleen bekend bij kenners. Nu lijkt er in bredere kring een herwaardering te komen voor deze pionier ‘die met het Central Park de honderdduizend vermoeide arbeiders, die zich geen zomerverblijf op het platteland konden veroorloven, wilde voorzien van een voorbeeld van Gods handwerk, gelijk aan twee maanden verblijf in de White Mountains of de Aridondacks, maar goedkoop en onder makkelijke omstandigheden.’

shutterstock_97500977

Het Central Park zoals we het nu kennen is het resultaat van een enorm herstelplan uit 1981. Het park had sinds de aanleg de nodige pieken en dalen meegemaakt en de situatie was eind jaren zeventig niet florissant. Vooral de vele bruggen, elegante paradepaardjes uit het park, ontworpen door Vaux, waren er slecht aan toe. Het complete erfgoed werd hersteld. Bomen en struiken werden bij geplant en gazons opnieuw ingezaaid en beter onderhouden. Verder kwam er een eigen politiedistrict om de verregaande criminaliteit terug te dringen. Overdag is het hele park nu weer veilig te bezoeken, ook de wat stillere en afgelegen gedeeltes. Het is verrassend te zien hoe makkelijk nieuwe functies in het basisplan van het park toegevoegd kunnen worden. Grote manifestaties als protestbijeenkomsten en popconcerten vinden er plaats. Er worden sportwedstrijden georganiseerd van baseball tot tennis.

Daarnaast is er voor velen Shakespeare te zien en The New York Philharmonic Orchestra te horen. Kleinschaliger vindt er ook van alles plaats. Radiografisch bestuurde bootjes dobberen op de vijver en kinderen genieten van de kleine dierentuin of draaien mee in de gerestaureerde merry-go-round. Dat al deze activiteiten relatief moeiteloos opgaan in het park, dat ook nu nog steeds stilte en rust blijft bieden, is een grote verdienste van Frederick Olmsted die liefde voor bestaand landschap combineerde met moderne techniek en deze toepaste in zijn ontwerp van het tijdloos mooie Central Park.

Central-Park-New-York kopie

56-central-park-new-york-city-aerial-view-wallpaper-2

Tekst Gerritjan Deunk, foto’s Shutterstock o.a.